PlusBoekrecensie

Dankzij deze biografie krijg je weer zin een roman van Hella Haasse te gaan lezen

Hella S. Haasse in 1938. Beeld Privécollectie erven Hella S. Haasse
Hella S. Haasse in 1938.Beeld Privécollectie erven Hella S. Haasse

In de biografie van Hella Haasse biedt Aleid Truijens tegenwicht aan het beeld van de Grande Dame, de soevereine beschaafde schrijfster die overal boven stond.

Hans Renders

Niemand weet hoelang het werk van een schrijver ‘levend’ blijft na haar of zijn dood. Over de in 2010 overleden Harry Mulisch bijvoorbeeld hoor je nooit meer iets. Het Nachleben van Hella Haasse duurt nog steeds voort. Haar boeken worden herdrukt en gelezen, van haar bekende novelle Oeroeg, in 1948 verschenen als boekenweekgeschenk, ligt nu de 59ste druk in de winkel.

Uit de biografie van Aleid Truijens van Hella Haasse (1918-2011) kunnen we afleiden dat Haasse postuum wel enig plezier zou hebben beleefd aan de vergetelheid van Mulisch, want ze mocht hem niet erg. Toen beide schrijvers in 1961 meededen aan het televisieprogramma Hou je aan je woord, keek Mulisch meewarig naar zijn collega en begon tussen haar verhaal door wat te mompelen.

De Grote Drie

Het gaat te ver te beweren dat Haasse een ondergewaardeerd schrijfster was. Ze won uiteindelijk alle belangrijke literaire prijzen en had megasuccessen met haar ‘Indische’ roman Heren van de thee (1992) en eerder met De ingewijden en natuurlijk haar onvergetelijke Bentinckromans. Toch hangt er een zweem van veronachtzaming om haar heen. Dat had in de eerste plaats te maken met de eeuwige discussie of zij niet moest worden toegevoegd aan ‘De Grote Drie’ (Hermans, Mulisch en Reve). Een spelletje in de media dat Haasse altijd vriendelijk wegwuifde maar waarvan nu duidelijk wordt dat ze zich er vreselijk aan ergerde.

Hella Haasse was in het openbaar altijd de Grande Dame, de soevereine beschaafde schrijfster die overal boven stond. Maar in deze biografie wordt daar toch wat tegenwicht aan geboden. Behalve de prachtige hoofdstukken over Batavia en haar Indische jaren waar we een levendige tiener leren kennen die in schoolkranten schreef, boeken las en onophoudelijk over jongens schreef, biedt deze biografie ook een ander beeld van Haasse.

Eenzaam meisje

Twee keer is ze jarenlang van haar ouders gescheiden. In de jaren twintig werd ze drie jaar naar Nederland gestuurd omdat haar moeder in een sanatorium moest worden opgenomen. Ze kwam terug in Indië om daarna in 1938 in Amsterdam te gaan studeren, Scandinavische talen. Weer een jaar of acht gescheiden van haar ouders en haar zusje. De actieve en ravissante Hella was in feite een eenzaam meisje.

Ze gaf de brui aan de Scandinavische talen en ging naar de Toneelschool. Zonder hier een groot nummer van te maken, onthult Truijens dat Hella’s vader ondertussen op Java behalve een productief thrillerauteur ook een van de oprichters was van de Indische fascistische partij de Nieuwe Indische Beweging. En dat zijn dochter na de instelling van de Kultuurkamer bleef ‘doorspelen’ bij het Centraal Tooneel, dat collectief was opgegeven bij die Kultuurkamer. Dat zij daarmee ophield toen ze in 1944 trouwde, is niet waar, schrijft Truijens.

Kil en afstandelijk huwelijk

Doorgaans is het een saaie exercitie om in een biografie van een schrijver te gaan zoeken waar het leven in het werk zit. In het geval van Haasse ligt dat anders. Truijens heeft de hand kunnen leggen op talloze brieven en andere ongepubliceerde documenten die duidelijk maken dat het 64-jarige huwelijk met Jan van Lelyveld een sof was. Voor de buitenwacht was het koek en ei, maar in werkelijkheid stelde hij zich vanaf het begin kil en afstandelijk op. Toch kreeg het stel drie kinderen, waarvan er een jong overleed.

Dat afstandelijke huwelijk heeft grote invloed gehad op Haasses werk. Ze schreef vijf autobiografische boeken, zoals Zelfportret als legkaart, maar haar teleurstelling over het gebrek aan intimiteit met Jan en de sfeer in het gezin werden nooit benoemd, terwijl ze daar haar leven lang onder leed. Truijens geeft vele voorbeelden uit persoonlijke aantekeningen van Haasse over deze kilheid van haar man.

In feite schreef Haasse om niet te hoeven leven. Haar werk was haar werkelijkheid en daarin komen vaak romanpersonages voor die worstelen met hun zoektocht naar intimiteit met de ander. Je vraagt je af waarom ze bij Jan gebleven is. Behalve afstandelijk komt hij uit deze biografie naar voren als een egoïstische kerel.

Intiem portret

Het contact met Willem Frederik Hermans maakt misschien duidelijk waarom Haasse er, ondanks haar successen, nooit werkelijk bij hoorde als schrijfster. Truijens: ‘Hermans had in Haasse een trouw en scherpzinnig lezer en analist van zijn werk. En dat terwijl hij in het openbaar nooit één woord over haar werk zou zeggen, alsof het niet bestond, alsof ze niet in de eerste plaats collega’s waren.’

Aan het einde van haar leven heeft Haasse behoorlijk wat persoonlijke documenten vernietigd. Toch is het Truijens gelukt een intiem portret van deze nog springlevende schrijfster neer te zetten. Na het lezen van deze mooi geschreven biografie krijg je zin weer een roman van Hella Haasse te gaan lezen.

Het is Truijens gelukt een intiem portret van deze nog springlevende schrijfster neer te zetten. Beeld -
Het is Truijens gelukt een intiem portret van deze nog springlevende schrijfster neer te zetten.Beeld -

Leven in de verbeelding
Hella S. Haasse 1918-2011.

Aleid Truijens
Querido
€ 34,99. 598 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden