Plus

De Bijlmerbajes als ideale, immense galerie

Kunstbeurs en expositie Big Art gaat voor de overtreffende trap: nog meer ruimte, nog meer kunstwerken. Maar de locatie steelt de show. De Bijlmerbajes geeft de kunst lading en andersom. Het is de biggest aflevering tot nu toe.

Een vloer­installatie van Suzan Drummen, deel van Big Art Beeld JW Kaldenbach

Natuurlijk, size matters, ook in kunst. Maar grootte is tegelijk relatief. Dat blijkt wel uit de derde editie van Big Art. Bij de voorgaande edities van deze expositie/ beurs/happening waren er individuele werken die nog veel groter waren, maar toch is dit de biggest aflevering tot nu toe.

Dat heeft te maken met het grote aantal werken, ruim negentig, maar vooral met de locatie: de Bijlmerbajes. Zelfs zonder de torens te gebruiken heeft samensteller en organisator Anne van der Zwaag de beschikking over zo'n 5000 vierkante meter. De gemiddelde kunstbeurs­directeur zou er een moord voor doen.

En dit is niet zomaar ruimte. Nog meer dan de diamantbeurs of het grachtenpand Zonne­wyser, waar Big Art de afgelopen twee jaar neerstreek, spreekt de gevangenis enorm tot de verbeelding. Hier zaten Heijnmoordenaar Ferdi E., de gewelddadige Karate Bob en nog zo wat criminele kopstukken hun straffen uit.

De kunstmanifestatie is een uitgelezen kans om de bajes een keer van binnen te zien voordat hij tegen de vlakte gaat en plaatsmaakt voor woningen.

Grasmaaier en motorhelm
Liberty City van Erik Sep is wat dat betreft een goed gekozen binnenkomer. De manshoge maquette van een flatgebouw heeft aan de voorkant een ongeschonden gevel, maar ligt aan de achterkant helemaal open. Water stroomt van de trappen, langs miniatuurgraffiti op met de hand gekleide wandtegels.

Wie dit werk aanschaft - want ja, alle werken op Big Art zijn gewoon te koop - haalt een museaal werk in huis, en niet alleen qua formaat. Het werd oorspronkelijk gemaakt voor een tentoonstelling in De Pont en was daarna op nog een dozijn plekken te zien.

Maar zelden was het zo op z'n plek als hier. Vanaf Seps ironische vrijheidsstad is het prettig zigzaggen langs zeer uiteenlopende werken. Jan Eric Visser toont het skelet van een soort iglo, samengesteld uit een grasmaaier, een motorhelm en een tak die hij bedekte met een dikke laag aquadyne, een materiaal gemaakt uit honderd procent afvalplastic.

De hyperbolische Romantic Warrior van Midas Zwaan ziet eruit als een ruimteschip op ski's dat door een souvenirwinkel is gevlogen. Er is een glas-in-looddrieluik van Thijs Kelder, een kleurrijke totempaal van Lieve Rutten en een strak geometrische muurschildering van Matteo Ceretto Casigliano - een van de werken die ter plekke gemaakt zijn.

Dozijn kanariepietjes
Absoluut de moeite van het vermelden waard is de installatie van Anna Bittersohl en Philipp Kummer. Deze Duitse schilders gebruikten het afval dat tevoorschijn kwam bij het opruimen van hun ateliers om een postapocalyptisch landschapje neer te zetten met een tent, een figuur die af en toe deksels tegen elkaar slaat en een dozijn kanariepietjes die overspannen rondjes vliegen rond termietenheuvels.

Werk van Celia Hadeler Beeld JW Kaldenbach

Dit soort werken speelt al met de associaties die een gevangenis oproept, maar in de gymzaal, werkruimtes en gangen erheen gaat het gebouw zelf meespreken. Een door onkruid overwoekerde luchtplaats krijgt iets van een plaats delict door de doeken van Martijn Schuppers die hun druipers alleen prijsgeven doordat er blacklight op gericht is.

En waar vroeger knijpers of nummerplaten werden gemaakt, hangt nu een enorme foto van een werkplaats onder een dikke laag stof met daarvoor een installatie die doet denken aan een clandestiene operatiekamer.

Geen ontkomen aan
Het allerbest op z'n plek is het sculptuur Attempts to Sketch Out a Map van Gerbrand Burger. Platen multiplex in grillige vormen zijn achter elkaar geplaatst, als schetsen voor een vluchtroute of de plattegrond voor een gedroomde toekomst. Het werk staat precies onder een stel daklichten, daar gloort de vrijheid. Maar op de achterwand zijn twee enorme surveillancespiegels gemonteerd. Geen ontkomen aan.

Op de eerste verdieping gaat de tentoonstelling verder in wat onder gedetineerden 'de Kalverstraat' heette, een 250 meter lange gang waar geen einde aan lijkt te komen.

Goed werken hier de gestapelde houten kisten van Maze de Boer, die van voren heel massief lijken maar geen achterkant hebben. En de Orphans van Bram Ellens: afgedankte schilderijen die aan elkaar geklonken zijn tot bolvorm, met de afbeelding onzichtbaar naar binnen gekeerd.

In deze setting doen beide werken meteen denken aan het cultiveren van een stoer uiterlijk en het wegstoppen van emoties, een strategie die in de nor het verschil kan maken tussen eten en gegeten worden.

Op het einde van het parcours zit de kapel. In het gangetje erheen een wand vol kleine kunstwerken: expressie samengebald op ansichtkaartformaat. Ook dat is big art.

Wekelijks een overzicht van de nieuwste hotspots, uitgaanstips, films en restaurants in je mailbox? Schrijf je dan nu in voor de Stadsgids-nieuwsbrief van Het Parool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden