Plus Achtergrond

De eeuwige scheppingsdrang van Eli Content in het Joods Historisch Museum

Kunstenaar Eli Content (76) mag dan wel ziek zijn, de drang om te schilderen blijft kriebelen. Zijn overzichtstentoonstelling in het Joods Historisch Museum is dus een tussenstand, geen eindstand. 

Sterrennacht – 12 o'clock and all is well uit 2009 van Eli Content. Beeld Eli Content en Galerie Onrust

Het vroegste werk op de tentoonstelling So much I gazed on beauty stamt uit 1979. Viva, 140 x 140 cm, olieverf op linnen. Een abstract schilderij van Eli Content, dat voor hem het begin van zijn carrière symboliseert.

De 76-jarige kunstenaar zit zelf, een dag voor de opening, op een stoel in de zaal van het Joods Historisch Museum, en kijkt eens om zich heen. Van hem hoefde het eigenlijk niet zo, dat overzicht van zijn eigenzinnige, onconventionele werk van de afgelopen veertig jaar. Eli Content kijkt graag vooruit, heeft ie altijd gedaan.

Hij zit in de lappenmand. Hij is ziek, wordt intensief behandeld, maar hoopt binnenkort toch weer aan het werk te gaan. “Ik weet precies wat ik nog wil schilderen,” zegt hij zacht.

Het mag dan wel een overzichtstentoonstelling zijn, hier in het museum, maar het is geen eindelevenstentoonstelling, wil hij maar zeggen. Nu al achterhaald, deze expositie. Zijn schepping is nog niet voltooid.

Woeste mensfiguren

So much I gazed on beauty is een chronologisch opgebouwde tentoonstelling. Beginnend met het abstracte Viva, en eindigend met woeste schilderingen van mensfiguren. Een interessante transformatie.

“Eli Content is dé hedendaagse Nederlands-Joodse kunstenaar,” zegt conservator Lisa de Goffau. “Hij betekent heel veel voor ons museum. Hij heeft hier vaak geëxposeerd, maar nooit eerder konden we zo de ontwikkeling van zijn kunstenaarschap volgen.”

Het duiden en ontrafelen, het onderzoeken van het scheppingsverhaal is zijn thema, daar haalt hij zijn inspiratie uit. En zo kun je ook die eerste abstracte periode duiden, toen hij zelf begon te scheppen. Woest en leeg zijn die doeken.

“In het begin schilderde hij volgens het tweede gebod,” zegt De Goffau. ‘Maak geen godenbeelden, geen enkele afbeelding van iets dat in de hemel hierboven is of van iets beneden op de aarde of in het water onder de aarde.’

In de catalogus bij de expositie staat een mooi essay van Esther Darley. In In den beginne schiep God de hemel en de aarde legt ze uit hoe Content dat gebod eerbiedigde. ‘Elk doek begint hij met een raster in potlood, waarop hij de verf nauwgezet aanbrengt in een ritmisch patroon. Het resultaat is een schilderij dat trilt, alsof de verf tegelijkertijd stilstaat en beweegt. Soms is die transparant en schemert het grit erdoorheen, soms ligt de verf er in dikke lagen op, maar in elk doek voel je de controle van de kunstenaar.’

Die abstractie was ook een gevecht ‘tegen de verslaving van een herkenbaar beeld (…) waarbij het échte kijken wordt belemmerd’.

Schepping van letters

Wel maakt hij gebruik van het Hebreeuwse schrift, dat ook een verwijzing is naar de schepping. Volgens een joodse legende gaat aan de schepping van de aarde de schepping van de letters vooraf. Zonder taal, zonder schrift is er geen mogelijkheid tot creëren. Dus zien we overal gestempelde Hebreeuwse letters.

Later volgt meer herkenbaar beeld, verwijzingen naar wat er tussen hemel en aarde is te zien. “Planten, sterren, manen en op den duur ook wel menselijke figuren,” zegt De Goffau. “De Herriman paintings, Geïnspireerd op het werk van George Herriman, bekend van de strip

Krazy Kat. Koraalachtige, plantachtige, boomachtige afbeeldingen. Met deze doeken keerde Content zich af van het abstracte. Het tweede gebod wordt vandaag de dag ook uitgelegd als: gij zult geen driedimensionale beelden maken.”

Bij deze doeken hoort de bezoeker jazzmuziek. “Content luistert graag naar jazz tijdens het schilderen, en noteerde op de zijkant van de doeken met potlood dichtregels, Bijbelse teksten en namen van jazznummers van Charlie Parker en Charles Mingus. Het maakt de werken meerlagig.”

Misvormingen

In de daaropvolgende periode begon Content kraaltjes, glittertjes, dopjes, een boomblad en aluminiumfolie in zijn doeken te verwerken. Uiteindelijk schilderde hij ook hoofden, gebaseerd op voorbeelden uit medische boeken met afbeeldingen van misvormingen, en woest geschilderde mensfiguren.

De Goffau: “Hij laat dan, intuïtief, zien hoe de mens van binnen is, ontdaan van het buitenste laagje beschaving. De mens in al zijn naaktheid.” Met de vitrine kunstenaarsboeken en de grote werken op papier toont het de diversiteit en de experimenteerdrift van Contents kunstenaarschap.

Onvermeld mag niet het Droombos blijven, te zien in het kindermuseum van het JHM. Content maakte van afvalkarton clowneske figuren. Het karakteriseert zijn speelse geest, zijn eeuwige scheppingsdrang. “Ondanks dat ik nu ziek ben, heb ik in mijn atelier toch alweer vier schilderijen gemaakt,” zegt Eli Content. “Mijn handen kriebelen. Ik wil weer snel aan het werk.”

Eli Content: So much I gazed on beauty. T/m 10 mei 2020, Joods Historisch Museum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden