Plus Media

Dimitri Verhulst: 'Wij zoeken de waarde van kunst op straat'

In de VPRO-serie Made in Europe reist Dimitri Verhulst door Europa, op zoek naar kunst die verbindt. 'Er is een soort cultureel nationalisme aan de gang; wat is de Europese identiteit nog?'

Schrijver Dimitri Verhulst maakt voor het eerst een tv-programma. 'Laagdrempelig moet het niet zijn' Beeld Jiri Buller/Lumen

Een televisie heeft Dimitri Verhulst (44) niet. Niet nodig, zo'n bakbeest in de kamer. Bovendien: wat mist hij, zonder tv?

Voor de nieuwe VPRO-serie Made in Europe, naar het gelijknamige boek van Pieter Steinz, liet schrijver Verhulst zich verleiden om zelf iets te maken dat wél reden moet zijn de televisie aan te zetten. Net als Steinz' gelijknamige bestseller de tv-serie een zoektocht naar wat ons, Europeanen, verbindt.

Het korte antwoord: kunst. Het lange antwoord probeert Verhulst te geven in de serie die morgen begint op NPO 2 en Canvas.

In de eerste aflevering, over rebellie, onderzoekt Verhulst onder meer wat Pippi Langkous voor de Zweedse vrouw heeft betekend, bespreekt en bezingt hij Jacques Brel en ontmoet hij Pussy Riot-lid Nadja Tolokonnikova.

En over rebellie gesproken: Verhulst kan er zelf ook wat van. De avond voor het gesprek in eerste instantie zou plaatsvinden, zou hij in een Hilversums hotel verblijven, maar toen hij dat 's nachts niet kon vinden, is hij naar zijn woonplaats in België gereden, om niet meer terug te komen. Dan maar even schijt aan interviews.

Was dit de Jacques Brel in u?
"Het was een beetje een rommelachtige avond, excuseer. Ik was al twintig uur in touw, en dacht: ofwel ik blijf rondrijden in Hilversum of ik ga naar huis en lekker slapen. Het was eigenlijk niet rebels, maar heel pragmatisch."

U bent voor Made in Europe heel het werelddeel doorgereisd. Hoe staat Europa ervoor?
"Die vraag laat ik eigenlijk onbeantwoord in de serie. Nochtans komen er verschillende mensen aan het woord die twijfelen of een aantal verworvenheden nog veilig is. Dan moet je denken aan de vrijheid van meningsuiting, sarcasme, vrouwenrechten, et cetera."

"Met Trump hebben we er een gemeenschappelijke vijand bij. Doordat we ons aangevallen voelen, gaan we nadenken over wat we hebben. Die vraagstelling is op zich ontzettend gezond."

U noemt het in de serie een identiteitscrisis.
"Neem de brexit, dat is niet een op zichzelf staand feit. Er zijn meerdere landen die geen deel meer willen uitmaken van de Europese familie. De reden is vrijwel nooit cultureel, maar politiek of financieel."

"Mensen als Marine Le Pen en Wilders hebben hun woord op tafel gegooid. Er is een soort cultureel nationalisme aan de gang. Dat hoeft niet per definitie slecht te zijn, maar het is goed het vast te stellen. Wat is Europese identiteit nog?"

Tijdens de opnames werd u nogal met uw neus op de onrust in Europa gedrukt.
"Op de eerste draaidag, 22 maart, stapte ik om acht uur 's ochtends in de auto en zes minuten later hoorde ik op de radio over een aanslag op luchthaven Zaventem. Later landden we enkele uren na de aanslag op luchthaven Atatürk in Istanboel - het bloed werd er nog opgedweild. Twee dagen vóór de coup vertrokken we weer."

"Politicus Jo Cox werd vermoord toen we in Londen waren, een week voor de Britten voor de brexit stemden. Dus ja, je voelt wel dat er iets gaande is in Europa. Kunst staat daar niet los van. Kunst vertelt iets over wie we zijn. In Made in Europe zijn we de waarde van de kunst gaan zoeken op straat."

Is het moeilijk tussen het verderf de schoonheid te blijven zien?
"Ik denk dat het Adorno was die betoogde dat er na de Holocaust geen poëzie meer geschreven zou kunnen worden. Kan je nog wel poëzie schrijven na zoiets afschuwelijks? Mijn idee is dat het net daarom móet."

Kunst biedt troost?
"Ha, dat is een wel heel veilig beeld van kunst. Kunst mag ook verontrusten, kunst mag door elkaar schudden en ons wakker of angstig maken als daar nood toe is. Er is geen sluitende ­definitie van wat kunst moet zijn."

Hoe laat u die verschillende kanten zien?
"Het aardige aan een onderwerp als Pippi Langkous is dat dat helemaal geen usual suspect is als je het Europese kunstpallet zou samenstellen. Maar als je met mensen over Pippi Langkous praat, blijkt ze een sterke figuur die veel heeft betekend. Mensen die door Pippi de moed vonden zich uit één of ander keurslijf te wrikken."

"Bovendien is Pippi Langkous historisch gezien fascinerend: we hebben het over een boek uit 1943. In het oorspronkelijke boek brengt ze spottend de Hitlergroet. Dat zijn ­boeiende verhalen."

In hoeverre zien we een afspiegeling van de smaak van Dimitri Verhulst?
"We waren natuurlijk gebonden aan het boek van Pieter Steinz - een arbitrair lijntje. Verder hebben we mooi met elkaar gecommuniceerd. Ik ben niet de enige die een verhaal vertelt. Ook de camerman kan het aangeven als hij iets bijzonders wil doen."

"Bij literatuur voel ik me thuis. Ik ben bijvoorbeeld erg blij met James Joyce in de serie. Omdat Joyce te vaak is neergezet als onleesbare schrijver. Op straat in Dublin merk je dat veel mensen zo veel plezier hebben beleefd aan zijn boeken. Een leesfeest, zeg maar, en het gaat niet om letterkundigen, maar om gewone mensen zonder academische opleiding."

"Ik had geen zin in het soort televisie met een presentator die in één of andere lokale versnapering bijt, de camera inkijkt en zegt: 'Mmm, lekker.' Ik vond dat ik vrij moest zijn het te zeggen als ik het niet lekker vond. Als ik het niet schoon vind, wil ik zeggen dat ik het niet schoon vind."

Op uw voorspraak zit er in aflevering twee een prachtig gesprek met Jeannette Bougrab, de weduwe van Charb, één van de vermoorde tekenaars van Charlie Hebdo.
"Aflevering twee gaat over religie en vrijheid. Dan kom je, als je actueel wil zijn, bij Charlie Hebdo uit. En dichterbij dan bij de weduwe van één van de tekenaars kun je niet komen."

"Er is ook nog een andere reden dat ik haar graag wilde spreken: Bougrab dwingt ons het hele idee van hokjesdenken op te geven. Zij is een dame van rechts, was minister onder Sarkozy en was gans verliefd op een jongen van links, een communist: Charb."

"Die twee hadden een stomende relatie. Ze konden het ontzettend goed vinden met elkaar, filosofisch en ideologisch. We zijn geneigd te denken dat rechts en links onverenigbaar zijn, maar zij vonden elkaar. Dat vind ik een prachtig verhaal."

"Bougrab is ontzettend intelligent. Ze komt uit Algerije, is het kind van een moedertje van 13 jaar. Ze weet iets te vertellen over vrouwenrechten, is naar Frankrijk gegaan om te vechten voor Europese waarden."

"Haar waarden zijn die van de Verlichting; scheiding van godsdienst en staat. In Frankrijk werd ze uitgescholden, omdat ze een vreemdeling was en minder Frans is dan vele Fransen. Nu is ze weer naar elders gevlucht."

U geeft uw bewondering de ruimte.
"Wanneer dit soort mensen praat, ben je heel stil. Ik heb bijna het recht niet om mijn bek open te doen. Zij heeft alles meegemaakt en er ook nog eens goed over nagedacht. Gewoon luisteren, moet je dan."

Van Pippi Langkous bent u minder groot fan.
"Dat mag toch? Het is prettig om eerlijke televisie te maken. Het gaat nog altijd over kunst, daarin verschillen we van smaak. Natuurlijk kan je daarover discussiëren. Het zijn zelfs de fijnste discussies: iemand zet een plaat op van The Beatles en de één vindt het vreselijk en de ander geniaal."

Is Pippi Langkous ook een middel om de serie enigszins laagdrempelig te houden?
"Laagdrempelig moet het niet zijn. Je kan een drempel ook hoger leggen en het toch voor iedereen laten zijn. Waarom moet een drempel laag zijn? Mensen kunnen hun voeten opheffen, hè. Een mens moet zich aangesproken voelen."

"Ik hoop dat de cultuurliefhebber zijn portie faits divers uit de serie haalt en dat de onachtzame kijker, die met iets van argwaan tegenover cultuur in het leven staat, gaat denken: hé, leuk. Als de drempel heel laag is, zeg je bijna: mensen houd uw hersencellen maar op zak."

Verhulst zucht. "Het is een beetje mijn probleem met televisie vandaag. Ik vind dat er heel veel verkleutering is. Mensen zijn niet dom. Je ziet vanzelf dat ik in Dublin loop, dat hoef je niet uit te leggen in een voice-over. Wat mij betreft lopen we in Krakau of Doetinchem rond. Er wordt veel energie gestopt in het altijd maar uitleggen en de kijker moet bij de hand worden genomen. Ongemakkelijk. Ik mag hopen dat we dat tot een minimum beperkt hebben."

De voice-over was uw terrein, neem ik aan.
"Natuurlijk. Dat was een voorwaarde. Taal is, haha, zeg maar echt mijn ding. Ik zou het verschrikkelijk vinden met slecht geschreven teksten af te komen. Ik krijg ook niks uit mijn strot wat ik niet zelf heb geformuleerd. Het moest uit mij komen. Sterker; het is de reden dat de VPRO mij heeft gevraagd."

Verhulst: 'De voice-over komt van mij, dat was een voorwaarde. Taal is, haha, zeg maar echt mijn ding' Beeld Jiri Buller/Lumen

Voelt u zich op uw gemak in de rol van presentator? In de 85 draaidagen wordt u verwacht te leveren. Is dat niet heel anders dan als u op uzelf een boek schrijft?
"Zeker, en ik vond dat niet altijd makkelijk. Ik had liever 150 draaidagen gehad. Gewoon om op een terras te zitten, naar mensen te kijken en nog beter voeling te krijgen met de steden."

"Ik vind het moeilijk om bij mensen in hun levens in te breken met een camera. Zomaar op straat iemand aanklampen en meteen een lamp in het gezicht duwen, dat zit niet lekker. Dat heeft met mijn schuchterheid te maken, denk ik. Je moet het bij mij ook niet doen, zo ineens een micro onder mijn neus duwen. Heel ongezellig."

Heeft u Made in Europe aan Pieter Steinz getoond voor hij in augustus overleed?
"We hebben een aantal dingen in de serie gestopt dat niet in het boek zat: Nietzsche en David Bowie, bijvoorbeeld. Daar hebben we netjes groen licht voor gekregen van Pieter. Later hebben we hem de eerst gedraaide beelden laten zien. Daar was hij blij mee, maar voorts moest hij het loslaten."

Terwijl Verhulst in januari druk was met de montage, overleed VPRO-hoofdredacteur Karen de Bok plotseling, volgens de omroep omdat ze 'een uitweg koos uit een slepende depressie'.

Zij heeft jaren gewerkt aan de serie en voor u gepleit als presentator. Ook zij zal het eindresultaat niet zien.
"Ja, dat is zo. Wat kan ik daarover zeggen? Weinig, vrees ik. Karen was één van de mensen die stevig achter deze reeks stonden. Ik ben blij dat ik haar in september nog heb gezien bij de presentatie van het nieuwe VPRO-seizoen. Je kan het niet omdraaien. Het is keihard, maar daar hebben we niks over te vertellen. Zo'n gebeurtenis kun je alleen nemen zoals het is."

Opgebiecht

Leermeester: "Als het gaat over zinsbeheersing, dan heb ik het meeste opgestoken van Jeroen Brouwers."

De beste uit het vak: "Er zijn geen 'beste' schrijvers wat mij betreft. Het is geen competitie."

De slechtste uit het vak: "De eigenschap van acteurs om collega's door de drek te sleuren is een zwaktebod. Probeer zelf goed te schrijven, dat is al lastig genoeg."

Het beste advies ooit gekregen: "Blijf dit doen om mij te gedenken." (Jezus over het gebruik van wijn)

Het slechtste advies: "Geen idee."

Dimitri Verhulst
Geboren 2 oktober 1972, Aalst (België)
Opleiding twee jaar kunstgeschiedenis op Universiteit van Gent ­(gestopt uit geldgebrek)

Loopbaan:
1999:
Officieel debuut met verhalenbundel De kamer hiernaast
2001: Niets, niemand en redelijk stil
2003: Problemski Hotel (verfilmd in 2015)
2006: De helaasheid der dingen (o.a. De Inktaap- en Gouden Uil-winnaar, verfilmd in 2009)
2008: Godverdomse dagen op een godverdomse bol (Libris Literatuur Prijs 2009)
2014: Kaddisj voor een kut
2015: Boekenweekgeschenk De zomer hou je ook niet tegen
2016: Spoo pee doo
2017: Presentator van Made in Europe

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden