Bachvirtuoos Ivo Janssen zet punt achter pianocarrière

Lage uurtarieven, wegvallende cd-verkopen, maar vooral de ziekte van Dupuytren nopen pianist Ivo Janssen te stoppen. Door vergroeiing van zijn pinken kan hij geen grote, brede akkoorden meer spelen. ‘Beter wordt het niet.’

Ivo Janssen bij hem thuis op zijn boot. De ziekte van Dupuytren speelt hem steeds meer parten. Beeld Daniel Cohen

Hij was een van de grote talenten van zijn generatie, maar nu is het voorbij. Pianist Ivo Janssen (55) heeft besloten een punt te zetten achter zijn carrière; of eigenlijk een puntkomma, ‘want je weet het maar nooit’. 

De reden? Het komt er op neer dat het als uitvoerend musicus in Nederland nauwelijks nog mogelijk is een behoorlijke boterham te verdienen. Het aantal concerten dat hij kan geven loopt vervaarlijk terug. Bovendien staan de honoraria vaak in geen verhouding meer tot het aantal uren dat hij aan studeren moet besteden (voor zijn uurloon zou een loodgieter zijn bed niet eens uitkomen) en de verkoop van zijn cd’s is inmiddels verwaarloosbaar. En last maar zeker niet least, is er nog die vervelende kwaal aan zijn handen, de ziekte van Dupuytren (fibromatosis facialis palmaris), bijgenaamd de Keltische klauw of ‘koetsiershanden’, waarbij door een verharding van het bindweefsel tussen de pezen zijn pinken kromtrekken.

Hij toont zijn handen. De linkerpink ziet eruit als de bovenkant van een kleerhanger. En rechts kan hij de pink niet meer naar buiten bewegen. “Grote, brede akkoorden kan ik niet meer spelen. Twee jaar geleden speelde ik met het Matangi Kwartet een Kwintet van Brahms, waarvan ik bijna geen akkoord kon spelen zonder noten weg te laten. Denk maar niet dat iemand dat heeft gehoord hoor, maar daar gaat het niet om. Ik hoorde het zélf. En dat ging me steeds meer frustreren. Met operaties is het tijdelijk te verhelpen, maar beter wordt het niet.”

Wat hij nog wel kan spelen, is Bach, van wie hij als eerste pianist ter wereld alle klavierwerken op cd zette. Bij Bach zijn brede akkoorden schaars. “Maar er zit een grens aan. De Goldbergvariaties en het Wohltemperierte Klavier speel ik nog steeds graag, maar het is niet zo dat ik daar een nog decennia durende carrière op kan bouwen.”

Beter dan ooit

Het curieuze, treurige, fascinerende, of bedenk zelf een beter woord, is dat hij zelf vindt dat ‘hij beter speelt dan ooit’. “Ik heb dat te vaak gedacht om het niet hardop te durven zeggen, maar is het niet heel logisch eigenlijk? Je krijgt in het vak steeds meer ervaring, je blijft erover nadenken en je ontwikkelen, je leert het repertoire steeds beter kennen. Ik speel Bach beter dan ooit. Dat durf ik gerust te zeggen.”

Hij heeft er jaren over gedaan om tot zijn besluit te komen. “Het is ook niet iets wat je op een achternamiddag bedenkt natuurlijk. Muziek is mijn leven, maar ik heb nog een andere passie: klussen aan boten en huizen.” Hij verbouwde eigenhandig de boot waar hij voorlopig nog woont, een voormalig munitieschip op de Wittenburgergracht. Dat toverde hij met hard werken – er moest veel beton worden weggebikt – om tot het concertzaaltje met de tamelijk hilarische naam ‘Janssenbeton’. Daar gaf hij in de loop der jaren meer dan honderd concerten. Hij speelde trouwens ook honderd keer in het Concertgebouw (‘ik ben dol op de Kleine Zaal’).

“Dat spelen én bouwen was zwaar. Een dubbele baan. Op een gegeven moment ben ik daar bijna aan onderdoor gegaan, waarna ik besloot als pianist een sabbatical te nemen. Toen ik de draad na drie maanden weer oppikte, was ik opgelucht dat ik het weer leuk vond!”

Relativerend vermogen

Het tekent Janssens relativerende omgang met zijn vak. Dat zat er al vroeg in. “Als je de absolute top wilt halen, moet je rücksichtslos zijn. Dat ben ik maar heel even geweest. Na mijn studie bij Jan Wijn heb ik aan concoursen meegedaan in Brussel, Amerika, Australië, Athene en Ierland en die wilde ik natuurlijk winnen. In die tijd heb ik me suf gestudeerd. In Brussel kwam ik tot de halve finale. Niet slecht, maar ook niet voldoende om een carrière op te baseren. Had ik Brussel gewonnen, dan had ik de wereld rond gemoeten. Had ik al dat gereis wel leuk gevonden? Ik betwijfel het. Monomaan, met oogkleppen op een pianocarrière najagen, paste niet bij mij.”

Nu hij heeft aangekondigd te stoppen, vragen mensen hem of hij de muziek niet zal missen. “Dat vind ik een vreemde vraag, want ik kan thuis toch nog steeds alles spelen als ik dat zou willen? Het enige wat er dan ontbreekt is publiek en applaus, maar daar was het me toch al nooit echt om te doen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden