Michael König en Eva-Maria Westbroek in Die Walküre.

Plus Operarecensie

Die Walküre door De Nationale Opera stelt wat teleur

Michael König en Eva-Maria Westbroek in Die Walküre. Beeld Ruth Walz

Wagners Der Ring des Nibelungen in de visie van regisseur Pierre Audi was bij De Nationale Opera – twintig jaar geleden alweer! – een onvergetelijke gebeurtenis. Dankzij de suprematistische decors van George Tsypin, de kostuums van Eiko Ishioka en de onorthodoxe positionering van het Nederlands Philharmonisch Orkest, dat onder leiding van Hartmut Haenchen in de loop der jaren tot grote hoogten steeg, was dit een Ring voor de annalen. Voor de mensen die het vierluik en zijn ook afzonderlijk opgevoerde onderdelen tussen 1998 en 2014 misten, zijn er alleen nog de dvd’s, want de decors van Das Rheingold, Siegfried en Götterdämmerung bestaan niet meer. Datzelfde lot wacht na 8 december ook het hout en metaal voor Die Walküre, na de nu toch echt allerlaatste hernemingen van dag twee uit het Bühnenfestspiel für drei Tagen und ein Vorabend.

Jaap van Zweden

De Walküre-productie die nu voor de vijfde keer wordt hernomen, is om minstens drie redenen interessant. Voor het eerst is niet Haenchen, maar de scheidende operachef Marc Albrecht de dirigent en Eva-Maria Westbroek maakt haar Nederlandse scenische debuut in haar lijfrol van Sieglinde. Op de achtergrond resoneert bovendien deze prikkelende vraag: hoe verhoudt Albrechts Walküre zich tot die van Jaap van Zweden, die twee weken terug nogal spectaculair uitpakte?

Het is geen wedstrijd, maar Van Zweden, die natuurlijk de akoestiek van Het Concertgebouw meehad, was aanzienlijk overtuigender. Opeens bleek Audi’s idee het orkest aan de rechterkant van de bühne, diep naar achteren lopend, op te stellen, toch onbevredigend. De klank werd er diffuus en vlak van (zonder de pregnante herinnering aan Van Zweden had ik dit nooit durven noteren). Omdat daarnaast het NedPho iets te vaak zijn dag niet leek te hebben, kon Albrecht de wellicht onrealistisch hoge verwachtingen niet waarmaken.

In de rij bij de bakker

Mooi aan deze Walküre blijft dat het publiek door het ontbreken van een orkestbak bovenop de actie zit, waardoor de zangers ook als acteurs kunnen schitteren. Niet iedereen ging dat goed af. De Siegmund van Michael König onderging alles met een gezicht alsof hij in de rij stond bij de bakker. En ook de Fricka van Okka von der Damerau had wel wat meer pijn mogen laten zien.

Westbroeks Sieglinde was daarentegen op alle fronten overtuigend en ontroerend, Iain Paterson als Wotan (met het ooglapje rechts en niet links, zoals al zijn voorgangers) begon sterk, maar doofde in akte drie wat uit, Stephen Milling was een perfecte, fysiek indrukwekkende Hunding en Martina Serafin een prima, zij het wat koude Brünnhilde, die als een volleerde Ronaldo over het podium kon rollen.

Wagner-Die Walküre

Door De Nationale Opera
Met Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Marc Albrecht
Gehoord 16/11, Nationale Opera & Ballet
Nog te horen 20, 24, 27/11 en 1, 4, 8/12

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden