Plus Geschiedenis

De Stadsbibliotheek: een weerslag van honger naar kennis

Boekhistoricus Jos Biemans wilde een beknopte geschiedenis schrijven van de in 1578 in de Nieuwe Kerk aan de Dam opgerichte Stadsbibliotheek. Het werd een kloek en rijk geïllustreerd boek over de laatmiddeleeuwse boekgeschiedenis.

Een typische Amsterdamse bibliotheekband uit de werkplaats van Harmen Allertsz Coster. Beeld Stephan van der Linden

Bibliothecaris en boekhistoricus Herman de la Fontaine Verweij (1903-1989) zei ooit: “Wie zich verdiept in de oudste ­geschiedenis van de Amsterdamse stedelijke bibliotheek, waarvan de Universiteitsbibliotheek de regelrechte voortzetting is, ziet zich terstond voor raadselen geplaatst.” Jos Biemans was dus gewaarschuwd toen hij begon aan zijn onderzoek naar de oorsprong van de boekencollectie van de Stadsbibliotheek in de Nieuwe Kerk.  

De Stedelijke Bibliotheek van Amsterdam is in 1578 gesticht, kort na de Alteratie. Aangenomen wordt dat bij die overstap van de stad van katholiek naar protestants en van Spaansgezind naar prinsgezind, de in beslag genomen boeken van katholieke bibliotheken en instellingen uit de stad in veiligheid werden gebracht in de librije van de Nieuwe Kerk. Het lijkt een voor de hand liggende gang van zaken, stelt ook Biemans.

De Nieuwe Kerk bleef na de Alteratie nog een tijdje in katholieke handen en stond midden in het nieuwe politieke en economische centrum van de stad, tussen het Stadhuis op de Dam en de Latijnse School in de Gravenstraat. In 1632 werd de Stadsbibliotheek overgedragen aan het Athenaeum Illustere, de voorloper van de Universiteit van Amsterdam. Die koppeling aan een onderwijsinstelling gaf een nieuwe, extra dimensie aan de stadsbibliotheek.

Honger naar kennis

Amsterdam maakte tussen 1400 en 1632 een stormachtige ontwikkeling door. Van een kleine provinciestad tot een inter­nationaal handelscentrum. In het jaar van de Alteratie telde de stad al 60.000 inwoners, van wie het merendeel niet in Amsterdam was geboren. Aspecten die hoe divers ook, volgens Biemans elkaar hebben beïnvloed en zorgden voor honger naar kennis. ‘Een handelsstad als Amsterdam stond open voor mensen van dichtbij en van verre. Als vanzelf maakte men daardoor kennis met andere zaken en opvattingen dan waarmee men vertrouwd was,’ aldus Biemans in zijn boek.

Aan de hand van de gaatjes die de klampsluitingen in de boeken hebben achtergelaten, kon hun herkomst worden vastgesteld.

Door de grote kerkbrand van 1645 ontbreken veel archiefstukken, net als fysieke sporen van de librije. Evenmin wordt het begin van de stedelijke bibliotheek gemarkeerd met een opmerkelijke schenking of aankoop. Willem van Oranje schonk bijvoorbeeld de Leidse universiteit in 1575 de kostbare, achtdelige monumentale Biblia Regia of Koningsbijbel, die met instemming van de Spaanse koning Filips II door de Antwerpse drukker Christoffel Plantijn was uit­gegeven. Goedkopere alternatieven waren de atlassen van Abraham Ortelius en Gerard Mercator. De bibliotheek van Gouda ontving in 1612 een Mercatoratlas en kocht het jaar daarop zelf een exemplaar van de Biblia Regia.

Kettingklampen en spijkergaten

Bij zijn indrukwekkende studie leunt Biemans deels op boekarcheologisch onderzoek van Kees Gnirrep (1940-2014), de conservator die de boeken uitvoerig onderzocht op uiterlijke kenmerken. In 1780 zijn de boeken bevrijd van hun kettingen en kettingklampen, waarmee ze aan de boekenkasten waren vastgemaakt. Door te speuren naar de achtergebleven spijkergaatjes in de boekbanden kon Gnirrep vaststellen welk type kettingklamp was gebruikt. Zo vond hij op in een schenkingsnotitie vermelde boeken sporen van zware kettingklampen, gangbaar voor de librije van de Nieuwe Kerk. Op basis van deze observatie konden ook andere boeken worden toegeschreven aan de Nieuwe Kerk.

Ondanks de kettingen werden er toch boeken gestolen. Dat is opmerkelijk, omdat alleen bezoekers die bij de beheerders bekend waren, de sleutel van de bibliotheek meekregen. Biemans veronderstelt dat boekendieven waarschijnlijk de kettingklampen verwijderden, daarbij niet gehinderd door de bibliothecaris. ‘Dat was een nevenfunctie, die zal niet altijd aanwezig zijn geweest.’

Reputatie

De samensteller van de catalogus uit 1622, waarschijnlijk bibliothecaris Matthaeus Sladus, heeft er een aantal curieuze in het Latijns gestelde verwensingen aan de ‘heiligschennende handen en tempelrovers’ in laten opnemen. De mooiste staat gedrukt bij een ontvreemd handschrift: ‘Breng terug, schurk en kom tot bezinning.’

De bibliofiele lezer van Biemans’ boek hoeft niet op rooftocht: het schitterend uitgegeven boek is rijk geïllustreerd. Biemans besteedt veel aandacht aan de samenstelling en de aard van het boekenbezit, de eerste gedrukte catalogi en typografische en kunsthistorische aspecten van de boeken. Hij schetst daarnaast ook de positie van de librije in het krachtenveld van kerk, Latijnse school en het Amsterdamse stadsbestuur, dat vanwege zijn reputatie erg aan een fatsoenlijke stadsbibliotheek hechtte.

Jos Biemans: Boeken voor de geleerde burgerij, de stadsbibliotheek van Amsterdam tot 1632. € 39,95, uitgeverij Van Thilt.

Kardinaal Granvelle

In de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam bevinden zich handschriften en boeken uit het bezit van kardinaal Granvelle (1517-1586), die tijdens de Tachtigjarige Oorlog als adviseur van de Spaanse koning Filips II met succes pleitte voor de vogelvrijverklaring van Willem van Oranje. Granvelle was ook een groot boekenverzamelaar, die minstens drie bibliotheken bezat. Mogelijk komen de Amsterdamse titels uit zijn in 1566 geplunderde Brusselse bibliotheek. Maar dat valt niet te achterhalen. Door de gemeenschappelijke kenmerken, zoals de typische Amsterdamse sluitingen en het ontbreken van hoekstukken, denkt Jos Biemans wel dat alle banden tegelijkertijd zijn verworven. Dat impliceert dat zij voor hun opname in de Amsterdamse Stedelijke Bibliotheek al gezamenlijk in het bezit waren geweest van een persoon of instelling.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden