PlusBalletrecensie

Dancing Apart Together: zo kwetsbaar is die balletkunst dus niet

Dancing Apart Yogether, Nationale Opera & BalletBeeld Bart Hess

De Stervende Zwaan, de beroemde solo die Mikhail Fokine in 1905 creëerde voor sterdanseres Anna Pavlova, is in de loop der jaren geïnterpreteerd als een metafoor voor de vergankelijkheid van allerlei zaken. Van het leven, van de liefde of van de natuur. Volgens het programmaboekje van Dancing Apart Together mogen we de aangrijpende fladderende bewegingen van de danseres tevens opvatten als een symbool voor de kwetsbaarheid van het ballet als kunstvorm.

Die stervende zwaan, met toepasselijk fragiele trippelpasjes gedanst door Anna Ol, opent de voorstelling. Waarna Het Nationale Ballet met een pauzeloze collage van bestaand en nieuw werk laat zien dat het met die kwetsbaarheid van de balletkunst reuze meevalt.

De op muziek van Béla Bartók gezette Roemeense Dansen waarmee artistiek-directeur Ted Brandsen het programma opent zijn niet erg uitgesproken, maar elegant genoeg om het danspubliek na een half jaar gedwongen afkicken rustig te laten wennen. Want hoe voelde dat ook alweer, live ballet kijken? Hoewel de titel suggereert dat ook de dansers afstand van elkaar zullen bewaren worden na een minuut of tien alweer danseressen hemelwaarts gelift. En in Brandsens duet op Maurice Ravels compositie Kaddish mogen Qian Liu en Jakob Feyferlik contact maken zoals dat gebruikelijk was in het ‘pre-coronische tijdperk’.

Masculiene poses

Pit komt er in de voorstelling met een spannend voorproefje uit Manoeuvre, een werk van Juanjo Arqués dat volgende maand zijn volledige première zal beleven. Bewegend op de ongedurig over elkaar heen buitelende strijkers in John Adams’ moderne klassieker Shaker Loops zien we zeven mannen die een serie masculiene poses aannemen. Amechtig hun evenwicht bewarend lopen ze van de kijker weg alsof ze op een koord dansen. Als ze even later vastere grond onder de voeten lijken te hebben bevriezen ze in manhaftige posities.

Een geluidsdecor met een hoge intensiteit horen we eveneens in L’autre côté van Sedrig Verwoert. Aan noise grenzende electro wordt gemengd met een voordracht van Pat Parker, een zwarte homorechtenactiviste die furore maakte in de jaren zeventig in Amerika. Parkers oproep om voor andere onderdrukten op te komen voordat je zelf plots tot een onderdrukte groep behoort, knalt zo hypnotiserend uit de speakers, dat de dans wat wordt weggedrukt.

Het door Matthew Rowe gedirigeerde Balletorkest, ook al zo op dreef in Shaker Loops, mag los gaan op Henryk Górecki’s woest stampende Strijkkwartet no 4. In de daarop gezette choreografie Quasicrystal plaatst Annabelle Lopez Ochoa een groepje afstand houdende dansers tegenover een koppel dat die afstand uiteindelijk negeert, wat uitmondt in een hoopvol duet.

Naast al dat gevarieerde nieuwe werk bevat het programma ook twee absolute crowdpleasers – ook al is die crowd met ‘drie stoelen ertussen’ nog zo uitgedund. David Dawsons ongegeneerd romantische duet On The Nature of Daylight (2007), gezet op het gelijknamige sfeerstuk van Max Richter, wordt gepassioneerd gedanst door Anna Tsygankova en Constantine Allen. Uitgesproken virtuoos is de uitvoering door Remi Wörtmeyer, Edo Wijnen en vooral Young Gyu Choi van Hans van Manens over drie dansers verdeelde Bach-choreografie Solo (1997).

Dans

Dancing Apart Together

Door Het Nationale Ballet en Het Balletorkest

Gezien 17/9 Nationale Opera & Ballet

Te zien t/m 29/9 aldaar

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden