PlusInterview

De Cello Biënnale gaat door, online: ‘Schrappen zou zo zonde zijn geweest’

De Cello Biënnale Amsterdam, die 22 oktober zou beginnen, zal online plaatsvinden. Artistiek directeur Maarten Mostert baalt ervan, maar is vastbesloten er iets moois van te maken. 

Maarten Mostert: ‘Het vervelende is dat je in feite geen plannen kunt maken.’Beeld -

Maarten Mostert, de artistiek directeur van de Cello Biënnale die ­donderdag begint, is ‘verdrietig maar strijdbaar’. “Het is natuurlijk helemaal kut met peren als je twee jaar aan een festival hebt gewerkt en je ziet het langzaam onder je voeten afbrokkelen en nu, aan het einde van de rit, het ravijn instorten.”

Mostert doelt op de strengere coronamaat­regelen die Rutte dinsdag afkondigde, waardoor in zalen nog maximaal dertig mensen mogen worden toegelaten.

“In de eerste lockdown, in maart, besloten we ondanks de enorme risico’s toch door te gaan, vooral voor alle musici, met hulp van onze begunstigers en vrienden. In juli hebben we in het oorspronkelijke programma een paar kleine wijzigingen moeten aanbrengen, maar nu zullen we een hakbijl moeten hanteren. Nederland is code rood. En voor buitenlandse musici was het al steeds moeilijker aan het worden om hier naartoe te komen. Ze moesten rekening gaan houden met quarantaineperiodes. Met dat soort organisatorische wangedrochten wil je ­eigenlijk ook niets te maken hebben. Dat het festival nu niet door kan gaan in de gedaante die we voor ogen hadden, is een grote klap. Tegelijkertijd tellen we onze zegeningen met het programma dat we wél kunnen bieden.”

Verschrikkelijk sneu

Wat hoe dan ook door moest gaan, vond Mostert, wat er ook zou gebeuren, was het Nationaal Cello Concours, een vast onderdeel van de Biënnale. “Twaalf jonge jongens en meisjes hebben anderhalf jaar keihard gestudeerd op een programma en het zou wel verschrikkelijk sneu zijn als je dat zou moeten schrappen. Je kunt het ­namelijk ook zonder publiek doen, met alleen een jury in de zaal, in een aangepaste vorm.”

Lesgeven per zoomverbinding is hem trouwens maar matig bevallen. “Het is beter dan niks, maar over iets essentieels als klank kun je op die manier nauwelijks iets zeggen.”

Mosterts eerste neiging was, ‘we doen het concours en verder niks’, maar zijn kompanen, ­zakelijk directeur Johan Dorrestein en productiemanager Michaël Neuburger wisten hem ervan te overtuigen dat er meer mogelijk was. “Er is ook al zoveel voorbereid natuurlijk. Het Cello Octet heeft hun bewerking van Sgt. Pepper klaar, Pieter Wispelwey heeft zijn Chopinbewerkingen klaar en dan moet je je zegeningen ­tellen. Het zou zonde zijn dat allemaal te schrappen. We gaan dus alles livestreamen. En straks zitten er allemaal mensen thuis achter hun laptop te wachten op wat komen gaat, want we hebben een enorm trouwe achterban, die zich hier al twee jaar op heeft verheugd. Of ze luisteren naar de radio, want het meeste wordt ook uit­gezonden, live dan wel vertraagd.”

De meeste internationale stersolisten zagen zich gedwongen af te haken, maar Mostert prijst zich gelukkig met de gedachte dat er in Nederland ‘veel cellisten van topkwaliteit zijn’. “Denk aan Quirine Viersen, aan Pieter Wispelwey, ­Doris Hochscheid, Lidy Blijdorp, Alexander ­Warenberg, Ella van Poucke, Maya Fridman, ­Joachim Eijlander – unieke talenten, echt. Ik kan ze niet eens allemaal noemen. Met hen kunnen we in het festival twee concerten per dag doen, het eerste om 14 uur en het tweede om 20.15 uur. En dan acht dagen lang. Dan heb je zestien concerten.”

Verder is er nog een serie podcasts van Mirjam van Hengel (“Ze heeft er al vijf gemaakt; erg leuk geworden”). Wat niet doorgaat, is het dagelijkse ochtendconcert met een cellosuite van Bach en het Cellofest in het Bimhuis, waar cellomuziek zou klinken uit de ‘niet-klassieke cello-underground’, zoals Mostert het omschrijft. “Waar ik om kan janken is dat Matt Haimovitz niet naar Amsterdam kan komen voor het nieuwe celloconcert van Martijn Padding. Haimovitz, een waanzinnig enthousiaste kerel trouwens, was er dol enthousiast over. Hij wilde er een cd van maken. Het Residentie Orkest zou meewerken. Maar ja. Gelukkig gaat Paddings opdrachtstuk voor het concours wel door en ook de Martijn Padding Show op de achtste festivaldag.”

Toekomst

Mostert is inmiddels ook al bezig met de Cello Biënnales van 2022 en 2024. “Zo werken de vierjarige cycli van het kunstenplan nu eenmaal.”

Hoe ziet Mostert de toekomst, met een pandemie die voorlopig nog niet lijkt te wijken? “Het vervelende is dat je in feite geen plannen kunt maken. De programmeurs weten niet wat ze het publiek kunnen aanbieden, omdat ze niet weten wat ze kunnen uitgeven, omdat je niet weet hoeveel mensen er de zalen in mogen. Ik vrees ook dat er zalen failliet zullen gaan, want ze kunnen niet eindeloos op hun reserves teren en gesteund worden. En ook voor de orkesten houdt het zonder recette een keer op. We zijn zelf ook koortsachtig aan het uitrekenen wat het allemaal gaat betekenen. Die onzekerheid is ­afgrijselijk.”

Cello Biënnale, 22-31/10

www.cellobiennale.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden