PlusInterview

Componist Michel van de Aa: ‘Popnummer was net zo lastig als een aria’

De Australische zangeres Kate Miller-Heidke (links) en componist Michel van der Aa. Beeld Jo Duck (Kate) & Sarah Wijzenbeek

Componist Michel van der Aa heeft met de Australische zangeres Kate Miller-Heidke een popalbum gemaakt. ‘Ik heb echt moeten leren te reduceren en uit te gaan van hooks.’

Componist, regisseur, cineast, sounddesigner en gitarist Michel van der Aa (49) heeft een grote naam in de eigentijdse klassieke muziek. Zijn opera’s Afterlife, Sunken garden en Blank out gaan de wereld over en zijn virtual-reality-installatie Eight was na de première in het Holland Festival van vorig jaar ook al in Beijing, Aix-en-Provence en binnenkort in Australië te zien. En omdat hij nadenkt over publieksbereik, toegankelijkheid en de plaats en rol van de moderne componist in de maatschappij, maakte hij ook vijf een-minuut-opera’s voor De wereld draait door.

Hoewel hij volgende maand vijftig wordt, lijkt Van der Aa over het geheim van de eeuwige jeugd te beschikken. Behalve door de natuurwetten van de genetica, komt dat ook door zijn ononderdrukbare drang het nieuwe te zoeken. Sunken Garden was de eerste opera in de muziekgeschiedenis waarin 3D-beelden een belangrijke rol speelden. The book of sand was het eerste interactieve muziekstuk voor op de iPad en ook Eight was een complete noviteit.

En nu heeft hij zijn eerste popalbum gemaakt, omdat hij nu eenmaal met popmuziek is opgegroeid en dat ook een van de vocabulaires is waarin hij zich artistiek kan en wil uitdrukken. Time Falling heet de plaat, die morgen behalve op cd ook op vinyl verschijnt – elf nummers, meestal van een minuut of vijf, wat al aangeeft dat het geen gewoon popalbum is geworden.

Hij heeft er een jaar aan gewerkt. Even lang als aan een serieuze opera. Dat voorlaatste woord nemen we overigens meteen weer terug, want ook de muziek op Time Falling is serieus.

Van der Aa: “De teksten, van mezelf en van Borges en Pessoa, gaan allemaal over oneindigheid, over de levenscycli en kwamen voort uit het tekstonderzoek dat we hebben gedaan voor Eight.”

Twee weken in de studio

Al in 2013 ontstond het plan een popplaat te maken, nadat hij had kennisgemaakt met de Australische zangeres Kate Miller-Heidke (ze deed vorig jaar mee aan het Songfestival). Voor haar schreef hij in Sunken Garden twee aria’s, die sterk tegen popmuziek aanschurken. Allebei waren ze zo enthousiast over het resultaat dat ze er een vervolg aan wilden geven.

“De tussenstap was Book of Sand, waarin Kate een essentiële rol speelt en waarin ook die poppy kant aanwezig is. De beslissende stap was Eight, dat zo veel materiaal opleverde, dat er een popalbum uit kon voortkomen. Ik heb twee weken heel intensief met Kate in de studio gewerkt, hartstikke inspirerend. Tegelijkertijd was ik bezig aan Upload, mijn nieuwe opera, die volgend jaar bij De Nationale Opera in première gaat – een veel abstracter project. Ik wilde daar geen pop-opera van maken, maar liever aan de slag gaan met een echte pop-cd. Die twee werelden hield ik gescheiden. Ik kan in beide een ander ei kwijt.”

Op de vraag wat het verschil is tussen popmuziek en ‘serieuze muziek’ zegt Van der Aa: “Dat is dus moeilijk te zeggen, omdat ik als maker die grenzen eigenlijk allang niet meer zo voel. Ik vond een popnummer bedenken net zo ingewikkeld als een aria schrijven. In eerste instantie maakte ik de nummers veel te ingewikkeld, met veel te veel modulaties en te weinig herhalingen, omdat ik het met mijn componistenoren al snel saai dreigde te vinden. Ik heb echt moeten leren te reduceren en uit te gaan van hooks. In een popnummer is het nóg belangrijker een kern te vinden dan bij een orkestwerk. Die kern is waar je naar luistert. Een popliedje vergt een andere dichtheid van gebeurtenissen.”

De nummers ontstonden achter de piano of met een gitaar in de hand. Noten op papier structureren was er ditmaal niet bij. Van der Aa: “Als je eenmaal zo’n liedje hebt, begint de volgende fase, die van de productie en het mixen; het te laten klinken zoals je het wilt. Dat was véél meer werk dan ik ooit had gedacht. Hier moet ik ook echt Thijs de Vlieger noemen, die de plaat mede heeft geproduceerd. Popmixen, werken met compressie, met ruimte en diepte, is echt een vak apart, waarvoor veel technische kennis is vereist. En ook bij de mastering voeg je nog een hele nieuwe dimensie aan het geluid toe. Als je de demo’s die ik thuis heb gemaakt naast de uiteindelijke plaat zou leggen, hoor je echt een wereld van verschil. Uiteindelijk hebben we drie verschillende masters gemaakt, een voor de cd, een voor vinyl en een voor de digitale kanalen.”

“Een ander verschil tussen pop en klassiek is dat ik bij Time Falling de baas blijf over het hele proces, wat voor een control freak als ik erg fijn is, en dat je bij een klassiek stuk veel uit handen moeten geven – aan de dirigent of de solist bijvoorbeeld. Maar tegelijkertijd kan dat ook prachtige dingen opleveren die je zelf nooit had kunnen verzinnen. Janine Jansen, bijvoorbeeld, gaf de melodieën in mijn vioolconcert een intensiteit die echt iets schitterends toevoegde.”

Michel van der Aa featuring Kate Miller-Heidke: Time Falling (Disquiet Media) ligt sinds gisteren in de winkel. Clips zijn te zien op www.timefalling.com.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden