Barbara van Beukering: ‘Ik hoop dat ik het zelf goed ga doen, maar makkelijk lijkt het me niet.’

PlusInterview

Barbara van Beukering: ‘Hoe je sterft, heeft invloed op de achterblijvers’

Barbara van Beukering: ‘Ik hoop dat ik het zelf goed ga doen, maar makkelijk lijkt het me niet.’Beeld © Jitske Schols

Journalist Barbara van Beukering (53) schreef een persoonlijk boek over sterven: Je kunt het maar één keer doen. ‘We waren een stelletje amateurs rond mijn vaders sterfbed.’

“Het gaat ons allemaal aan,” zegt schrijver-journalist Barbara van Beukering. Dat omsluierende woord ‘het’ staat voor sterven, en ook voor wat sterven volgens haar in deze tijd is geworden. Terug te lezen in de ondertitel van haar boek Je kunt het maar één keer doen. Die luidt: Een persoonlijke zoektocht naar sterven, het grootste taboe in ons leven.

“Mijn beide ouders zijn aan darmkanker overleden,” zegt Van Beukering, oud-hoofdredacteur van Het Parool, bij haar thuis. “Mijn vader heeft een vreselijk sterfbed gehad. Traumatisch. Fysiek takelde hij helemaal af. Ik zie hem nog uitgemergeld op de bank zitten. Hij kon niet bevatten wat hem overkwam, kon er niet over praten. Hij was totaal in paniek. Zijn sterven is door angst geregeerd, en wij kinderen stonden er machteloos bij.”

Ze kampte jarenlang met schuldgevoel en ­berouw. Waarom was het zo gegaan? Ze had ­paniekaanvallen en nachtmerries voor ze een beetje over de dood van haar vader heen was. Zes jaar geleden overleed haar moeder. Dat was een heel ander verhaal.

Verdrietige boeken

“Na de diagnose zag ik die vreselijke beelden van mijn vaders stervensproces weer voor ogen. Maar mijn moeder, die dat natuurlijk ook had meegemaakt, zei ‘maak je geen zorgen, ik laat me niet behandelen. Voor het lijden ondraaglijk wordt, wil ik euthanasie’. Dat was, hoe erg ik het ook vond dat ze dood zou gaan, een opluchting. Ze heeft goed afscheid kunnen ­nemen van haar dierbaren en van het leven. Dat heeft me een heel goed gevoel bezorgd.”

Ook deze dood achtervolgde Van Beukering, maar op een andere manier. Ze besefte dat het heel veel uitmaakt hoe een mens sterft en hoe hij of zij de anderen achter laat. “Als ik van mensen hoor dat het sterfbed van een dierbare heel erg was, weet ik; wat zul jij het nog moeilijk krijgen. Het inzicht dat het ook anders kan, dat is de basis van dit boek.”

In het goed geschreven Je kunt het maar één keer doen lezen we over de persoonlijke ervaringen met de dood van Barbara van Beukering, over het stervensproces van bekende mensen als René Gude, Renate Dorrestein en Sandra Reemer (verteld door partners of familieleden). Ook laat ze zes deskundigen, autoriteiten op het gebied van sterven, aan het woord, onder wie de bekende arts-schrijver Bert Keizer.

“Dit boek was er nog niet. Er waren wel min of meer wetenschappelijke publicaties over sterven, of heel verdrietige boeken over persoonlijk verlies. En die stonden in de boekwinkel allemaal op het plankje ‘Rouwverwerking’. Ik wil met mijn boek niet op dat plankje, want dit gaat ons allen aan. Ik vind het belangrijk dat we ons bewust worden hoe belangrijk de manier van sterven is, óók voor de nabestaanden.”

Stervensbegeleiding

“Ik voelde een enorme drang om dat te vertellen. Hiervoor heb ik een boek geschreven over ouder worden. Leuk, maar dit móest, dit was noodzakelijk. Ik wil nog wel benadrukken dat dit geen zelfhulpboek is. Het gaat om de vraag: waarom zijn we zo bang voor de dood geworden? Waarom is het een taboe?”

Vroeger werd er thuis gestorven, met de familie eromheen. Het was vanzelfsprekend, sterven maakte deel uit van het leven. “Maar,” zo zegt Van Beukering, “we leven langer en we sterven ook veel langer. We denken niet: we gaan dood, we zoeken meteen behandelingen. En we sterven niet meer thuis, maar in ziekenhuizen en hospices. De dood is buiten ons leven geplaatst, we zijn er niet meer mee vertrouwd. Dus is het eng geworden.”

En dus moeten we er meer over nadenken, en meer over praten, het vertrouwd maken om over de eigen dood na te denken. “Zodat, als de dood voor de deur staat, hij je niet overvalt. Dat je niet onnodig pijn lijdt, en in de buurt van je dier­baren kunt sterven.”

Door het schrijven van Je kunt het maar één keer doen heeft Van Beukering de dood van haar vader, 24 jaar geleden, beter kunnen verwerken. Ze begrijpt nu beter wat er misging.

“We waren een stelletje amateurs rond zijn sterfbed. Hij was in paniek en wij wisten niet hoe we hem konden helpen. Nu haal je er een professionele stervensbegeleider bij, maar toen kwam alleen de huisarts kijken hoe het met hem ging.”

Ze vertelt over haar zwangere dochter. Dat er een heel apparaat in beweging komt om haar te begeleiden. “Maar als je ligt te sterven, komt er niemand. Zo’n stervensbegeleider had mijn ­vader en ons gerust kunnen stellen. Dat het geen eng, maar een normaal proces was.”

Geen stervenskunst

Daarom moet de dood uit de taboesfeer worden gehaald. Van Beukering laat dat slim zien in haar boek, door eerst de nare, akelige sterfgevallen te laten zien, en daarna de goede en mooie. Zoals Renate Dorrestein, die bewust en berust afscheid nam van het leven.

“En mijn moeder dus ook. Ik hoop dat ik dat ook zo ga doen. Nee, dat is geen stervenskunst. Makkelijk lijkt het me echt niet. Je moet toch het leven loslaten. Dat accepteren... Het is een ­afschuwelijke gedachte natuurlijk. De dood is een rotconcept. Jij gaat dood en de rest gaat vrolijk verder. Ik zie er als een berg tegenop.”

Van Beukering heeft troost gevonden in het schrijven van dit boek. “Ik ben me ook meer ­bewust geworden van de zin van het leven, een verschrikkelijk cliché, maar wel waar. Het draait om wat je kunt betekenen voor anderen. Je kunt eerder berusten op je sterfbed als je dankbaar bent voor je leven, dat is goed om je te realiseren. Om daarover na te denken, hoef je niet ziek te zijn, daar kun je al veel eerder mee beginnen.”

“Sterven is niet te leren, er bestaat geen blauwdruk voor een goed sterfbed, maar je kunt je er wel op voorbereiden. Dat wilde ik laten zien.”

Barbara van Beukering: Je kunt het maar één keer doen. Uitgeverij Spectrum, €20,99, 208 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden