Plus

De actualiteit van Rusland is minstens zo interessant als de verhalen over vroeger

Het communisme is ter ziele, maar zijn de Russen van nu beter af dan hun ouders en grootouders? Die vraag wil Laura Starink met Post uit Rusland beantwoorden voor een generatie die de Koude Oorlog niet heeft meegemaakt. 

Politieke gevangenen van het Sovjetregime arriveren in de jaren twintig in het Solovki-kamp.Beeld Getty Images

In de zomer van 2018 reisde Starink, tot 1991 NRC-correspondent in Moskou, door Rusland om te kijken hoe het land ervoor staat. Die reis begint in het dorp Glazok, ‘een als veel andere’, ruim vierhonderd kilometer ten zuiden van Moskou.

Het platteland van Rusland loopt leeg en dus heeft het dorp heimwee naar het communisme met zijn zorg van wieg tot graf. In Glazok hoort Starink dezelfde riedel als vroeger: de Amerikanen kunnen niet velen dat Rusland weer een groot en machtig land is. De Krim? Die is al ­eeuwen van ons en dat Rusland de MH17 uit de lucht heeft geschoten, is louter Oekraïense propaganda.

Om iets aan de weet te komen, moet je kunnen luisteren. Maar tegelijkertijd heeft Starink geen zin om aperte onzin onweersproken te laten.

Zo knoopt ze een gesprek aan met een lerares in Glazok, die ervan overtuigd is dat in Nederland aan de lopende band kinderen met geweld bij hun ouders worden weggehaald. Starink spreekt het tegen, en de reactie is: ‘Dat zien wij op de tv.’ Een andere bewoner legt haar uit dat ‘democratie’ van demon komt. ‘Het is van de duivel en het is niets voor de Russische mensen, die houden van autocratie en religie.’ Niet van homohuwelijken.

Onbetekenend

Rusland beslaat een vijfde van de aardbol. De land- en zeegrens is 40.000 kilometer lang. Op een onmetelijk oppervlak wonen slechts 144 miljoen mensen, in Siberië drie inwoners per vierkante kilometer. De mens is in deze omgeving klein en onbetekenend. Dat gold zeker voor de politieke bannelingen die naar Siberië werden gestuurd. Post uit Rusland glijdt na het eerste hoofdstuk langzaam terug in het verleden, naar de moedigen die ooit tegen het systeem in opstand zijn gekomen.

Zoals Varlam Sjalamov, die in 1929 werd gearresteerd als ‘sociaal gevaarlijk element’. Hij kreeg drie jaar strafkamp, maar werd in 1937 opnieuw vijf jaar verbanning opgelegd wegens ‘antirevolutionaire, trotskistische activiteiten’, verlengd met tien jaar wegens ‘anti-Sovjet­uitspraken’. In 1951 kwam hij vrij, maar hij bleef nog twee jaar in Siberië om geld voor zijn terugreis naar Moskou te verdienen.

Als in de jaren negentig voor even de archieven in Moskou opengaan, krijgt Starink de kans te reconstrueren hoe de staatscensuur werkte. Ze weet zelfs een hoge pief van de geheime dienst te spreken te krijgen. Intellectuelen mochten in de jaren tachtig heus wel denken en schrijven wat ze wilden, zolang de staats­televisie het grote publiek maar kon bespelen. Internet heeft die praktijk behoorlijk op zijn kop gezet.

Het gekke is dat in de Moskouse boekhandels gewoon nieuwe kritische biografieën van Poetin liggen en zelfs de boeken van de vermoorde journalist Anna Politkovskaja, vermaard tegenstander van zijn bewind.

Censuur komt alleen nog voor in de provincie, waar bestuurders potsierlijke pavlovreflexen uit een ander tijdperk vertonen. Zo werd in Irkoetsk even een boek van Astrid Lindgren verboden ‘wegens miskenning van de waarden van het gezin en respect jegens ouders’.

CIA-agent

Hoe anders was dat in 1981, toen typograaf Valeri Repin werd gearresteerd wegens ‘samenwerking met de CIA’. Starink speelde een rolletje in dit verhaal. Repin was de beheerder van het Solzjenitsyn Fonds voor steun aan politieke gevangenen. Starink kwam wel eens bij hem op bezoek en kocht wat levensmiddelen voor hem. Repin werd zo onder druk gezet dat hij op tv een schuldbekentenis aflegde waarin hij ‘toegaf’ dat het geld voor zijn fonds van de CIA kwam. Starink kwam ook in de processtukken voor. Toen ze Repin na terugkeer uit zijn ballingschap opzocht, gaf hij onmiddellijk toe ­Starink tijdens de verhoren een CIA-agent te hebben genoemd.

Spectaculair is dat Starink ook een ontmoeting wist te regelen met het hoofd van de KGB in Leningrad en hem confronteerde met de zaak-Repin: ‘Een van zijn CIA-connecties,’ zei ik, ‘zit nu voor u en wil opheldering over deze lariekoek.’ Ze krijgt natuurlijk geen echt antwoord van de KGB.

Starink eindigt weer in het dorpje Glazok. ‘Wie zegt mij dat jij geen spion bent?’ vraagt een man haar. Dan realiseert de lezer zich dat de actualiteit van Rusland minstens zo interessant is als de vele verhalen over vroeger. En dan wist Starink tijdens het schrijven van dit boek nog niet eens dat nu een grondwetswijzing voorligt waardoor Poetin tot 2036 aan de macht blijft. De bewoners van Glazok zullen er blij mee zijn.

Augustus/Atlas Contact, €22,90, 368 blz.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden