Plus

De kleding uit Peaky Blinders? Te koop bij The English Hatter

Bij The English Hatter doen ze niet aan trends. Toch trekt de herenzaak uit 1935 ook jong publiek, mede dankzij gangsterserie Peaky Blinders. Vandaar een derde vestiging in Amsterdam.

De broers Hans (links) en Peter Kraan van herenzaak The English Hatter op de Heiligeweg Beeld Tammy van Nerum

Het is maandagmiddag en er staan acht klanten in The ­English Hatter op de Heiligeweg. Bewegingsruimte is er nauwelijks. Bedrijfsleider Peter Kraan (52) staat ingesloten tussen een kledingrek met colberts en jasjes, twee klanten die beiden een trui passen en opengeschoven ­lades vol pantoffels, sjaals en onderbroeken.

"Dit is nou de charme van onze zaak," roept hij. "Ongeorganiseerd en ietwat kneuterig. Maar dat is de bedoeling. Mensen mogen hier best over kleding struikelen, vroeger zag je niet ­anders."

Hij weet zich achter de toonbank te wurmen. Onderweg legt hij een stapel broeken recht. "Mensen die hier voor het eerst komen, weten niet wat ze zien. Met grote ogen kijken ze de winkel rond."

De winkel is klein, smal en tot de nok toe gevuld met ­herenkleding, netjes gestapeld op mahoniehouten ladekasten. Boven alle kleding torenen de hoeden en petten uit, waar het allemaal ooit mee is begonnen. Kraan: "We zijn een oude, bruine kroeg verpakt als modezaak. Mensen stappen hier zo de jaren dertig binnen."

Logisch, want sinds de opening van de zaak in 1935 is er niets veranderd aan het interieur. De klassiek Engelse toonbank, wandkasten en ladekasten staan er nog, de parketvloer moest één keer worden gerepareerd. In nieuwe vestigingen wordt de inrichting precies nagebootst, maar zo charmant als aan de Heiligeweg worden ze niet.

Derde Amsterdamse vestiging
Vorige maand werd in de Nieuwe Hoogstraat de derde Amsterdamse vestiging van The English Hatter geopend. De zesde in totaal, want er zijn ook winkels in Laren, ­Amstelveen en Den Haag.

Kraan: "We zijn geen stoffig ­museum waar af en toe iemand binnenstapt. We hebben loyale klanten op leeftijd, toeristen en ontvangen steeds meer jongeren. Dat is ­belangrijk voor de toekomst en zorgt ervoor dat we kunnen uitbreiden."

Beeld uit de serie Peaky Blinders Beeld Screenshot

Sander Egberink (21) loopt binnen met een hoed in zijn hand. Hij ontdekte de winkel een paar jaar geleden en komt er sindsdien graag. Vandaag om zijn hoed te laten ­repareren. "Als ze 'm niet kunnen maken, koop ik hier een nieuwe. Keuze genoeg."

Egberink hekelt het snelle winkelen in grote winkel­ketens, waar kledingstukken vaak van bedenkelijke kwaliteit zijn. Daarom komt hij graag in The English Hatter. "Ik koop hier overhemden van goede kwaliteit die jaren meegaan."

Ongeveer tien jaar geleden merkte Kraan voor het eerst dat de zaak meer jongeren trok. "Barbiers kochten hier massaal bretels, scheersetjes, strikjes, mouwophouders en manchetknopen. En petten, natuurlijk." Ook wordt de winkel steeds populairder onder jonge mannen die gaan trouwen. Ze zoeken accessoires voor bij hun trouwpak, ­zoals een hoed, een riem of een paar sokophouders.

De laatste jaren is Kraan getuige van nog een trend. Jonge mannen willen eruitzien als Thomas Shelby van de populaire serie Peaky Blinders, over een Britse gangsterfamilie in de jaren dertig.

"Ik kreeg het zo vaak te horen dat ik die serie maar eens opzette. Ik moet zeggen: ze dragen ­­inderdaad de kleding die wij hier verkopen. Klanten kunnen dus gekleed als Thomas Shelby de winkel uitlopen, met alle accessoires erop en eraan."

Rariteitenkabinet
The English Hatter valt of staat niet met een barbiertrend of een serie als Peaky Blinders, maar prettig is het wel. Volgens Kraan trekt het publiek dat de winkel anders nooit zou vinden.

"Ze zoeken opvallende, originele accessoires en daar zijn we heel goed in. Ik noem het hier altijd een rariteitenkabinet. We hebben de gekste hoedjes, riemen, sokophouders, sjaals, pantoffels, paraplu's, handschoenen, deurstoppers of andere accessoires. Laatst kwam hier iemand die voor zijn bruiloft een Italiaans pak had aangeschaft en dat wilde aanvullen met een maffiahoed. Nou, dan ben je hier aan het juiste adres."

Kraan struint samen met zijn broer Hans (54) talloze modebeurzen af in Europa, op zoek naar nieuwe ­accessoires en kledingstukken om de collectie mee aan te vullen.

Hans Kraan: "Daar treffen we onze fabrikanten. Die zitten grotendeels in Europa. In Groot-Brittannië ­natuurlijk, maar ook in Ierland, Italië, België, Spanje, Frankrijk, Duitsland en Noorwegen. Het zijn een aantal grote fabrikanten en veel lokale familiebedrijven, die steeds van vader op zoon worden doorgegeven."

Trouwe klant
In de winkel staat Nico Been (82) te kletsen met het personeel. Hij komt hier al 35 jaar en koopt regelmatig een hoed of vest. "Nu zoek ik pantoffels, maar zonder zo'n wolletje."

Die zijn er wel, maar niet in zijn maat. Een medewerker verwijst hem naar een andere winkel, maar daar voelt Been weinig voor. "Ik koop liever hier. Jullie zijn vriendelijk tegen senioren. Bij andere winkels bekruipt me soms het gevoel dat ze me zo snel mogelijk weg willen hebben."

Een uur nadat Been is vertrokken komt hij weer terug. Om even te buurten, want het was zo gezellig net. Hij krijgt een cappuccino en een halfuur later staat hij buiten met een nieuwe bodywarmer in de tas van zijn rollator.

"We hebben veel generatieklanten," zegt Kraan. "Vaders die hun zoon meenemen. Vaak zie je dat die zoon dezelfde trui koopt als zijn vader dertig jaar geleden, want onze ­collectie verandert nauwelijks. We doen niet aan trends, korting of uitverkoop. Wat we niet verkopen, hangt het ­seizoen erop weer in de winkel."

Dat was wel anders in 1935, toen The English Hatter ­begon als hoeden- en pettenwinkel. Ze verkochten hooguit enkele accessoires, zoals zakdoeken. Overal in de binnenstad waren vergelijkbare winkels gevestigd. Mannen droegen in die tijd veel hoeden en petten.

Sander Egberink (21): 'Keuze genoeg hier' Beeld Tammy van Nerum

Die verdwenen rond 1960 uit het straatbeeld. Hoedenwinkels gingen failliet, The English Hatter overleefde als een van de weinige doordat ze de collectie uitbreidden. Er kwamen ­polo's en truien, later ook vesten, jasjes, broeken, ondergoed en tal van accessoires.

Goede verhalen
Eva Olsthoorn (66) en Leontien Mulder (72) struinen al geruime tijd door de winkel. Olsthoorn zoekt een trui voor haar broer, Mulder voor haar man.

Olsthoorn is al veertig jaar klant. "Het is een geweldige zaak met zeer vriendelijk en behulpzaam personeel."

Mulder is er voor het eerst. Ze heeft goede verhalen van Olsthoorn gehoord. "En daar was niets aan gelogen. Ik ben echt onder de indruk."

Ze voelt aan een kasj­mier trui. "Wat een kwaliteit. Dat het hier zo smal is, neem ik maar voor lief. Ik heb nu al zin om binnenkort terug te komen. Het is doodzonde dat dit soort zaken is verdwenen uit het straatbeeld."

Dat vindt Hendrik Hulsebosch (81) ook. Hij heeft net bretels afgerekend. "Waar vind je dit nou nog? Ik zou deze zaak het liefst met veel poen vastzetten, zodat ie voor altijd behouden blijft."

Eva Olsthoorn (66): 'Het is een geweldige zaak' Beeld Tammy van Nerum
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden