Plus

Antonis Pittas zet Nederlander Theo van Doesburg tussen de Franse gele hesjes

De Grieks-Amsterdamse kunstenaar Antonis Pittas maakte in Utrecht een installatie met werk en tekeningen van Theo van Doesburg. Bezoekers wordt aangeraden met flits te fotograferen.

Kees Keijer
De werken van Theo van Doesburg zijn chronologisch gerangschikt met daar overheen silhouetten van gelehesjesdemonstranten. Beeld Centraal Museum Utrecht/Gert Jan van Rooij
De werken van Theo van Doesburg zijn chronologisch gerangschikt met daar overheen silhouetten van gelehesjesdemonstranten.Beeld Centraal Museum Utrecht/Gert Jan van Rooij

Middenin de collectiepresentatie van het Centraal Museum in Utrecht zijn de wanden ineens behangen met knalgeel behang. Achter silhouetten van figuren doemen lijsten op met werken op papier, gemaakt door Theo van Doesburg (1883-1931).

Het museum heeft de Grieks-Amsterdamse kunstenaar Antonis Pittas (1973) gevraagd om naar de deelcollectie van Van Doesburg te kijken. De presentatie komt voort uit Pittas’ periode als artist-in-residence in het Van Doesburghuis in de buurt van Parijs.

Eind jaren twintig ontwierp Theo van Doesburg een atelierwoning voor zichzelf en zijn vrouw Nelly in Meudon-Val-Fleury, een voorstadje van Parijs. Het huis werd eind 1930 opgeleverd, maar nog voordat het werd ingericht overleed Van Doesburg, 47 jaar oud. De atelierwoning wordt tegenwoordig beschikbaar gesteld aan kunstenaars en onderzoekers. In 2019 verbleef Pittas er enkele maanden.

“Het fascineerde me om in een huis te wonen dat gebouwd is met de ideeën van het modernisme. Ik houd ook heel erg van Van Doesburg. Hij is verreweg mijn favoriete kunstenaar van De Stijl,” zegt Pittas.

Dat is een opmerkelijk standpunt, want Piet Mondriaan wordt meestal hoger aangeslagen als exponent van De Stijl. “Het spijt me te moeten zeggen, maar Mondriaan was niet zo’n aardig persoon. Hij was ook heel obsessief en egocentrisch. Van Doesburg was een echt multitalent. Hij was architect, ontwerper, schilder en grafisch ontwerper. Hij was ook sociaal heel gevoelig, hij was geïnteresseerd in andere mensen, hij wilde een beter leven door dingen te veranderen. Ik vind het ook dramatisch dat hij heel jong is gestorven.”

Pittas genoot van het huis in Meudon-Val-Fleury en was zich bewust van de geschiedenis ervan. “Je wordt elke dag wakker in een huis waar veel beroemde mensen zijn geweest.”

Spoor van geweld

Pittas wilde in Meudon-Val-Fleury ook onderzoek doen naar het politieke effect van het modernisme. Wat dat betreft viel hij met zijn neus in de boter, want tijdens zijn verblijf werd Parijs geteisterd door de protesten van de gilets jaunes, de gele-hesjes-beweging. “Toen ik naar Parijs ging, wilde ik naar de politieke impact van Theo van Doesburg en De Stijl kijken. In Nederland wordt niet zo veel gepraat over De Stijl als een politieke beweging, zoals in Rusland over de Russische avant-garde wordt gesproken. Maar als je ornamenten wilt verbannen, heeft dat ook een politieke betekenis.”

Pittas zag de demonstraties van de gele hesjes en besefte dat het een beweging was waarin extreem-links en extreem-rechts elkaar vonden. Hij herkende het spoor van geweld ook uit zijn jeugd in Athene. “Als student van de School of Fine Arts geloofde ik ook dat geweld in bepaalde gevallen gerechtvaardigd was om dingen te veranderen. Nu zag ik de gele hesjes op de Champs-Élysées vernielingen aanrichten. Het was heel vreemd om daar getuige van te zijn en om daarna weer naar Meudon te gaan, een rustige, burgerlijke voorstad.”

Pittas wilde op de laatste dag van zijn verblijf een performance organiseren, waarin ook politiemedewerkers zouden optreden. Het Van Doesburghuis zou een plaats delict worden waar een moord had plaatsgevonden. Slachtoffer was het modernisme. Alles was voorbereid, maar een paar dagen voor de performance stond de Notre-Dame in de brand. De politie vond het plotseling geen goed idee meer om mee te doen aan een kunstperformance, terwijl de puinhopen van het Parijse monument nog lagen na te smeulen. De performance vond dus plaats zonder politiemensen.

Silhouetten van demonstranten

Ook de installatie in het Centraal Museum gaat over het modernisme, De Stijl en Van Doesburg en het ineenstorten van modernistische idealen. De titel Jaune, geel, gelb, yellow, Acts of Modernism verwijst naar het dadaïstische tijdschrift Mecano, waarvan Van Doesburg vier nummers zou uitgeven, elk met een eigen kleur.

Op gele muren hangen werken van Theo van Doesburg chronologisch achter elkaar en daar overheen hangen silhouetten, gemaakt van het reflecterende materiaal dat normaal gebruikt wordt voor verkeersborden en andere markeringen langs de snelweg. Je kunt met flits in de zalen fotograferen, waardoor de figuren op de muur oplichten tegen een donkere achtergrond. De silhouetten zijn gebaseerd op foto’s die Pittas maakte van gele hesjes-aanhangers en ME’ers in Parijs.

“Door de figuren wordt het moeilijk om de werken van Van Doesburg te zien, maar ik wilde ook een spanning laten zien. Je kijkt als het ware terug naar het modernisme door de lens van vandaag. We leven nu in een heftige tijd en we kijken terug naar een utopisch ideaal.”

Jaune, geel, gelb, yellow, Acts of modernism with Antonis Pittas and Theo van Doesburg t/m 6 /2 in Centraal Museum Utrecht.

Constant 101

Het is 101 jaar geleden dat kunstenaar Constant Nieuwenhuijs (1920-2005) werd geboren. Het Cobra Museum voor moderne kunst in Amstelveen is een van de musea die daar bij stilstaan. Constant, de naam waaronder de kunstenaar bekend werd, verbeeldde met zijn project New Babylon een toekomst waarin de mens onbeperkt creatief kon zijn.

In een video uit 1995 vertelt de kunstenaar dat de revolutie die hij vroeger voor ogen had toch niet helemaal is uitgekomen. En van echte vrijheid was ook geen sprake, constateert hij met spijt.

Antonis Pittas heeft ook in het Cobra Museum een ruimtelijke installatie gemaakt, met de titel Don’t forget me here. Daarin zijn werken opgenomen van Constant over thema’s als oorlog, vrijheid, migratie en de nomadische mens. Voor de grote collage Mekong rivier (1970) knipte Constant bijvoorbeeld krantenkoppen uit Het Parool over de oorlog in Vietnam.

Een deel van de werken is aan het oog onttrokken door gordijnen, die ook weer verborgen boodschappen bevatten. Pittas schilderde zilveren silhouetten van figuren op de donkere muren, die associaties oproepen met vluchtelingen.

Don’t forget me here, t/m 6/3 in het Cobra Museum in Amstelveen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden