Nico Dijkshoorn.Beeld Artur Krynicki

De Roxy was pas een onneembare vesting

Nico Dijkshoorn

Illegaal feesten in een bos of onder een viaduct, daar heb ik helemaal niets mee. Met een fles lachgas onder je arm naar een recreatiegebied rijden, dat is niet mijn idee van leven op de rand.

Ik weet wel waar die ergernis vandaan komt. Het is mij nooit gelukt om in Roxy te komen. Dat werd een dingetje. Ooit zou ik, naakt of slechts gekleed in aluminiumfolie, in de Roxy dansen en daarna wakker worden in een vreemd bed naast iemand met twee borsten en een baard.

Ik heb geoefend op het dansen, midden in mijn huiskamer, ergens zes hoog in Amstelveen. Ik deed wonderbaarlijke dingen met mijn armen. Mijn ex-vrouw - die om mij heen naar de televisie keek - zei: “Het is net alsof je armen van iemand anders zijn.” Ik wilde weten van wie. “Een Braziliaan denk ik. Doe nog eens? Ja, een Braziliaan die net zijn eerste kind heeft gezien. Het is een zoon. Zo dans jij. Met je armen. De rest van je lichaam is meer een krantenbezorger uit Nunspeet.”

Dat zagen ze bij de ingang van Roxy ook. Deurbeleid is sinds de sluiting van De School in Amsterdam actueel, maar vergeleken bij de keuring voor de deur van Roxy was De School een openstaand houten hek bij een kinderboerderij. De Roxy bleek een onneembare vesting.

We kunnen niet zeggen dat ik het niet heb geprobeerd. Roze pruikjes heb ik gedragen, een goud gespoten wielrenbroek zonder kruis, lichtgevende kronen om mijn tanden. Wegwezen. Ik kwam niet binnen. Ik heb het casual geprobeerd. Ramones T-shirt aan of verkleed als Limburger. Daar had ik een studie van gemaakt. Een pastelkleurige trui op mijn rug, de mouwen op mijn buik en dan vlak voor de portier geëmotioneerd over zuurvlees lullen. Wegwezen.

Het werden smadelijke vertoningen. Om half een ’s nachts hoorde mijn ex de voordeur dichtslaan. Daar zat ik, dit keer gekleed in bakpapier. Haar stem uit de slaapkamer: “Weer niet gelukt?”

Zo zit dat nu blijkbaar in mijn hoofd, met feesten. Het moet binnen en het moest in de Roxy. Dansen in een bos, dat vind ik dansen voor wilsonbekwamen. Naast een boom bewegen op de laatste track van DJ Nipplesqueezer en af en toe heel hard Moefjoboodie roepen, dat kan iedereen. Buiten komt iederéén binnen.

Ik wilde alleen dit: midden in Roxy dansen op French Kiss van Lil Louis, wachten tot de beat weer langzaam versnelt, en dan mijn Braziliaanse armen in de lucht. Die droom is nooit uitgekomen en daarom kan nu iedere buitenluchtdanser de kolere krijgen.

Nico Dijkshoorn schrijft twee keer per week een column voor Het Parool, en spreekt zijn bijdragen ook in. Reageren? N.dijkshoorn@parool.nl 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden