PlusErelijst

De halsbrekende toeren van bassist Jaco Pastorius

In deze rubriek bespreekt de muziekredactie van Het Parool een klassieker uit de geschiedenis van pop, jazz of klassieke muziek, die het – zeker in deze tijden van thuisblijven – waard is opnieuw te beluisteren. Deze keer: Jaco Pastorius van Jaco Pastorius.

Jaco PastoriusBeeld -

Deze week in 1987 kwam een einde aan het leven van jazzbassist Jaco Pastorius. De Amerikaan die wel de Paganini van de elektrische basgitaar werd genoemd was nog maar 35 jaar oud.

Terug in de tijd Behalve een extreem getalenteerde muzikant is Jaco Pastorius ook een extreem onmogelijk mens. Zijn verslavingsgevoelige aard kan niemand hem aanrekenen, maar zijn neiging tot zelfdestructie uit zich niet alleen in een overmatig gebruik van drugs. In bars en clubs in heel Amerika maakt hij ruzie, niet zelden eindigt dat er mee dat hij bont en blauw wordt geslagen. Dat moet een keer fout gaan en dat gaat het op 11 september 1987. Nadat hij eerder de zaal is uitgezet bij een concert van Santana (waarbij hij zich onuitgenodigd op het podium meldde), gaat hij naar een nachtclub. Daar heeft hij zich eerder misdragen en hij wordt niet toegelaten. Als Pastorius de glazen deur van de club intrapt, wordt hij door een uitsmijter zo toegetakeld dat hij in het ziekenhuis in coma raakt. Daar wordt na tien dagen de behandeling gestaakt.

Pastorius laat veel muziek na: hij is te horen op albums van anderen (onder wie Joni Mitchell), maakte deel uit van de fusiongroep Weather Report en bracht soloalbums uit, waarvan zijn titelloze debuutalbum uit 1976 het beste is.

Waarom nu herbeluisteren Er is een in jazzkringen bekende en beruchte cartoon waarop twee maffiosi iemand aan het praten proberen te krijgen. Achter hen staat een jazzbassist klaar. ‘Omdat iedereen praat tijdens een bassolo’. Pastorius was de jazzbassist wiens spel nooit overstemd werd door praters. Omdat hij daar simpelweg vaak veel te hard voor speelde (als geen ander was hij de man die de elektrische basgitaar tot een volwaardig instrument binnen de jazz maakte), maar vooral ook omdat hij daar van die halsbrekende toeren op uithaalde.

Het album Jaco Pastorius biedt een mooie staalkaart van zijn kunnen. Hij laat zijn basgitaar (een fretloze Fender, die hij de Bass of Doom noemde) grommen en zingen, hij hamert op de snaren, trekt en plukt eraan en weet er geluiden aan te onttrekken die je nauwelijks meer als afkomstig uit een bas herkent. Mooiste nummer: Come on, come over, een bigbandfunkexercitie (met zang van soulduo Sam & Dave) waarin Pastorius’ bas lijkt te zijn bespannen met elastiek.

Verder luisteren Op Spotify biedt de playlist This is Jaco Pastorius een ideaal overzicht van zijn muziek.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden