PlusAchtergrond

Couture is ambachtelijk en intensief, is te zien in de etalage van de Bijenkorf

Met de ‘etalage-expositie’ In de maak belicht de Bijenkorf, samen met ontwerpers en kunstenaars, het ambachtelijke en intensieve maakproces van couture. Stille hoop: dat mensen zuiniger op hun spullen worden.

Replica van een trouwjurk uit 1759 – het pronkstuk van de expositie. Ontwerp: Flora van Egeraat. Beeld NJ Studio
Replica van een trouwjurk uit 1759 – het pronkstuk van de expositie. Ontwerp: Flora van Egeraat.Beeld NJ Studio

Wat als een wild idee begon, heeft groots ­gestalte gekregen, zegt een trotse Inge Schmitt (59), hoofd creatieve strategie van de Bijenkorf. Het warenhuis brengt diverse kledingitems uit de 150-jarige bestaansgeschiedenis voor het voetlicht, maar kers op de taart zijn de etalages waarvoor het ­samenwerkte met jonge ontwerpers, kunstenaars en alumni van de Meesteropleiding Coupeur en de Dutch Shoe Academy.

Het geheel is een project van Room on the Roof, het kamertje in de toren op de ­Bijenkorf Amsterdam, waar regelmatig lokale en inter­nationale kunstenaars worden uitgenodigd om als artist-in-residence werk te komen maken.

Inge Schmitt: “We willen laten zien hoeveel vakmanschap, kennis, liefde en tijd het kost om een kledingstuk te maken. Hopelijk worden mensen daardoor ook zuiniger op hun spullen. Het ultieme duurzaamheidsidee, eigenlijk.”

Losse sleep

Om maar meteen met het pronkstuk in huis te vallen: de replica van de trouwjurk van Helena Slicher uit 1759. De breedste jurk die in Nederland bewaard bleef: het rokgedeelte ­beslaat ­bijna twee meter, waardoor vrouwen ­alleen overdwars door een deur pasten. In ­Europa zijn nog zo’n vier andere exemplaren ­bewaard gebleven. Ze werden vaak gedragen tijdens bruiloften. De Russische tsarina Catharina de Grote was er verzot op en bezat een aantal van dit type jurk voor speciale gelegen­heden.

Aan Flora van Egeraat (23), oud-student van de Meesteropleiding Coupeur in Amsterdam, de eer om zich voor de Bijenkorf op deze bijzondere jurk, een manteau met losse sleep, te storten. “De jurk zelf of de stof van het ­origineel zijn nooit te koop geweest bij de Bijenkorf, die bestond in die tijd nog niet. Maar dat het een speciale jurk is, kun je wel zeggen,” zegt Van Egeraat.

Tweemaal stond ze oog in oog met de bijna drie eeuwen oude jurk in het depot van het Rijksmuseum, waar deze in het donker wordt bewaard in een zuurvrije doos tussen zuurvrij vloeipapier in een ruimte waar een constante temperatuur en luchtvochtigheid heerst.

Walvisbaleinen

“Ik mocht de jurk aanraken zonder handschoenen,” zegt Van Egeraat. “Dat verbaasde me, maar er is geen metaaldraad in verwerkt dat zou kunnen gaan oxyderen, vandaar. Bovendien voel je zonder handschoenen de stof beter, wat het risico verkleint dat je deze kapottrekt.”

Tijdens haar tweede bezoek mocht ze de ­fragiele jurk half binnenstebuiten keren om haar te kunnen opmeten. “Ze bestaat compleet uit rechte lappen stof die om het lijf heen zijn ­gevouwen en met de hand zijn vastgezet. Dat laatste gebeurde in die tijd behoorlijk slordig, is me opgevallen. Jurken werden gedurende de achttiende eeuw gevouwen, omdat stof ontzettend duur was. Hierdoor kon er later weer iets anders van worden gemaakt.”

De ingenieuze onderconstructie van de jurk werd vroeger van riet met linnen of walvis­baleinen gemaakt. Van Egeraat maakte deze van pvc-buizen. Wat er straks met de jurk gebeurt? “Die krijg ik thuis. Hoe ik dat ga oplossen is nog de vraag, want ik woon op tweehoog in De Baarsjes op 48 vierkante meter.”

Van Egeraat studeert momenteel kunst­geschiedenis aan de UvA, en gaat daarna een master textielrestauratie volgen. Die opleiding is gevestigd in het gebouw van het Rijksmuseum, jaarlijks studeren er zo’n vier internationale studenten af.

Belemmering vrijheid

Bianca du Mortier, conservator Mode en ­Kostuum van het Rijksmuseum, is blij met de ­replica. “Het patroon kan ons mogelijk nieuwe inzichten geven in hoe de jurk precies gevouwen is. Waarschijnlijk is het origineel een haastklus geweest, want daarop is een deel van het borduurwerk, een anjer, niet helemaal voltooid.” Wat Du Mortier al tijden bezighoudt, is hoe Helena Slicher deze jurk überhaupt heeft kunnen dragen, want dit type was alleen voorbehouden aan adellijke vrouwen en zij was niet van adel. Mogelijk was Slicher dus een vrouw met geld die het niet zo nauw nam met de strikte, hiërarchische modevoorschriften.

Ook Marie Lamberechts (25), afgestudeerd aan het Amsterdam Fashion Institute (Amfi), stortte zich op de brede achttiende eeuwse bruidsjurk van Slicher. “Het idee was om een ­karikatuur of hedendaags antwoord op de jurk te creëeren. Daarvoor werkte ik samen met Lieve Lieckens van Belgian Baskets, een ambachtelijk mandenvlechtster, die ook de structuren maakt voor de poppen tijdens de jaarlijkse optocht van ‘de ­gildereuzen van Dendermonde’ in België. De structuur die ze maakte van wilgentakken, waarvan delen zichtbaar zijn gelaten, valt als een soort kooi om de draagster heen. Het is vooral ook een kritische noot naar de paniers (een set hoepels of mandjes om een rok zijwaarts te verlengen) en ­crinolines (stijve petticoats van paardenhaar met katoen) die destijds onder kleding werden gedragen, wat vrouwen flink in hun vrijheid ­belemmerde.”

De jurk van Lamberechts is, evenals alle ­outfits in de Bijenkorfetalages, uitgevoerd als toile: een couturevakterm voor een proefmodel in een neutrale witte stof, waardoor de pasvorm duidelijk zichtbaar is en waarop de couturier eventueel ook kan tekenen.

De Bijenkorf brengt diverse kledingitems uit de 150-jarige bestaansgeschiedenis voor het voetlicht. Hier: Roerige Tijden (1930-1955). Beeld NJ Studio
De Bijenkorf brengt diverse kledingitems uit de 150-jarige bestaansgeschiedenis voor het voetlicht. Hier: Roerige Tijden (1930-1955).Beeld NJ Studio

Schoonheidsideaal

Lisa Konno (29) maakte een installatie die een kijkje achter de schermen geeft bij haar manier van werken. “Ik hergebruik vaak materialen. Zo heb ik nu een lange jas gemaakt uit overgebleven klassieke witte overhemden van diverse merken uit het warenhuis. In de etalage is onder meer een stapel overhemden te zien; die ­ontleed ik om te bekijken welke elementen ik wil gebruiken. In een kist zweven allemaal kraagjes, ik wilde dat het er sprookjesachtig uitzag. Het recyclingverhaal is al vaak verteld, maar steeds vanuit een gevoel van ernst. Ik ­wilde het benaderen vanuit de romantiek om dingen te hergebruiken.”

“Ik was benieuwd hoe mensen in een skipak over de maan zouden lopen,” zegt Armia You­sefi (31), die twee jaar geleden afstudeerde aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU). Voor zijn eigen werk onderzoekt hij regelmatig outdoorkleding, dus toen de Bijenkorf hem vroeg na te denken over mode en de toekomst, was één en één twee. “In de toekomst maken we misschien wel uitstapjes naar een planeet, wat voor activiteiten kunnen we daar dan doen? Het resulteerde in een jas, in overdreven grote vorm geïnspireerd op het maanlandschap, en een klassieke rok, waarvoor hij silhouetten bestudeerde van 150 jaar geleden.

Een etalage gaat over lingerie, zegt Inge Schmitt, ‘en over hoe we onszelf nog steeds in een soort korset proppen om aan een schoonheidsideaal te voldoen’. Te zien zijn onder meer een latexkorset van Sinéad O’Dwyer, en een nieuwe interpretatie van een korset uit 1912 dat in Nederland exclusief werd verkocht bij de ­Bijenkorf. Het ontwerp door Tess van Zalinge is er vanuit verschillende perspectieven te zien. Romy Yedidia creëerde sculpturen van een vrouwentorso.

Het volledige project, waaraan een jaar werd gewerkt, is als reizende tentoonstelling te zien. De looks staan in de etalage in houten kisten, om zo duurzaam mogelijk – inklappen en wegwezen, geen dozen – te kunnen reizen van het ene naar het andere filiaal. Momenteel zijn een aantal stuks te zien bij de Bijenkorf in Den Haag en in Amstelveen, daarna in Maastricht en Utrecht, om als laatste groots in twaalf etalages te eindigen in Amsterdam.

‘In de Maak’, te zien: Amstelveen – t/m 2 mei, Den Haag – t/m 2 mei, Utrecht/ Maastricht – 3 t/m 11 mei, Amsterdam – 24 mei t/m 6 juni

Collectie Michael Kors

Michael Kors vierde dinsdag zijn 40-jarig ­jubileum met de lancering van zijn collectiefilm voor najaar/winter 2021, waarin Rufus Wainwright optreedt. In de film lopen de modellen door 45th Street, in Kors’ geliefde Theater District in New York. De ontwerper doneerde tevens een onbekend bedrag aan The Actors Fund, een vangnet voor acteurs en entertainment­professionals.

Beetje bling

Beyoncé is niet vies van een beetje bling. De succesoutfit waarmee ze deze week alle ogen op zich gericht kreeg in Las Vegas was van Area. Het label van de Amerikaanse Beckett Fogg en de aan ArtEZ af­gestudeerde Piotrek Panszczyk Burke. Het witte oversized jasje plus matching broek, volbehangen met goudkleurige naamkettingen, uit de zomer­collectie 2020, was uiteraard aangepast voor Queen B.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden