Plus Interview

De nieuwe Henny Vrienten: ‘Dit is waarschijnlijk mijn allerlaatste’

Met het album Tussen de regels is Henny Vrientens autobiografische drieluik compleet. ‘Dit is hoogstwaarschijnlijk mijn allerlaatste plaat.’

Henny Vrienten: ‘Alles wat ik wilde zeggen staat op de plaat. Biografen kunnen de pot op.’ Beeld Rogier Alexander

De basgitaar waarmee Henny Vrienten op de hoes van Tussen de regels poseert, is een Framus uit 1958. Hij speelde er alle baspartijen op het album mee. “De liedjes gaan deels over mijn adolescentie, vroeg in de jaren zestig. Ik heb bij het opnemen van de plaat instrumenten gebruikt uit die tijd, waaronder die Framus. Ik mocht van mezelf geen stemapparaat ­gebruiken, want die had je toen nog niet.”

Hij pakt de Framus erbij. Van de merknaam is alleen nog ‘am’ zichtbaar. Vrienten (1948) speelt een stukje voor op het instrument. “Hoor je het? Latere bassen doen boemdoef, deze doet plong. Zo klonk dat bij de beatbandjes van toen.”

Tussen de regels is na de albums En toch (2014) en Alles is anders (2015) het laatste deel van een drieluik. Vrienten sluit er meer mee af dan die trilogie. “Het is waarschijnlijk mijn allerlaatste plaat,” zegt hij.

Hij gaat met pensioen? “Nee nee, ik stop niet met muziekmaken, maar wel met het opnemen ervan. Ken je het verhaal van Nietzsche, die met een vriend door een buitenwijk van Wenen wandelde en uit het raam van een villa pianomuziek hoorde? Iemand speelde Schubert en in vervoering stonden Nietzsche en zijn vriend drie kwartier te luisteren. Muziek ­bestond in die tijd alleen als die werd uit­gevoerd. Dat vind ik mooi.”

Gezongen autobiografie

Hij ziet het voor zich: “Als ik hierna nog een keer een album maak, dan neem ik dat niet op, maar voer ik het uit in een theater. Een stuk of veertien nieuwe liedjes, eventueel aangevuld met ander werk om er een complete avond van te maken. Dat album bestaat alleen als ik het uitvoer. Voorafgaand moeten toehoorders hun telefoon inleveren, want ze moeten niet stiekem gaan zitten opnemen, natuurlijk.”

Maar eerst hebben we Tussen de regels, dat net als die twee delen die eraan voorafgingen sterk autobiografisch is. “Ja, die drie platen zijn mijn gezongen autobiografie. Alles staat erop. Nou ja, alles wat ik wilde zeggen. En dat wat niet wordt gezegd, zit misschien ergens tussen de regels verstopt. Dit moet het zijn. Biografen kunnen de pot op.”

Hij vertelt meerdere malen door journalisten te zijn benaderd: sommigen wilden een boek over zijn leven maken, anderen over Doe Maar, de groep waarmee hij in de jaren tachtig triomfen vierden. Hij zei tegen iedereen nee.

“Mijn kinderen mogen weten dat ik een lieve, aardige man was, maar ze hoeven ook weer niet alles van me te weten. Ik heb zelf niets met ­biografieën. Zeker biografieën van popsterren zijn saai en voorspelbaar. Het is altijd hetzelfde: jongetje uit nederig milieu krijgt gitaar, wordt wereld­beroemd en gaat rare dingen doen. Ik vind het vermoeden van een leven veel ­interessanter dan het weten daarvan.”

Net als op de twee voorafgaande albums zingt Vrienten op Tussen de regels met weemoed over zijn jonge jaren. “Ik was wat je nu een nerd zou noemen. Ik deed niet mee met de andere jongens met voetballen of ‘politie en boefke’, zoals wij dat in Tilburg noemden. Ik zat altijd op mijn kamertje, met mijn boeken en platen.”

Op de vloer van zijn ruim bemeten woning in de Amsterdamse binnenstad doet hij voor hoe klein vroeger zijn jongenskamer was. “Van hier tot hier. Daar stond mijn bed, daar mijn bureau­tje, in de hoek stond mijn gitaar en daar aan de wand hing dan zo’n Tomadorekje met mijn ­boeken.”

Zijn voorkeur voor lezen was ongebruikelijk in de familie. “Dan kwam ik thuis van school en waren er ineens acht boeken verdwenen. Zei mijn moeder: ‘Ach, die stofnesten, je had ze toch al drie keer gelezen.’ Van mijn plaatjes bleef ze gelukkig af.”

Naderend einde

Love me do van The Beatles was zijn belangrijkste single. Nadat hij het nummer in 1962 op de radio had gehoord, schafte hij direct het plaatje aan. “Ik meen voor 3,95 gulden. Een enorm ­bedrag in die tijd, maar eigenlijk geen geld voor wat dat plaatje allemaal bij mij heeft getriggerd. Ik had wel al singles van de Everly Brothers en The Shadows. Ook mooi, maar niet te vergelijken met The Beatles. Love me do heb ik zo vaak gedraaid, dat de naald er op het laatst bijna doorheen ging.”

Er wordt op Tussen de regels niet alleen achterom gekeken. In Carnaval wordt gezinspeeld op een naderend einde. “Mijn dagen staan te koop, snel, want bijna uitverkocht,” zingt Vrienten. Het is geen tekst die je verwacht van iemand die zo levenslustig overkomt en er ook zo gezond uit ziet als hij.

“Ik ben wel 71, hè. Ik kijk bij mijn buitenhuis in Twente veel naar de natuur en zie dat alles een cyclus heeft: het gaat maar één kant op. Ik zie ook de overlijdensadvertenties in de kranten; er zijn heel wat mannen die als zeventiger over­lijden. De dood is een groot taboe, ik weet het, maar ik sta er nuchter in. Ik ben er ook niet bang voor. Een plotselinge dood zou voor de mensen om me heen vervelend zijn, maar voor mijzelf oké.”

In 2000 deed Doe Maar een serie reünie-­optredens in Ahoy. Vrienten vertelt hoe hij op weg naar één daarvan onwel werd. “Het bleek ­later een borstvliesontsteking te zijn die zich met een paar spuitjes liet verhelpen, maar het vervelende van zo’n ontsteking is dat hij zich voordoet als een hartaanval. Ernst Jansz zat bij me, nogal in paniek. Hij vertelt vaak dat ik toen zei: maak je geen zorgen, het was een topleven.”

Henny Vrienten: Tussen de regels (TopNotch) 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden