PlusAchtergrond

Deze expositie laat de vele gezichten van Bali zien

De expositie Bali – Behind the Scenes in het Tropenmuseum laat de vele gezichten van Bali zien. Kunstenaar Made Bayak doet dat met zwerfplastic.

Een kunstwerk van Made Bayak, gemaakt van zwerfplastic.Beeld Made Bayak

Voor veel Nederlanders is Bali niet meer dan een ­paradijselijke feest- en vakantie­bestemming met witte zandstranden en blauwe wateren. Dat beeld doet het eiland tekort, vindt conservator Zuidoost-Azië Francine Brinkgreve van het Tropen­museum. In de door haar gecureerde expositie is Bali te zien door de ogen van zijn bewoners. 

“We vertellen over het koloniale verleden en laten de gevolgen van het massatoerisme zien. Maar het gaat ook over de tradities en de cultuur van Bali. Die cultuur staat weliswaar onder druk van het massatoerisme, maar is nog spring­levend. Je neemt hier als het ware een kijkje achter de schermen van het paradijs.”

Aan het begin van de tentoonstelling waan je je in dat paradijs: de grond is bezaaid met zand en de blauwe muren wekken de illusie van een helderblauwe lucht. Femke Haage, verantwoordelijk voor de marketing van het museum: “Dit hebben we zo ingericht dat het net een ansichtkaart lijkt. Vervolgens word je uitgenodigd ­verder te kijken dan dat.”

Hedendaags kunstenaar en Balinees Made Bayak werkte mee aan de tentoonstelling en maakt zogenoemde ‘plasticology art’, kunst waarin plastic verwerkt zit. Hij komt uit het dorpje Tampaksiring. De waterbron waar hij als kind in zwom, vulde zich in de loop der jaren met zwerfplastic. “Ik dacht na over welk tegengeluid ik als artiest kon laten horen. Eerst tekende en schilderde ik erover, maar dat vond ik te zwak om de boodschap over te brengen.”

Rivieren worden regenbogen

Hij maakte de installatie Rainbow Dragon, waar je pal tegenaan loopt als je de expositie betreedt. Het kunstwerk moet een Naga voorstellen, een tweekoppig monster uit de mythologie van het hindoeïsme en boeddhisme. De draak staat voor Balinezen symbool voor water.

“De Naga wordt aanbeden in de Balinese cultuur, omdat we een speciale connectie met water hebben. Maar kijk hoe we met ons water omgaan: de rivieren worden regenbogen vanwege al het plastic dat erin drijft.” Een filmpje dat wordt afgespeeld op een scherm aan de muur bevestigt het beeld dat Bayak schetst: daarop is te zien hoe hij van alles uit een rivier in zijn dorp vist.

Het plastic dat Bayak gebruikt voor zijn kunst, haalt hij van de straat of uit het water. “Dat is wel lekker makkelijk.” Hij gebruikt alleen plastic zonder waarde, een enkele teenslipper bijvoorbeeld. De drakenkop bestaat voornamelijk uit koekjesverpakkingen.

Die plastic vervuiling is overigens niet alleen aan de toerist te wijten: Balinezen kunnen er zelf ook wat van, vertelt Bayak. “Overal om me heen zie ik mensen plastic in de natuur gooien. Vroeger hadden we geen plastic op Bali, we ­gebruikten bananenblad. Dat kon je zo terug de natuur in gooien. Veel Balinezen weten niet dat dat met plastic anders is. Tijden veranderen, maar gewoontes veranderen niet mee.”

Tegelijkertijd laat de expositie zien hoe het gebruikelijke eilandleven doorgaat: er zijn tekeningen te zien in rijstvelden met altaartjes voor rijstgodin Dewi Sri, en op schermen worden beelden van oude gebruiken, zoals uitvaart­rituelen en het vijlen van tanden, afgespeeld.

Oude gebruiken

Toerisme helpt zelfs bij het in stand houden van die oude gebruiken. Dankzij de inkomsten die het genereert, kunnen nog grotere ceremonies worden gehouden, aldus conservator Brink­greve. “Ook dit is een van de gezichten van Bali.” Tegen toeristen zegt Bayak dan ook: blijf komen, maar laten we samenwerken om het eiland leefbaar te houden.

Een van de zalen van de expositie is volledig ­gewijd aan koloniale invasies op Bali. Waar veel lokale vorsten zich overgaven, gingen de militaire expedities in regentschappen Badung en Klungkung niet zonder slag of stoot. Brink­greve: “De vorsten wisten dat ze machteloos stonden tegenover de Nederlandse kanonnen en schepen. Desalniettemin gingen ze de strijd aan, ze hielden de eer aan zichzelf.”

In een vitrine staat een dolk met houten greep. Oorspronkelijk was dat een greep van goud, vertelt Brinkgreve. “Maar dit hout bracht leven, was de overtuiging, en dus werd de greep verwisseld. Het was een laatste strohalm.”

Tijdens de invasie is er veel geplunderd door militairen. Die ‘oorlogsschatten’ staan nu uit­gestald in de tentoonstelling. Tegen de muur staan twee levensgrote paleisdeuren. “Die werden niet eens gezien als buit. De soldaten gebruikten de deuren als loopbrug. Nu zijn het monumenten van het verwoeste paleis.”

Iconisch plastic tasje

Even verderop, in een andere zaal, hangen verschillende schilderijen van hedendaagse kunstenaars aan de muur. Een van de schilderijen is gemaakt door Bayak. Er staat een dame op af­gebeeld in een kostuum dat gedragen wordt tijdens de traditionele, heilige Sanghyang dans (zie foto). Het valt in eerste instantie niet op, maar wie goed kijkt ziet dat er een hoop plastic in het schilderij verwerkt zit.

“Het zijn vooral plastic tasjes. Dat zwart-wit gestreepte tasje rechts bovenin is iconisch voor Bali, je ziet het overal. Een ander plastic tasje is van een 24 uurswinkel. Het laat zien hoe de cultuur verandert: traditionele warungs zijn veranderd in moderne, haastige winkels. De danseres laat dan weer zien hoe onze cultuur gewaarborgd blijft.”

Een grote drakenkop markeert het einde van de tentoonstelling. Het is de tweede kop van de Naga, waarvan de eerste je al begroet bij binnenkomst. Bayak: “De Naga heeft een leidende functie in de Balinese cultuur. Nu leidt hij bezoekers door de tentoonstelling.”

Bali – Behind the Scenes: t/m 10/1/2021 in het Tropenmuseum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden