PlusInterview

De Dick Voormekaar Podcast gaat over Feyenoord, maar is juist een hit in Amsterdam

Martijn Krabbendam (links) en Michel van Egmond: 'Dat grenzeloze zelfvertrouwen in Amsterdam werkt ons op de lachspieren. Daar kunnen we het dan rustig tien podcasts lang over hebben.' Beeld Daphne Lucker
Martijn Krabbendam (links) en Michel van Egmond: 'Dat grenzeloze zelfvertrouwen in Amsterdam werkt ons op de lachspieren. Daar kunnen we het dan rustig tien podcasts lang over hebben.'Beeld Daphne Lucker

De Dick Voormekaar Podcast van Michel van Egmond en Martijn Krabbendam gaat vooral over Feyenoord. Toch luisteren er in Amsterdam meer mensen dan in Rotterdam. ‘Misschien horen ze iets wat rondom Ajax zelden te horen is: zelfspot.’

Stefan Raatgever

Dinsdagochtend aan de Rotterdamse Meent. Over de klinkers giert een politiewagen met loeiende sirene voorbij. Het geluid waait binnen op de zolder van café De Huismeester waar de temperatuur al voor elven richting de 30 graden kruipt. Op een van de laatste warme dagen van het jaar heeft de kok, een verdieping lager in de restaurantkeuken aan het werk, zo te ruiken het idee opgevat een gerecht te bereiden waarvan knoflook het hoofdbestanddeel vormt.

In die opmerkelijke kruising van sauna en tapasbar staan de opnames van een van de succesvolste voetbalpodcasts van Nederland op het punt van beginnen. Technicus Sjoerd Keizer heeft op de tafel onder een bovenmaatse jarenvijftiglampenkap twee microfoons opgesteld.

Voetbal International-journalist Martijn Krabbendam bestelt koffie. Schrijver Michel van Egmond vraagt om een bakje water voor Dizzy, het Spaanse adoptiehondje van zijn vriendin, interviewer Antoinnette Scheulderman. Hoe hoog de discussie over Feyenoord de komende twee uur ook zal oplopen, Dizzy zal er op het bloemetjeskleed sereen doorheen dommelen.

Ondertussen loopt de openingstune al. Zanger Kevin galmt zijn ode aan Feyenoordtrainer Arne Slot op de wijs van Barry Manilows Mandy: ‘O Arne! Er gloort hoop sinds jij zwaait met de sceeeeepter!’.

Het kost de de twee gastheren vervolgens precies anderhalve seconde om hun vertrouwde groef te vinden. Krabbendam is Feyenoordwatcher van VI en mist zodoende geen training van de club. Van Egmond, schrijver van de bestsellers over René van der Gijp, Wim Kieft en Patty Brard, was van 1993 tot 2007 hoofdredacteur van de Feyenoordkrant, het huisorgaan van de voetbalclub uit de tijd dat sociale media nog niet waren uitgevonden. Van de twee is Krabbendam formeel de presentator, maar van rollenpatronen trekken beide mannen zich weinig aan.

In die onbezorgde kroegsfeer gaat het over de prestaties in De Kuip, maar net zo makkelijk over de filmsmaak van Krabbendam (Van Egmond: “Die is bij Martijn heel breed en loopt van Die Hard 1 tot deel 67.”) of de kersverse verkering van technicus Sjoerd. Ook de visite van een krant uit de stad van de eeuwige concurrent Ajax wordt onmiddellijk onderdeel van de opname: “Je komt uit de Watergraafsmeer? Havermelk in de koffie zeker?”

Onvermoede hit

Het bezoek is niet zonder reden. De Dick Voormekaar Podcast – vernoemd naar Dick Advocaat, de trainer die de hoofdmacht in het eerste seizoen van de show onder zijn hoede had – is een onvermoede hit. Nog opvallender: data laten zien dat het grootste gedeelte van de fans niet in Rotterdam, maar juist in Amsterdam woont.

Of dat Feyenoordfans in ballingschap zijn of juist Ajacieden met een exotische interesse vermeldt het onderzoek niet, maar Krabbendam heeft wel een vermoeden van hun drijfveren om te luisteren.

“Als je ons vergelijkt met de podcasts die over Ajax worden gemaakt, heeft die van ons een heel andere toon. Veel minder serieus en met veel meer zelfspot. Dat laatste is misschien aantrekkelijk voor Ajaxsupporters, want dat horen ze rondom hun club natuurlijk weinig.”

Van Egmond, in één moeite door: “Er is daar natuurlijk ook niet zoveel reden om om jezelf te lachen. Eerder om jezelf een schouderklopje te geven, want Ajax heeft veel meer succes dan Feyenoord.”

Fascinerend vinden de twee het dat twee clubs, hemelsbreed 80 kilometer van elkaar gelegen, zo anders kunnen zijn. “Over die cultuurverschillen moet je niet moeilijk doen,” vindt Van Egmond. “Je moet er juist van genieten. Ze maken voetbal leuk. Neem die kreet ‘Wij zijn Ajax, wij zijn de beste’. Feitelijk gezien is het waarschijnlijk waar, maar ik weet zeker dat geen Feyenoorder op het idee komt zoiets over zijn club te roepen. Ook al wordt Feyenoord vanaf nu vijftien jaar achter elkaar kampioen.”

Krabbendam: “Dat grenzeloze zelfvertrouwen in Amsterdam werkt bij ons op de lachspieren. Daar kunnen we het dan rustig tien podcasts lang over hebben.”

Naakt in de fontein

Aan de andere kant noemen de twee Feyenoord ‘de meest Zuid-Amerikaanse club van Nederland’. De intense liefde van de supporters is zowel de kracht als de zwakte van de club, zegt Van Egmond. “Als Feyenoord een keer kampioen wordt, springen hier mensen naakt in de fontein van het Hofplein. Op een begraafplaats in Rotterdam is een gedeelte met gras uit De Kuip en miniatuurlichtmastjes. Zo diep gaat het allemaal. Mooi, maar als het een keer slecht gaat en er ontstaan rellen, moet de politie pistolen trekken om de emoties tot bedaren te brengen.”

Over die gespleten persoonlijkheid schreven de twee het volgende week te verschijnen boek Lourdes aan de Maas, waarin het huidige Feyenoord onder de nuchtere trainer Slot naast de kwajongensachtige bevlogenheid van oer-Feyenoorder en geweten van de club Fred Blankemeijer (1926-2010) wordt gelegd.

Ook in het boek komen de verschillen met de club uit de hoofdstad aan de orde: ‘Wanneer Ajaxsupporters onderling gaan pochen, vertellen ze dat ze Johan Cruijff of Van Basten nog hebben zien spelen of dat ze erbij waren toen in Wenen de Champions League werd gewonnen,’ schrijft Van Egmond. ‘Als Feyenoorders gaan opscheppen hebben ze de neiging te benadrukken hoeveel ze wel niet hebben doorstaan voor hun club. Dat ze geen hap door hun keel krijgen na een nederlaag.’

En nu we het er toch over hebben, wil Van Egmond graag iets rechtzetten. “Iemand vroeg laatst of we echt een hekel aan Amsterdam hebben. Integendeel, ik vind het een prachtige stad. Kom er graag en vaak. Alleen moet ik dan altijd zo lachen om Amsterdammers die ’s avonds vragen: ‘Ga je nou nog helemaal terug? Of neem je een hotel?’ Er bestaan echt mensen die denken dat buiten de Ring een soort niemandsland begint. ‘Ik hoop dat ik het in elk geval tot Leiden haal,’ antwoord ik dan meestal maar.”

De golfprestaties van Mario Been

In De Huismeester belopen de opnames inmiddels anderhalf uur. Normaal gesproken veel te lang voor een podcast, maar dergelijke formateringsregels zijn aan de makers niet besteed. Bovendien moet Mario Been nog worden gebeld. De oud-speler en -trainer is vaste gast. Met een accent zo Rotterdams als de Erasmusbrug becommentarieert Been de actualiteit. Probeerde hij aanvankelijk serieuze analyses aan de twee te slijten, inmiddels gaat het vaker over Beens golfprestaties of zijn voorliefde voor tuinieren.

Van Egmond: “Wilfried de Jong luistert graag naar ons. Hij is Feyenoordsupporter, maar vindt het leukst wanneer het gaat over Martijn die tegen zijn zin met zijn vrouw mee moet naar de meubelboulevard.”

Krabbendam: “Ik praat en schrijf de hele week in alle ernst over Feyenoord, het is lekker om het ook een keer luchtig te houden. Dat gaat tussen Michel en mij ook vanzelf. We hadden voor de eerste opname ook geen plan. We zijn gewoon tegenover elkaar gaan zitten en begonnen met lullen.”

Van Egmond: “Ik dacht vooraf dat ik misschien wel uitgepraat was over Feyenoord, maar het tegengestelde blijkt waar. Fred Blankemeijer zegt in het boek dat elke wedstrijd in principe al een keer gespeeld is. Dat klopt. Maar toch zijn er steeds weer kleine variaties. Gelukkig maar, want die geven ons weer stof om uren door te ouwehoeren.”

Lourdes aan de Maas van Michel van Egmond en Martijn Krabbendam verschijnt op 29 september.

Ajacied zijn en dan toch luisteren naar de Dick Voormekaar Podcast, waarom zou je dat doen? Ajaxfanaat, wekelijkse luisteraar en cabaretier Peter Pannekoek legt het uit.

“Ik ben fan van voetbal en van podcasts. Het was ook als Ajacied dus logisch om Dick Voormekaar een keer te proberen. Sindsdien luister ik elke week. En ik heb de podcast zelfs getipt in onze Ajax-appgroep. Het merendeel is gaan luisteren.”

“De chemie tussen Michel van Egmond en Martijn Krabbendam is onovertroffen. Ze hebben goeie verhalen – die zelfs bij derde keer vertellen nog leuk zijn – zelfspot en precies de goeie toon. Veel clubpodcasts worden gemaakt door die-hard fans. Michel en Martijn zie ik ook als supporters, maar ze houden de juiste afstand.”

“Zo’n uitspraak als ‘naar Feyenoord kijken is leuk, maar je moet er wel iets bij drinken’, vind ik geweldig. Ongemerkt begin je na een tijdje luisteren trouwens ook vaste uitspraken over te nemen. Ik roep nu à la Mario Been ook steeds ‘ciao ciao, doei doei’ als ik een telefoongesprek beëindig.”

“Maar het leukste vind ik het stiekem toch als ze Ajax behandelen. Dat gaat lekker smalend. Over de Galácticos die zich door de goden aangeraakt voelen en het Amsterdamse mediateam dat de ene na de andere Hollywoodproductie optuigt. Genieten. Eigenlijk is het enige nadeel dat het zoveel over Feyenoord gaat.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden