PlusReportage

De wereld ligt aan de voeten van deze Amsterdamse ontwerpers

Mohamed BenchellalBeeld -

Bij de uitreiking van de prestigieuze Vogue Fashion Prize voor Arabisch talent gingen twee Marokkaanse Amsterdammers er met de belangrijkste prijzen vandoor: Mohamed Benchellal en Karim Adduchi. 2021 wordt een jaar waarin dromen vervuld worden.

Zijn telefoon staat roodgloeiend, internationale pers wil weten wie die getalenteerde Marokkaanse Amsterdammer is. Allemaal erg leuk, vindt Mohamed Benchellal (36), maar tussendoor moet er ook nog gewoon gewerkt worden. Op 17 december werd hij uit tien finalisten in het Armani Hotel in Dubai – in Burj Khalifa, het hoogste gebouw ter wereld – tot winnaar verkozen van de Vogue Fashion Prize 2020, een prestigieuze internationale modeprijs voor Arabisch talent, waarmee 150.000 dollar gemoeid is. Onwerkelijk vond hij het, maar hij is uiteraard zeer blij met de erkenning, en zijn ouders zijn apetrots, zegt hij. “Ze stonden niet te springen toen ik dit beroep koos, omdat het financieel meestal afzien is, maar nu begrijpen ze het. Al het harde werken betaalt zich eindelijk uit.”

Nieuwe hoofdsponsor van de prijs die vijf jaar geleden in het leven werd geroepen, is Neom, het miljardenproject van de Saoedische kroonprins Mohammed bin Salman. In 2030 moet het een zelfvoorzienende, duurzame modelstad zijn met een circulaire economie. Naast een selectie uit eerdere collecties, een toekomstvisie en een marketingplan, was finalisten derhalve gevraagd drie schetsen te presenteren voor de ‘Neomchallenge’, waarbij de nadruk op toekomst en duurzaamheid moest liggen. De juryleden, onder wie couturier Jean Paul Gaultier, Angelica Cheung, hoofdredacteur van Vogue China, en Noura bint Faisal Al-Saud, waren onder de indruk van Benchellals couture, altijd gebaseerd op de drie R’s: recycle, reduce and re-use. “Deels uit geldgebrek, daardoor moest ik op zoek naar creatieve oplossingen.”

Hij kon een grote partij denimschorten bemachtigen van een bedrijf dat door de pandemie failliet ging. Ze dienden als basismateriaal voor de Neomchallenge: een look geïnspireerd op een safaripak, een enkellange shift dress met een trimming van gedroogde palmbladeren, plus een strapless jurk gedragen met een ‘overhemdcape’ van gerecyclede nylon. Omdat Neom zal verrijzen op 3500 jaar oude grond, dook Benchellal ter inspiratie in het Allard Pierson Museum in artefacts van diverse beschavingen.

Benchellals winnende collectie Vogue Fashion Prize 2020Beeld Tim Verhallen

Tijdloze schoonheid

Benchellals collectie zal in maart, tijdens de Parijse modeweek, in de showroom van Vogue Arabia hangen, waar duizenden potentiële inkopers over de vloer komen. Ook mag hij een demicouturelijn ontwerpen die verkocht zal worden bij luxe e-retailer Net-A-Porter, en wordt hij gecoacht bij de ontwikkeling van zijn merk. Benchellals handschrift: “Klassieke tijdloze schoonheid en constante verfijning daarvan. Zo kan ik bijvoorbeeld een overhemd steeds opnieuw interpreteren. The devil is in the detail.

Zijn grootouders, afkomstig uit Nador in Noord-Marokko, hadden in Lelystad een atelier aan huis. Het geluid van de naaimachine en de stofsnippers op de grond triggerden iets in de jonge Mo. Niet veel later kleedde hij zijn vrienden, doorliep hij het Mode Lyceum Amsterdam en werd hij enkele maanden in Beiroet door Reem Accra (vooral bekend vanwege haar dramatische bruidsjurken) gecoacht. “Jarenlang maakte ik alleen one-offs, maar in 2015 besloot ik er helemaal voor te gaan en een eigen couturehuis op te richten.” Hij heeft er altijd alles, van A tot Z, in zijn eentje gedaan. Van het maken van de patronen, het knippen van de stoffen, het borduurwerk tot het aannemen van de telefoon. De prijs ziet hij ook als aanmoediging om een team te verzamelen. Onlangs betrok hij al een groter atelier aan de Prinsengracht.

Benchellals winnende collectie Vogue Fashion Prize 2020Beeld Tim Verhallen

Namen van klanten noemen wil hij niet. “De meesten willen privé blijven.” Maar dit jaar verwacht hij wel klanten die hem internationaal op de kaart gaan zetten, zegt hij. Zo krijgt hij aanvragen binnen uit Hollywood, het Deense model Helena Christensen droeg al eens iets van hem, net als zangeres Camila Cabello. “Het is een sneeuwbal die niet te stoppen is.” Veel fans uit Californië, het Midden-Oosten en Azië zaten te wachten op een pret-a-couturelijn – goedkoper dan couture, want in een kleine oplage geproduceerd, maar nog wel deels handwerk.

Duurzame looks

Een van Benchellals ontwerpen siert de cover van het januarinummer van Elle Kroatië. “Ik heb tussen de twintig en veertig publicaties per maand, dat is vrij veel voor een kleine onderneming.” Hij stuurt zijn kleding zelf de wereld over, zo stond hij dit jaar onder meer in de Russische Numéro, Spaanse Vogue en Harper’s Bazaar US.

Karim Adduchi, kunstenaar en eveneens couturier in Amsterdam, is al een bekende in internationale mode- en Arabische kringen. Zo staat hij in de Forbes 30 Under 30, in de Europese én in de Midden-Oostlijst. Ook gaf hij al een coutureshow in Parijs op uitnodiging van de Chambre Syndicale. “Op de officiële couturekalender, net als Viktor & Rolf, Ronald van der Kemp en Iris van Herpen. Dat was echt een mijlpaal.”

Karim Adduchi

Benchellal en Adduchi hadden elkaar vreemd genoeg nooit eerder ontmoet, maar zijn tijdens hun tiendaagse verblijf in Dubai bevriend geraakt. Adduchi (32) ging er met de tweede prijs vandoor á 50.000 dollar. Zijn drie duurzame looks waren gemaakt van leer ge­creëerd uit bladeren, van cactuszijde, en voor look nummer drie gebruikte hij een zeewierextract en bamboevezel. “Zeer gevoelige materialen, de uitdaging zit ’m in het gebruik ervan.”

De prijs betekent een nieuwe stap in zijn toch al succesvolle en bijzondere carrière. “Een platform, uitbreiding van mijn netwerk, een plek in de showroom in Parijs in maart en hopelijk verkoop bij net-a-porter.com. Dat is eigenlijk alleen weggelegd voor de winnaar, maar dit jaar is alles anders vanwege de pandemie. Ik wacht alleen nog op de bevestigende e-mail,” zegt Adduchi in zijn atelier in het WOW-gebouw in Oud-West, waar hij altijd met gerecyclede materialen werkt. Zo maakte hij eens een avondjurk van een oud Berbertapijt, die inmiddels deel uitmaakt van de permanente collectie van het Tropenmuseum.

Berbervrouw

Adduchi wil met zijn werk de Berbervrouw een stem geven en het buitengewone Marokkaanse vakwerk belichten. “Ik ben geen doorsnee Arabische ontwerper, ik maak geen glitterjurken, mijn werk is zeer persoonlijk. De jury in Dubai was gecharmeerd van het duurzame aspect van mijn label, maar vooral ook van het feit dat ik ook bij commerciëler werk trouw blijf aan mijn roots.”

Karim Adduchi gebruikt gerecyclede materialen. Zo maakte hij een jurk uit een oud Berbertapijt.Beeld -

Met zijn werk wil Adduchi – geboren in een kleermakersgezin in Imzouren, opgegroeid in Barcelona, afgestudeerd aan de Gerrit Rietveld Academie – tevens mensen verbinden en bruggen slaan tussen culturen. Zo houdt hij regelmatig open atelier voor nieuwkomers en Marokkaanse vrouwen uit zijn buurt. “Samen zingen, schilderen, een look creëren en koken, met vrouwen uit Irak, Syrië en Eritrea. We hebben zoveel lol.” Dit jaar maakte hij in zijn eentje 5000 mondmaskers voor de daklozenopvang.

Zuiverende werking

In maart begon hij met zijn The World Makers foundation ‘Project Social (Distancing) Fabric’, waarvoor hij 200 tekeningen op stof verstuurde naar families in Nederland, China, Amerika, Spanje en het Midden-Oosten, die zich hadden aangemeld via sociale media. “Ook ouderen in Nederland en bewoners van asielzoekerscentra vergaten we niet. Iedereen borduurde mijn tekeningen met naald en draad, stuurde het resultaat terug en binnenkort wordt het aaneengeregen tot groot gezamenlijk kunstwerk. Mode is een universele taal en kan een helende, zuiverende werking hebben.”

Momenteel is hij druk met zijn project ‘Golden Age jurken’, waarvoor hij de depots induikt van het Rijksmuseum en het Amsterdam Museum, om er uiteindelijk interpretaties van te maken. Daarnaast geeft hij, in samenwerking met de gemeente Amsterdam, creatieve workshops aan kinderen uit gezinnen in West, Oost en Noord met een laag inkomen.

Zijn klantenkring bevindt zich voornamelijk buiten Europa: in Japan, Amerika, Marokko en het Midden-Oosten. “Mijn klanten zijn altijd zeer privé, ik post geen foto’s van ze, ook niet van de ontwerpen en scherm niet met namen. Dat wordt zeer gewaardeerd.” Verwacht hij dit jaar een forse toename van het aantal klanten? Met een glimlach: “Ik probeer geen verwachtingen te koesteren, ik verkeer namelijk nog in overlevingsmodus na een rampjaar. Maar die suggestie lijkt me, met alle media-aandacht en nieuwe kansen in het verschiet, onvermijdelijk.”

Mytheresa

De Duits-Nederlandse luxe e-retailer Mytheresa wil met een beursgang op Wall Street 150 miljoen dollar ophalen. In het eerste kwartaal van het boekjaar 2020-2021, dat begon in juli, boekte het bedrijf 9,6 miljoen euro ­nettowinst, versus een verlies van 4,3 miljoen euro in 2019. De wereldwijde pandemie heeft voor een boom in online shopping gezorgd. Het bedrijf had eind september 522.000 ‘actieve klanten’.

Mode in Parijs

Ondanks alle covidrestricties belooft de mannen­modeweek in Parijs, van 19 tot en met 24 januari, interessant te worden. Nieuwkomers op de officiële kalender zijn het Britse Wales Bonner, het Japanse Kolor en het Franse label LGN Louis-Gabriel Nouchi. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden