Plus Hype

Dichten op Instagram over de dingen

Poëzie dood? Allesbehalve. De dichtkunst geniet ongekende populariteit, mede dankzij het medium dat in eerste instantie voor foto’s bedacht was: Instagram.

Een vrolijk versje van Lars van der Werf, ruim 800 likes en ook iets om over door te praten. Beeld Lars van der Werf

Uitverkochte wereldtournees, interviews in Rolling Stone en Vogue, op de bank bij Jimmy Fallon’s The Tonight Show en fotoshoots vol pracht en praal: als je niet beter weet zou je denken dat Rupi Kaur een popster is. Maar nee. De 27-jarige Indiaas-Canadese is een dichter. Specifieker: een Instadichter. En met een volgersaantal van 3,8 miljoen geen kleintje ook.

Kaur is het boegbeeld van een nieuwe lichting dichters die hun werk niet alleen uitbrengen in boekvorm, maar ook delen op sociale media. Instagram in het bijzonder. Met succes: Kaurs eerste boek, Milk & Honey, werd in veertig talen vertaald en meer dan 3,5 miljoen keer verkocht. In 2017 stootte ze in de VS Homerus’ Odyssee van de troon als meest verkochte poëzie.

Ze is niet de enige met succes. Volgens onderzoeksbureau NPD Group werd in 2017 de helft van alle verkochte poëziebundels in de Verenigde Staten geschreven door een Instadichter. Ook in Nederland zijn Instadichters populair. Op Bol.com bestond 24 procent van de top honderd best verkopende dichters in 2018 uit Instadichters; in de top tien ging het zelfs om 60 procent.

Visueel en deelbaar

Wat maakt poëzie dan zo geschikt voor Instagram? Kila van der Starre (31), literatuurwetenschapper aan de Universiteit Utrecht, doet onderzoek naar poëzie buiten het boek, waaronder Instagram. De kracht zit hem volgens haar in het beknopte karakter. “Voor een roman is op Instagram geen ruimte. Poëzie past juist wel binnen dat ‘Instagramvierkant’. Bovendien is het een heel visuele vorm van tekst.” Ook het deelbare karakter speelt mee. “Of het nu mondeling of geschreven was: poëzie heeft altijd in de vorm van gedichten door de samenleving ­gereisd. Dat is niet anders op Instagram. Het medium past daardoor goed bij het genre.”

Hoewel vrijwel alle poëzie op Instagram kort, simpel en toegankelijk is – je moet de tekst immers snel kunnen begrijpen tijdens het scrollen – zijn er duidelijke verschillen tussen Nederlandstalige en Engelstalige Instadichters. Van der Starre: “Bekende Engelstalige Instadichters zijn vaker geëngageerd. Ze gebruiken vrij vers, zonder rijm, om over liefde en verdriet te schrijven, maar ook om onderwerpen als emancipatie, het lichaam, seksueel geweld en discriminatie aan te kaarten. In Nederland is dat veel minder. Hier is light verse heel populair: humoristische poëzie met zelfspot en eindrijm. Het soort poëzie dat we ook van Toon Hermans, Drs. P en Annie M.G. Schmidt kennen.”

Lars van der Werf (31), bekend geworden met optimistische ‘Versjes van Lars’ op Facebook (31K volgers) en Instagram (22K volgers), herkent zich in die lichtvoetige klassiekers, zowel inhoudelijk als qua vorm. “Zij maakten gebruik van het medium van hun tijd: televisie. Ik van het medium van mijn tijd: Instagram.”

Hoewel Van der Werf beduidend minder volgers heeft dan Kaur, legt Instagram ook hem geen windeieren. “Ik ben begonnen op sociale media en bracht daarna pas mijn eerste boekjes uit. Nu gebruik ik het als manier om gratis reclame te maken. Ik treed bijna driehonderd keer per jaar op: in boekhandels, bibliotheken en op bruiloften en partijen. Ik kan inmiddels van mijn dichtwerk leven. Het mooie aan sociale media is dat je je eigen podium creëert. Je hebt de elitaire podia niet meer nodig en nu merk je dus dat er een enorm publiek is dat eerder niet werd bediend.”

Mening en leeftijd

Hoe populair de Instadichters ook mogen zijn, er klinkt ook kritiek. De gedichten zouden niet onder poëzie moeten worden geschaard, stellen critici: te vlak, te vluchtig en te veel woordgrapjes. Van der Starre: “Ik snap wel dat mensen dat zeggen, maar het wordt heel erg gekoppeld aan het medium Instagram en de mening van de journalist over dat medium. Iets wat overigens vaak samenhangt met de leeftijd van die journalist.”

Ze vervolgt: “Instagram is zeker vluchtig, maar er wordt ook gespeeld met de visuele lagen van gedichten: handschrift, typemachinefont en illustraties die extra betekenis geven aan de tekst. Net als hashtags en het bijschrift. Taal heeft een vorm nodig om te bestaan en die vorm is niet neutraal. Dat maakt discussies over ‘poëzie is dood’ en ‘het einde van de literatuur’ zo interessant: de focus ligt nog altijd op lezen van papier, terwijl uit mijn onderzoek blijkt dat bijna 60 procent van de volgers van Nederlandstalige Instadichters dagelijks poëzie op Instagram leest.”

Leidt de trend tot vervlakking van de dichtkunst? “Voeg nog een p toe en je hebt Instappoëzie. Dat kan je zien als de toegankelijke vorm, maar ook als de manier om werelden te openen, interesse te wekken en meer poëziegebruikers te kweken.”

Door: Steffi Posthumus

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden