Plus Achtergrond

Digitale mode: geen naald en draad, maar bits en bytes

Waarom voor een Instagrampost een dure outfit kopen als je je ook in digitale mode kunt hullen? Dat is een stuk goedkoper en beter voor het milieu. Mode is toch al verschoven van de straat naar sociale media. 

Digitale couture van The Fabricant, gemaakt in samenwerking met freelance 3D-artist Alexa Sirbu uit Londen. Beeld The Fabricant

Een pioneering fashionaut noemt creative director Amber Jae Slooten zichzelf op het kantoor van The Fabricant aan de Weteringschans. Een ruimte die de succesvolle start-up deelt met technologie- en designbedrijf Your Majesty. De oppervlakte van The Fabricant neemt niet meer dan tien vierkante meter in beslag, maar de hele modeproductieketen is er vertegenwoordigd, zegt Slooten (26) trots.

Drie jaar geleden studeerde ze af aan het Amfi als eerste ontwerper met een digitale collectie. Een ontmoeting met de Fins-Amerikaanse Kerry Murphy (37), actief in de visuele 3D-wereld, leidde begin 2018 tot The Fabricant, inmiddels in techkringen bekend als pionier van digitale mode. 

Op de website zijn diverse kledingontwerpen gratis te downloaden, maar de juiste software om deze zelf perfect passend op je eigen foto’s toe te passen, ontbreekt nog. Het kan nóg niet zonder gespecialiseerde digitale kleermaker, maar dat is slechts een kwestie van tijd. “Diverse partijen zijn bezig met de ontwikkeling van de software, waaronder Instagram.”

Hopeloos ouderwets

Slooten ziet voor de toekomst oneindige mogelijkheden. “We zijn nu nog gebonden aan onze device, maar in 2050 dragen we misschien wel allemaal een lens waarmee we de digitale wereld om ons heen kunnen zien.”

Als kind was ze al gefascineerd door games, met name The Sims, waarin je poppetjes eindeloos kon aankleden. Maar haar interesse komt ook voort uit een verantwoordelijkheidsgevoel voor het milieu. 

“Er zijn gewoon te veel spullen en er blijft maar bij komen. Google landfills en je weet genoeg. Sociale media zijn een virtuele catwalk geworden, gemiddeld genomen heeft een tiener van elf tot achttien jaar vijf instagram­accounts. Hartstikke leuk dat experimenteren met zelfexpressie, maar veel kleding wordt besteld voor eenmalig gebruik op sociale media en daarna retour gestuurd, of erger: eindigt in de kliko.”

De modewereld, waarvan het gros blijft zweren bij fysieke collecties, noemt ze hopeloos ouderwets, omdat er virtueel al zo veel mogelijk is.

“En daar zijn geen fabrieken, toevoerketens, vrachtwagens, stomerijen, uitpuilende kledingkasten en dure fotoshoots voor nodig. Moeten we überhaupt nog wel fysieke kleding produceren, en wat betekent kleding dragen nog? Mode is de afgelopen tien jaar al verschoven van de straat naar sociale media, de digitale identiteit is voor jongeren bijna belangrijker dan de fysieke identiteit, #ootd (outfitoftheday) is met 277 miljoen een van de meest gebruikte hashtags.”

Oké, op school doen je coole gympen er nog wel toe, maar het gaat er vooral over welke fortniteskin echt vet is. Gamers spenderen wereldwijd miljoenen aan coole avatars, de modewereld gaat zich nu pas realiseren dat er kansen liggen. 

Zo is The Fabricant momenteel in gesprek met merken die nadenken over digital-only drops. Slooten en ceo Murphy – momenteel in Londen voor besprekingen – geven regelmatig lezingen om hun duurzame boodschap te verspreiden. Twee weken geleden bijvoorbeeld, tijdens het Koning Willem I-diner waar koningin Máxima geamuseerd luisterde.

Maar ook op het filmfestival in Berlijn, en op veel start-up- en tech-events. Daarnaast adviseren ze veel modebedrijven, waaronder Tommy Hilfiger en Calvin Klein, bij het maken van marketingvisualisaties van digitale pasmodellen. Hierdoor hebben ze tachtig procent bespaard van hun samples (proefmodellen). Die hoeven ook niet meer vanuit India heen en weer te worden gevlogen tot ze goed bevonden worden.

Voor het Italiaanse streetwearmerk Napapijri maakten ze een digitale presentatie, voor duurzame denimfabrikant Soorty een film voor de introductie van hun Gold Standard-denimproductlijn.

Voor de dertigste verjaardag van warenhuis I.T in Hongkong zetten ze de technische tekeningen van de outfits die modehuizen als McQueen speciaal voor de gelegenheid maakten om in 3D. In pop-upstores konden mensen de kleding op schermen bekijken en via een app bestellen: in no time was alles uitverkocht. Wat de vraag oproept of fysieke kleding in winkels nog wel nodig is, nu zoveel mensen toch online winkelen. 

Een stap verder gaat dat na online bestellen een kledingstuk pas gemaakt gaat worden, waardoor er geen sale en overschotten meer zullen zijn.

Met Ball

Digitale kleding is natuurlijk ook gewoon heel leuk om mee te spelen op sociale media. Slooten laat zien hoe ze te werk gaat bij het ontwerpen en ‘gooit’ een vierkante lap stof over het hoofd van een avatar. Kiest ze voor zijde dan wappert de stof mee bij het lopen, gebruikt ze daarentegen een stevige leersoort, dan zie je meteen verschil.

Alles kan worden aangepast: belichting, setting, achtergrond, de manier van lopen. Een modeshow faken in de woestijn van Oman, geen probleem. De avatars kunnen zelfs zweten, de beelden zijn hyperrealistisch, de mogelijkheden voor een ontwerper oneindig.

Wat maakt The Fabricant zo goed en onderscheidend? In tegenstelling tot het Noorse streetwearlabel Carlings, dat ook af en toe een digitale collectie lanceert (een item kost 20-30 euro), richt The Fabricant zich alleen op digitale kleding. Het bedrijf maakt dus geen enkel fysiek kledingstuk. De verschillende software die het gebruikt is voor iedereen voorhanden, maar het gaat om de mix en toepassing.

Vergelijk het met koken: leg dezelfde ingrediënten op tafel en de ene kok weet er een Michelinsterwaardig gerecht mee te maken, de ander een middelmatig dessert.

De look, feel en textuur van de kleding is bij The Fabricant hyperrealistisch en (nog) ongeëvenaard. “Noem het digitaal vakmanschap, door mijn opleiding weet ik precies welke details mooi kunnen werken, en we gebruiken soms ook stoffen die niet bestaan.” Ze toont een avondjurk waarvan de rok bestaat uit een ‘fur’ van internetkabels, zo subtiel gedaan, dat ze niet zou misstaan op het Met Ball.

In mei haalde The Fabricant de wereldpers toen een van haar couturejurken in New York tijdens een blockchain-event werd geveild voor 9500 dollar.

Slooten: “Hét bewijs dat digitale kleding waarde heeft. We maakten haar digitaal op maat voor influencer Johanna Jaskowska (bekend van de facefilters Beauty3000) waarop de ceo van een blockchainbedrijf ’m kocht voor zijn vrouw, die de jurk vervolgens op Facebook droeg. 

Een handjevol mensen heeft haar op het event in een outfit gezien, maar de foto waarop ze onze digitale jurk draagt is honderdduizenden keren bekeken, dus welke jurk is nu beter? In plaats van met naald en draad werken wij met hoge resolutie bits en bytes, maar het blijft een uniek stuk.”

Kim Kardashian

Het bedrijf timmert zo hard aan de weg dat Adriana Hoppenbrouwer – voorheen onder meer werkzaam in marketing bij Nike en ex-cmo bij Hema – zich inmiddels bij het managementteam heeft gevoegd. Verder wordt er gewerkt met 3D-modelers en een 3D-kleermaker elders in Europa.

Hoe realistisch is nu al die populaire kleding in games? Belabberd slecht. De skins in het spel ‘Kim Kardashian: Hollywood’ zijn zelfs lachwekkend en lijken zo uit een kleuterboek te komen. 

Ontwerper Jeremy Scott, creative director van Moschino, maakte een fysieke kledinglijn geïnspireerd op The Sims 4, maar daarvan kun je alleen de hoodie digitaal aanschaffen om in de game te dragen. Deze zit op de avatar ‘geplakt’ en beweegt niet mee. 

Dat laatste geldt ook voor outfits in Fortnite. De voetbaltenues in het kersverse FIFA20 zijn realistisch en bewegen daadwerkelijk mee met de bewegingen van de speler, maar zouden beter kunnen. De kleding van het publiek is nog steeds dramatisch.

Slooten: “Logisch, want het spel wordt gemaakt door gamedesigners, er zijn geen 3D-kledingmakers bij betrokken.”

Klant van de toekomst

Hoe Louis Vuittons avatars voor de populaire online game League of Legends (dagelijks acht miljoen gebruikers) eruit gaan zien, is afwachten. “Wat me zó tegenvalt”, zegt Slooten, “is dat ze daarnaast óók weer een speciale fysieke capsulecollectie uitbrengen. Dáár gaat het dus om. Om nieuwe zieltjes, de klanten van de toekomst, te winnen, en nóg meer kleding te verkopen.”

Wat nu als Louis Vuitton The Fabricant voor een paar miljoen wil inlijven? “Dan doen we dat niet,” zegt Slooten. “We willen films voor modehuizen maken en helpen met het digitaliseren van hun supplychain, maar alléén als ze iets willen bijdragen aan oplossingen van het milieuprobleem. Heel idealistisch, maar zo sta ik erin.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden