PlusAchtergrond

Bij Kati Heck mag alles en is niks wat het lijkt

Sprekende dieren, een hand die verandert in een tros bananen en feestende worsten. Het werk van de Belgisch-Duitse kunstenares Kati Heck is een wonderlijk universum vol verrassingen.

Kati Heck, Selbst­verständlich! (Die Übernahme), 2016. Beeld Kati Heck / Tim Van Laere Gallery

Zoals Picasso zijn blauwe en ­roze periode had, zo had Kati Heck (1979) haar worstenperiode. Een tijd lang liet de kunstenares oorlogvoerende, drinkende en feestende worsten de hoofdrol spelen in haar schilderijen en beelden. Heck was tijdens een werk­periode als artist-in-residence op het platteland van Oostenrijk begonnen met een getekend drieluik van een worsten­gevecht. Daarna ging ze met haar echtgenoot worstenkostuums maken voor zichzelf en andere kunstenaars. Wat volgde was een worstenmars, een worstengevecht en een installatie op de kunstbeurs van Keulen, met polyester worsten.

Na de worstenperiode heeft Heck nog een tijd met augurken- en aardappelvormen gewerkt. Ook deed ze een performance waarin ze met behulp van een mal en vanillepudding een reusachtige sculptuur maakte in de vorm van hersenen. Deze werd afgewerkt met bloedrode frambozensaus en opgediend aan het publiek.

Hup Holland Hup

Nu presenteert GEM in Den Haag, de dependance voor hedendaagse kunst van het Kunstmuseum, het wonderlijke universum van Kati Heck, die in Düsseldorf opgroeide en op 18-jarige leeftijd naar België verhuisde om aan de academie in Antwerpen te studeren. Ze was aanvankelijk schilder, maar bedient zich inmiddels ook van allerlei andere disciplines.

Hauruck d’Orange heet de tentoonstelling. ‘Hauruck’ is Duitse straattaal voor zoiets als: ­komaan! ‘Orange’ verwijst naar de nationale kleur van Nederland, waar ze nu haar eerste museale tentoonstelling heeft. ‘Hup Holland Hup’ dus. De kleuren van de wanden van GEM zijn voor de gelegenheid in vaal rood, geel en zwart geschilderd, de kleuren van zowel de Duitse als de Belgische vlag.

De expositie in Den Haag opent met een karikaturale figuur met een knalgeel peervormig lichaam, een paarse neus en een gebit vol gaten. Hij zit achter een orgel waaruit draden komen en zijn scharnierende spillebenen suggereren dat hij elk moment in beweging kan komen. De figuur blijft echter roerloos zitten. Achter hem staat een tekst op een gordijn geschreven, maar deze is door de golvingen in het textiel nauwelijks leesbaar. Behalve de titel erboven: ­Babydetectivmanifest.

Babydetectiv is een alter ego van Heck en inderdaad word je uitgenodigd als een rechercheur uit te zoeken wat er precies aan de hand is in haar schilderijen. Die worden vaak bevolkt door hedendaagse figuren in vreemde situaties. Een groep vrouwen, van puberteit tot middel­bare leeftijd, zit bij elkaar in een kring. De ouderen lijken in zichzelf gekeerd en onder invloed van wijn of cannabis, terwijl de jongeren voornamelijk bezig zijn met het vlechten van elkaars haar. Een van hen tekent met haar wijsvinger een vogel in het zand. Op de achtergrond is een schoenmaker in zijn winkel bezig een hak te vervangen.

Alice in Wonderland

Op een ander schilderij staat een jonge vrouw in een donker bos. Ze heeft een luit in haar linkerhand en twee hoofden, die elk een andere kant op kijken. De figuur lijkt te twijfelen welke kant op te gaan. Wat niet heel raar is, want op de achtergrond is een grote vuurexplosie zichtbaar. Een man met ontbloot bovenlijf en lang haar – onmiskenbaar Iggy Pop – probeert zich ook een weg te zoeken door het bos. De boomtakken ­lijken op tentakels die overal om zich heen grijpen, maar op de achtergrond is ook een prachtig dromerig maanlandschap te zien, helemaal in de traditie van de romantische schilderkunst uit de 19de eeuw.

Probeer daar maar eens chocola van het maken. Al lijkt dat ook helemaal niet de bedoeling. Net zomin als het zoeken naar precieze betekenissen in het werk Alice in Wonderland erg zinvol is. Je moet je als toeschouwer gewoon mee laten voeren, down the rabbit hole, en je dan overgeven aan de avonturen die je beleeft. Zoals het verveelde meisje Alice komt Kati Heck in haar schilderijen in een fantasiewereld terecht, vol sprekende dieren en andere imaginaire ­wezens die de dagelijkse logica tarten.

Voor Heck moet schilderen een avontuurlijk proces zijn. De doeken zitten vol verrassende overgangen die vooral het gevolg lijken van spontane ingevingen. Een hand wordt ineens een tros bananen. Een been neemt de kleuren van het parket aan waarop het staat. Een bovenarm is eenvoudigweg weggelaten, waardoor de onderarm in het luchtledige zweeft.

Pogingen al die dingen tot een coherent geheel te smeden zijn gedoemd te mislukken. Alles mag en niets is wat het lijkt, lijkt Hecks devies. Aan het eind van de tentoonstelling staat een grote sculptuur van een sfinx, naar Egyptisch model, maar met Hecks karaktertrekken. Dwars op haar mond is een pijp bevestigd, als knipoog naar Sherlock Holmes (immers de beroemdste detective) en natuurlijk naar René Magritte, die altijd een loopje nam met de werkelijkheid zoals we die denken te kennen.

Kati Heck, Hauruck d’Orange, GEM Den Haag, t/m 8/11

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden