De Stijl overal absolute leiding. De briefwisseling tussen Theo van Doesburg en Anthony Kok

Theo van Doesburg (1883-1931) is de Nederlandse modernist bij uitstek. Hij was begin vorige eeuw betrokken bij dadaïstische tijdschriftjes, publiceerde poëzie en kunstbeschouwingen en was bevriend met Piet Mondriaan. Werkelijk wereldberoemd werd hij met zijn tijdschrift De Stijl. Niet verwonderlijk dat veel over zijn contacten gepubliceerd is. Des te boeiender is het nu verschenen boek waarin zijn correspondentie is opgenomen met een Tilburgse spoorwegman die vrijwel onopgemerkt is gebleven: Anthony Kok.

Als Kok niet in zijn nauwe 'pesthok' op perron 1 van het Tilburgse treinstation zat, was hij actief als dichter, pianist en wijsgeer. Hij is waarschijnlijk met Van Doesburg in contact gekomen toen die vanaf augustus 1914 als infanteriesoldaat in de buurt van Tilburg was ingekwartierd. Over hun ontmoeting doen diverse verhalen de ronde. Het mooiste is in elk geval de versie waarin de soldaat, door Tilburg ronddwalend 'op zoek naar cultuur', aangetrokken werd door de pianoklanken die uit Koks huis te horen waren.

De twee mannen waren hevig geïnteresseerd in kunst, maar verschilden verder hemelsbreed. Kok was een man van de rustige regelmaat, een vrijgezel die eerst met zijn moeder en daarna met zijn ongetrouwde zus woonde, tot zijn dood in 1969, en zich geen frivoliteiten veroorloofde. Van Doesburg was een bon vivant. Hij besteedde veel aandacht aan zijn uiterlijk, liet zijn vriend de dadaïst en schoenmaker Evert Rinsema lakschoentjes voor hem ontwerpen, onderhield contacten met talloze kunstenaars en zette, hoewel hij getrouwd was, in Tilburg een intensief liefdesleven op touw.

In de inleiding bij deze correspondentie schrijft Alied Ottevanger dat Van Doesburg via Kok Lena Milius leerde kennen. Zij zette haar verloofde aan de kant en werd Van Doesburgs geliefde, later zijn tweede echtgenote. Zij was haar nieuwe vriend volledig toegewijd en stelde zich open voor zijn artistieke opvattingen en levenswijze. Ook zou hij relaties hebben gehad met Lena's zus, een man en een zekere Bertha.

De correspondentie die Ottevanger bijeen heeft gebracht, bestaat uit 240 brieven en briefkaarten. Het merendeel (232) is geschreven door Van Doesburg, Lena en Nelly. Er zijn slechts enkele brieven van Kok aan Van Doesburg en Nelly bewaard gebleven. Een stoet namen en stromingen trekt voorbij, vooral in verband met De Stijl. Kok werd ook gevraagd mee te werken, en dat deed hij ook een enkele keer.

Van Doesburg was niet alleen de enige redacteur van De Stijl, hij ontpopte zich via dit tijdschrift tot een nieuw type kunstenaar, de artist-editor. Met eigen werk, een eigen tijdschrift en niet te vergeten zelfgekozen medewerkers als Piet Mondriaan, Bart van der Leck en architect J.J.P. Oud verschafte hij zich een vooraanstaande plaats in de avant-garde.

We lezen de ene keer over architect Friedrich Kiesler, die in Wenen de toneelwereld radicaal wilde veranderen door 'een theatermachine' te bouwen, dan weer over een ontmoeting met de Italiaanse futurist Filippo Marinetti of over een optreden van Hans Arp in Berlijn. Op tal van terreinen werd geëxperimenteerd, met het irrationele, met de vierde dimensie in de wiskunde en met het occulte gedachtegoed van oosterse filosofen.

Van Doesburg had tegen Kok niet het bazige en hanige dat hij tegen medekunstenaars ten toon spreidde. Waarschijnlijk omdat hij aanvoelde dat Kok geen concurrent van hem zou worden. Kok liep niet naast zijn schoenen toen Van Doesburg hem schreef: 'Jouw verzen vind ik als objectieve poëzie zeer volmaakt.' Het moet voor Van Doesburg ook een bevrijdende gedachte zijn geweest dat iemand die zo leefde als Kok, toch openstond voor moderne en antiburgerlijke ideeën.

De brieven van Van Doesburg aan 'Kokkie' laten zich lezen als één langgerekt, maar altijd haastig verslag van ontmoetingen, ambitieuze plannen en lezingen die Van Doesburg had gegeven of bijgewoond. Blijkbaar reageerde Kok steeds stimulerend en soms liet hij zich zelfs overhalen zijn vrienden in Weimar, Parijs of Straatsburg te bezoeken.

Naarmate Van Doesburg bekender werd, verflauwde het contact een beetje. In 1930 woonde hij samen met Nelly in Meudon, bij Parijs. Zijn gezondheid liet te wensen over. Op 9 maart 1931 viel een briefkaart bij Kok op de mat: 'In den nacht van Vrijdag op Zaterdag 7 maart 1931 om 2 uur is Does door een hartklopping indirect door 'n asthma aanval getroffen. Hij was geheel buiten kennis.'
De laatste brief is van Kok aan Nelly. Opvallend is de religieuze symboliek in deze condoleancebrief. 'Hoe verrukkelijk moet zijn ziel zich nu wel voelen nader tot God, in een heerlijk licht zijnde, met oneindige ontwikkelingsmogelijkheden om zich.' Alsof de spoorwegman de niet-gelovige Van Doesburg nog een ultiem experiment toewenste. (HANS RENDERS)

De Stijl overal absolute leiding. De briefwisseling tussen Theo van Doesburg en Anthony Kok
Bezorgd door Alied Ottevanger, RKD-Bronnenreeks, deel 5,
Uitgeverij Thoth, 39,90 euro.

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden