PlusAlbumrecensie

Bernard Haitink weet de luisteraar met deze uitvoering van Bruckners Zevende tot tranen te roeren

Bernard Haitink sloot zijn carrière als dirigent af met grandioze uitvoeringen van Bruckners Zevende symfonie. De uitvoering tijdens de ZaterdagMatinee is nu op cd uitgebracht.

Bernard Haitink (M) op 15 juni 2019, in het Concertgebouw waar hij Bruckners Zevende symfonie dirigeerde en orkestliederen van Richard Strauss. Het was zijn laatste concert in Nederland. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Bernard Haitink (M) op 15 juni 2019, in het Concertgebouw waar hij Bruckners Zevende symfonie dirigeerde en orkestliederen van Richard Strauss. Het was zijn laatste concert in Nederland.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

De Zevende symfonie van Anton Bruck­ner behoorde tot de stukken die Bernard Haitink, thans dirigent in ruste, heel graag op het programma zette. Vermoedelijk omdat hij het onmogelijk achtte dat hij de kolos ooit nog eens geheel naar zijn eigen ideaalbeeld zou kunnen vormgeven. Je moet vrezen dat hij na afloop altijd dacht ‘wieder nicht gelungen’, zoals zijn fameuze collega Bruno Walter tegen een concertmeester moet hebben gezegd na een zoveelste poging Mozarts Veertigste symfonie in perfecte banen te leiden.

Haitink dirigeerde Bruckner Zeven bij vele orkesten, van het Royal Liverpool Philharmonic Orchestra in 1961 tot de Berliner Philharmoniker in 2019. In het rijtje hoort ook het Radio Filharmonisch Orkest, waar hij de Zevende drie keer dirigeerde, in 1965, 1972 en 2019.

Van al die uitvoeringen en cd-opnamen was die met het Radio Filharmonisch Orkest (RFO) op 15 juni 2019 tijdens de ZaterdagMatinee verreweg het onvergetelijkst, omdat hij toen als dirigent na 64 jaar officieus afscheid nam van Amsterdam en Nederland. Daarna dirigeerde hij die Zevende nog één keer, in Luzern in Zwitserland, bij de Wiener Philharmoniker, voor een aanmerkelijk minder enthousiast publiek dan in Amsterdam.

Die laatste uitvoeringen waren ook nog in musicologisch opzicht zeer interessant, omdat Haitink opnieuw koos voor de partituurversie van Leopold Nowak (mét de bekkenslag in het Adagio) en niet voor die van Robert Haas (zonder bekkenslag), waar hij na zijn allereerste Zevende bij het RFO in 1965 tientallen jaren de voorkeur aan had gegeven.

Thuisgevoel

Wat Haitink tot zo’n uitzonderlijk goede Bruck­ner­diri­gent maakte, is door velen getracht onder woorden te brengen. Het heeft te maken met zijn natuurlijke, intuïtieve begrip van en overzicht op de grote structuren in de muziek, de spanningsbogen zoals dat zo mooi heet, het idee van eb en vloed, waar goed beschouwd weinig aan valt uit te leggen. Je hebt het of je hebt het niet.

In elk geval voelde hij zich ‘merkwaardig genoeg van begin af aan thuis’ in Bruckner, zegt hij tegen Niek Nelissen in het interviewboek Als je het een beroep kunt noemen. En dan te bedenken dat hij in 1960 bij het RFO begon met de Negende symfonie, Bruckners laatste en spiritueelste.

Beginnen met die Negende werd hem door iedereen ontraden. Haitink, 31 jaar jong, trok zich daar niets van aan en besefte pas vele jaren later hoe overmoedig dat misschien was geweest. Je kunt trouwens ook zeggen dat die keuze de enig juiste was geweest, vanuit de gedachte dat ook Bruckner zelf in dat verpletterende stuk een sprong in het ongewisse had gemaakt.

De met recht historisch te noemen uitvoering van de Zevende met het RFO is nu op cd uitgebracht. Vanuit de beladenheid van de gebeurtenis is er amper met droge ogen naar te luisteren. Duidelijk is dat de opname met het RFO zonder meer naast de andere opnamen die Haitink van het stuk maakte kan staan of die zelfs overtreft, zeker aannemend dat het hier een waarachtige livegebeurtenis betreft en niets aan de uitvoering is gemonteerd.

Geknipt is er wel in het slotapplaus dat hier na een stilte van tien seconden 25 tellen aanhoudt in plaats van de negen minuten die ik op die middag turfde.

Groot aantal uitvoeringen

Bernard Haitink dirigeerde de Zevende symfonie van Anton Bruckner (1824-1896) onder andere bij het Royal Liverpool Philharmonic Orchestra (1961), BBC Symphony Orchestra (1965, 1966, 1994), London Philharmonic Orchestra (1968 en 1971), New York Philharmonic (1975), Sinfonieorchester des Bayerischen Rundfunks (1981), Staatskapelle Dresden (1991), European Youth Orchestra (1997), Wiener Philharmoniker (1997, 2019), London Symphony Orchestra (1998), Chicago Symphony Orchestra (2007) tot de Berliner Philharmoniker (2019) en tussen 1961 en 2017 bijna vijftig keer bij het Concertgebouworkest.

Anton Bruckner in 1885. Beeld Corbis via Getty Images
Anton Bruckner in 1885.Beeld Corbis via Getty Images
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden