PlusDocurecensie

Cunningham: camera met choreografie

In Alla Kovgans documentaire over modernedanspionier Merce Cunningham worden traditionele archiefbeelden en interviews afgewisseld met spectaculaire, driedimensionaal gefilmde scènes uit sleutelwerken van de choreograaf.

Beeld uit een van de balletten, Summerspace, uit de documentaire Cunningham. In het midden Cunningham zelf.

‘Iedereen verklaarde me voor gek. Een documentaire van de grond proberen te krijgen over een moderne choreograaf. En dat ook nog in 3D?” Na de ­Nederlandse première van haar bijzondere portret van Merce Cunningham, op het Idfa van 2019, spraken we met Alla Kovgan, Russisch filmmaakster die sinds 1996 woont en werkt in New York. “Ik wist niet of ik het voor elkaar zou krijgen. Maar ik liet me graag leiden door een van die prachtige motto’s van Merce: “De enige manier om iets te doen is door het te doen.”

“In 2001, toen ik programmeur was bij het dansfilmfestival van Sint Petersburg, raakte ik in gesprek met Charles Atlas, die als videokunstenaar samenwerkte met Cunningham. Hij vond het hoog tijd voor een bioscoopfilm over Merces werk. Op dat moment kon ik me daar niets bij voorstellen. In zijn choreografieën zie je vijf of tien of zestien mensen allemaal een andere kant op bewegen. Hoe moest je dat in beeld brengen?”

Gimmickachtig

Enkele jaren later bracht Wim Wenders een 3D-hommage aan de pas overleden choreografielegende Pina Bausch. Kovgan zag de potentie. “Over het algemeen vond ik het gebruik van 3D in die film een beetje gimmickachtig, maar de enscenering van Sacre du printemps was geslaagd, door de manier waarop de dansruimte werd opengetrokken.”

Een beurs van de Rockefeller Foundation, om de mogelijkheden van een 3D-film over een New Yorkse danskunstenaar te onderzoeken, zette het project in 2011 op de rit.

“Met choreografen en dansers die met Merce hadden ­samengewerkt, selecteerden we veertien balletten waaruit we een scène wilden filmen. Daarbij richtten we ons ­nadrukkelijk op de periode vanaf 1944, toen Merce zijn eerste choreografie maakte. En hoewel Merce nog tot op hoge leeftijd, en tot in de 21ste eeuw belangrijk werk heeft gemaakt, loopt ons overzicht tot 1972. In dat jaar stopte een van zijn eerste getrouwen, Carolyn Brown, als danseres. En het gezelschap was deel geworden van de gevestigde orde.”

“Ik wilde vooral de evolutie van zijn danskunst in beeld brengen. Daarnaast ben ik gefascineerd door de New Yorkse kunstenaarsscene in de fifties en sixties. New York nam de plaats van Parijs over als internationale kunstenaarshoofdstad. Er ontstonden Amerikaanse kunststromingen die los stonden van de Europese traditie. Het clubje rond de geestverwanten Cunningham, Cage, Rauschenberg en Johns speelde daarin een cruciale rol.”

Het selecteren van geschikte dansscènes is één ding – het verfilmen was andere koek. Het zou Kovgan zeven jaar kosten om de film uiteindelijk met Duitse financiering tot stand te brengen. “Een concessie die we moesten doen, was dat we in Duitsland moesten filmen. Ik had het werk van Merce natuurlijk het liefst willen ensceneren in New York. Toch hebben we de film kunnen maken die we wilden. We hebben prachtige locaties gevonden, zoals een monumentale Hamburgse theaterzaal, een Saksisch woud en een modernistische vliegveldterminal. Met die locaties hebben we het werk van Cunningham geen ­geweld aangedaan.”

Kovgan, die zelf lange tijd werkte als editor, wilde de 3D-sequenties zo weinig mogelijk monteren. “Onze hersenen hebben meer tijd nodig om driedimensionale filmbeelden te verwerken. Met te veel cuts verstoor je dat proces en de ruimtelijke illusie. In plaats van montage heb ik het ­gezocht in beweging. De camera heeft als het ware zijn ­eigen choreografie.”

Heliumballonnen

Een voorbeeld daarvan is Rainforest (1968), waarin de dansers de ruimte delen met zilverkleurige heliumballonnen, ontworpen door Andy Warhol. Kovgan creëerde een zwarte ruimte zonder begin of eind, waarbij een spiegelende vloer de dansers en de zwevende ballonnen vermenigvuldigt. “Ik heb me laten inspireren door die prachtige openingsscène van Gravity (2013) waarin je als kijker alle gevoel voor onder of boven verliest. Het is wel goed dat Rainforest pas laat in de film zit. Het is een desoriënterende scène. Het zou jammer zijn als daardoor kijkers afhaakten. De film is voor een zo groot mogelijk publiek. Je hoeft van te voren niets te weten over Merce, of zelfs over dans, om de reis door Cunninghams werk te kunnen volgen.”

Te zien in De Balie, Cinecenter, Eye, Hallen, Tuschinski, Rialto.

Dierlijke virtuoos

Merce Cunningham (1919-2009) was een van de belangrijkste dansvernieuwers van de twintigste eeuw. Door zijn, vaak als dierlijk omschreven, virtuositeit werd hij een prominente danser in het gezelschap van een ­andere Amerikaanse danspionier: Martha Graham. In de jaren na WO II maakte Cunningham als naar vernieuwing hunkerende choreograaf deel uit van een vooruitstrevende groep New Yorkse kunstenaars en componisten, onder wie Robert Rauschenberg, Jasper Johns en Cunninghams levenspartner John Cage. Uit die artistieke kruisbestuiving destilleerde Cunningham een abstracte danstechniek. Dans werd losgekoppeld van muziek en werd, net als de vormgeving, een autonoom onderdeel van een voorstelling. Cunninghams dans vertelt geen verhaal en gaat alleen over de ­fysieke mogelijkheden van het menselijk lichaam. Elke beweging kon dans zijn en elke ruimte kon als dansruimte fungeren. Ook het toeval mocht een rol spelen.

De radicale voorstellingen van de in 1959 opgerichte Merce Cunningham Dance Company stuitten aanvankelijk op onbegrip bij publiek en critici. Het zou tot midden jaren zestig duren voordat de artistieke rijkdom van Cunninghams grillige bewegingstaal erkenning kreeg. Tot zijn overlijden op 90-jarige leeftijd bleef Cunningham zoeken naar nieuwe wegen, door het inzetten van digitale technieken en samenwerkingen met jongere artiesten als Sonic Youth, Radiohead en Sigur Rós.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden