PlusAlbumrecensie

Bariton Thomas Oliemans weet ook goed raad met chansons

Erik Voermans

Weinig is ontwapenender dan een serieuze kunstenaar die plotseling een speelse kant van zichzelf laat zien die je niet vanzelfsprekend met zijn hoofdstiel associeert.

Voorbeelden. Arnold Schönberg die behalve een zeer serieuze componist ook een fanatieke tafeltennisser was. Reinbert de Leeuw die behalve een heel erg serieuze dirigent ook nog een ontzettend fanatieke kaartspeler was. Dirigent Otto Klemperer, die gaarne een bezoekje bracht aan een publieke vrouw (verkeerd voorbeeld misschien).

Bariton Thomas Oliemans, die inmiddels een voorspoedig verlopende internationale carrière heeft opgebouwd, zette een tijd geleden velen op het verkeerde been toen hij op een avond plaatsnam achter een piano en met veel liefde Que reste-t-il de nos amours van Charles Trenet begon te zingen. Verrek! Een klassieke musicus die ook nog van andere dingen houdt, zullen sommigen hebben gedacht.

Voor Oliemans zelf was het volkomen vanzelfsprekend. Als kind al hoorde hij thuis Franse chansons. Was het niet vanuit de werkkamer van zijn vader, pal onder zijn slaapkamer, dan wel in de auto, op een lange vakantierit naar de Dordogne, via de ingebouwde cassettespeler of de radio met beroerde ontvangst. En toen eenmaal het actieve musiceren in zijn leven zijn intrede deed, begon hij niet met de aria’s van Mozart waarmee hij nu in operahuizen het publiek in vervoering brengt, maar met This melody (‘Zis mellodie’) van Julien Clerc en La chanson des vieux amants van Jacques Brel.

Via leraressen op zijn middelbare school deed hij mee aan het Concours de la Chanson, dat hij, ook tot zijn eigen verbazing, nog won ook.

Mooi is zijn verhaal dat die chansons met hem meegroeiden nadat hij eenmaal voor het pad van de klassieke muziek had gekozen. Teksten van Brel, Barbara en Charles Trenet bleken dieper dan ooit vermoed, klankkleuren van chansonsarrangeurs bleken echo’s te bevatten van grote componisten als Ravel en Debussy.

Het was dus slechts wachten op het moment dat Oliemans een album met chansons zou maken. Formidable! heet de plaat, naar de liederen van Aznavour en Stromae. De timing van Formidable! kon bovendien slechter, nu Matthijs van Nieuwkerk en Rob Kemps op televisie met hun vierdelige serie Chansons! vele zieltjes hebben gewonnen voor het genre.

Oliemans wordt begeleid door Amsterdam Sinfonietta, pianist en accordeonist Bert van den Brink, trompettist Ruben Drenth en slagwerker Jens Meijer en dat klinkt allemaal fantastisch. Door de chansons af en toe vooraf te laten gaan door relevante klassieke stukken, wint de productie bovendien aan rijkdom. Voorbeelden: Les parapluies de Cherbourg wordt ingeleid door het Andantino uit het strijkkwartet van Debussy; door Et maintenant van Gilbert Bécaud zit Ravels Boléro verweven.

Oliemans klinkt het best als hij, zoals in Et maintenant, zijn fraaie bariton volledig kan aanspreken. In de chansons waarin hij ingehoudener zingt, wordt het wat kleurlozer en in elk geval zonder de specifieke timbrale scherpte van de originelen, wat trouwens onvermijdelijk is, want een Trenet had een heel andere stem. Niettemin, een zeer geslaagd album.

Pop

Thomas Oliemans
Formidable!
(Channel Classics)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden