PlusInterview

Antonio Scurati: ‘Mussolini was het archetype van de populist’

Antonio Scurati beschrijft in M. De zoon van de eeuw, de opkomst van de fascisten onder Benito Mussolini in de jaren na de Eerste Wereldoorlog. Het is de eerste van vier romans over het tijdperk van Il Duce.

Mussolini met de ‘quadrumviri’, de vier leiders die de Mars op Rome in 1922 zouden leiden.Beeld Mondadori via Getty Images

Het is een boek met een bijzondere disclaimer: ‘Feiten en personages in deze ­documentaire roman zijn niet aan de fantasie ontsproten. ­Ieder afzonderlijk voorval of personage, iedere dialoog of rede in dit boek is historisch gedocumenteerd en/of is gezaghebbend door meer dan één bron onderbouwd.’

Antonio Scurati (50) heeft zich gewaagd aan de eerste literaire roman over de opkomst van Benito Mussolini, de Italiaanse oud-onderwijzer, journalist, oprichter van de fascistische beweging en leider van de Partito Nazionale Fascista die in 1922 met zijn Mars naar Rome aan de macht kwam en Italië omvormde tot een fascistische dictatuur.

In ruim 800 bladzijden schrijft hij over de jaren 1919 tot 1925, waarin de afvallige socialist met de grootste houwdegens uit de Eerste Wereldoorlog een fascistische formatie begint. In een sluw machtsspel sluit Mussolini allianties om die evengoed weer te verraden, entameert met zijn ‘fasci’ een golf van terreur en weet hij te profiteren van de stagnerende ‘revolutie’ die de socialisten voorstaan.

Benito Mussolini rond 1920.Beeld Getty Images

Scurati kruipt in de huid van Mussolini, maar beschrijft ook het wedervaren van handlangers als Cesare Rossi, Amerigo Dumini, Italo Balbo en Leandro Arpinati, rivalen als de dichter/ strijder Gabriele D’Annunzio, tegenstrevers als de socialisten Nicola Bombacci en Giacomo Matteotti én zijn minnaressen, onder wie de illustere Joodse schrijfster Margherita Sarfatti.

Aan het einde van dit eerste deel van wat een chronologisch vierluik moet worden, heeft Mussolini zijn opponent Matteotti de mond laten snoeren en breekt het tijdperk aan dat hij alle democratische schijn zal laten varen. 

Ik kan me voorstellen dat u inmiddels Mussolini denkt, droomt en leeft.

“Gelukkig niet. Laten we zeggen dat ik als door een raam naar buiten kijk, naar de afgrond van zijn gedachten. Ik heb vijf jaar aan dit eerste boek gewerkt en dat heeft wel psychische gevolgen gehad. Ik had last van dissociatie, alsof ik buiten mezelf trad. Ik ben naar mijn huisarts gegaan. Toen ik vertelde dat ik vijf jaar bezig was geweest de gedachten van Mussolini te denken, zei zij: ‘Nou, dan lijkt die dissociatie me heel normaal.’ Maar ik heb met nu de juiste werkmodus gevonden, de juiste mate van afstand. En de juiste medicatie – schrijf dat maar niet op.”

Stond u van meet af aan voor ogen dat dit de ultieme roman moest worden over Mussolini?

“Nee, dit project heeft een lang voortraject gehad. Ik had nooit een fascinatie voor de fascisten, ik was altijd bezig met de antifascisten. Ik deed research voor mijn boek over de antifascist Leone Ginzburg toen ik me realiseerde dat het verhaal van de fascisten nog niet eerder was verteld vanuit het standpunt van de fascisten. En bij het schrijven gebeurde iets wat ik niet had voorzien: dat Mussolini zelf het woord nam. Toen ik aan het boek begon zag ik allerlei ethische en politieke risico’s en was ik bang het te mythologiseren. Daarom schreef ik aanvankelijk in de derde persoon. Maar toen ik me steeds meer in hem verdiepte, vroeg hij om de eerste persoon.”

Het moest wel een roman worden, geen non-fictie?

“Ja absoluut. Er was nog nooit een roman geschreven over Mussolini en de fascisten, daar rustte een taboe op. Maar ik vond dat de tijd nu rijp was.”

Waarom was de tijd nu rijp?

“In het Italië van na Mussolini móest je antifascistisch zijn. Daardoor is het gebeurd dat zeven decennia lang het fascistische verhaal niet onbevooroordeeld kon worden verteld. Dat kon alleen door de ogen van de slachtoffers worden beschreven, net als bij het nazisme. Daardoor blijven de overwegingen van de moordenaars en de beulen onderbelicht. Maar wij Europese schrijvers van nu kunnen schrijven over de grote politieke tragedies van de twintigste eeuw, juist omdat we niet van de de generaties zijn die het zelf hebben meegemaakt. En literatuur binnen de feiten geeft ons nieuwe inzichten. Laat ons scherper oordelen en veroordelen.”

Fictie Antonio Scurati M. De zoon van de eeuw Vertaald door Jan van der Haar, Podium, €35,- 851 blz.

Was uw boek misschien juist nu ook noodzakelijk, met de opkomst van nieuwe populistische leiders? Voelt u zich een boodschapper?

“Ja, ik ben een boodschapper geworden. Dankzij het succes van mijn boek wordt veel gedebatteerd in Italië, terwijl Italianen geen grote lezers zijn. We hebben zoiets niet meer meegemaakt sinds Gomorra van Roberto Saviano. Mijn boodschap is niet alleen dat we moeten voorkomen dat het fascisme terugkeert – dat het misschien al ís teruggekeerd. Maar ook dat we moeten strijden voor de geschiedenis. Wat wij nú doen, is straks geschiedenis. Hoe had de geschiedenis van Italië eruitgezien als er destijds meer verzet was geweest tegen Mussolini?”

U bedoelt: we moeten ons nu veel krachtiger verzetten?

“Sommige aspecten van het fascisme zijn alweer aanwezig. Onder de populisten van de wereld ja, die door delen van het volk op handen worden gedragen. Mussolini was het archetype van de populist. Omdat hij begreep wat de massa wilde. Hij liep niet voor de massa uit, als een gids naar een hoger doel. Nee, hij liep achter de massa aan – hij wilde de laagste gevoelens van de massa ruiken. Hij had geen eigen ideeën of idealen, maar hij voedde de gevoelens van de massa die hij had opgesnoven. In die zin is Mussolini al teruggekeerd. Zie Trump, zie Poetin. Of hier: Pim Fortuyn, Geert Wilders.”

Mussolini was charismatisch, ambitieus. Maar hij komt uit uw boek vooral naar voren als schaamteloze opportunist.

“Hij was het toppunt van opportunisme. Hij begon als socialistische activist. Hij was tegen de bourgeoisie, pacifist, antiklerikaal, tegen het huwelijk, antimonarchistisch, tegen de grootindustrie. En een paar jaar later is hij voorstander van geweld, laat zich trouwen door een priester, sluit een compromis met de koning en gaat een alliantie aan met de industriëlen.”

Over zijn jeugd gaat het amper, op een verwijzing halverwege het boek na dat hij ‘de man is geworden die hij als jongen haatte’. Waarom hebt u ervoor gekozen in 1919 te beginnen?

“Waar het mij om ging is de opkomst van de fascistische beweging laten zien. Tot en met het einde – Mussolini’s lijk dat na zijn executie in 1945 in Milaan op het Piazza Loreto werd opgehangen. Het idee is de lezer door dat koor van stemmen totaal onder te dompelen in de chronologie van de gebeurtenissen.”

Onderdompelen, u zegt het. Voor een Nederlandse lezer staat de geschiedenis van Italië natuurlijk nog een stuk verder weg dan voor de Italianen. Het is mede door die meerstemmigheid wel een hele studie.”

“Mijn boek gaat nu in veertig landen verschijnen. Ik kan niet inschatten of mensen het ook echt zullen willen lezen. Maar zoals alle schrijvers hoop ik dat mijn verhaal universeel is. Niet alleen het verhaal van het Italië en Europa van toen, maar ook het Italië en Europa van nu. Dat Mussolini de man wordt die hij als jongen haatte heeft ook te maken met wat we de condition humaine noemen.”

U gebruikt ook veel oorspronkelijke documenten: teksten van Mussolini in de door hem opgerichte krant Il Popolo d’Italia, maar ook correspondentie van derden en officiële stukken die het beeld kantelen.

“Die documentatie is heel belangrijk, ze bestrijden de fictie. Want het is best gevaarlijk als je over dit soort dingen schrijft; we leven steeds meer door het filter van de communicatie en zijn steeds minder in staat fictie en werkelijkheid te onderscheiden.”

Doelt u op social media en fake news? 

“Natuurlijk. Mussolini was een meester in politieke propaganda – en daarbij gaat het nooit om de werkelijkheid en de waarheid. Zijn revolutie werd voorafgegaan door zijn journalistieke revolutie. Als hij schreef, was elke zin een slogan. Bedenk: in 1919 was hij totaal gemarginaliseerd.Hij had de Fasci opgericht, maar nauwelijks aanhang. Maar hij had twee bronnen van macht: de eskaders van de veteranen én zijn krant. Een zeer effectieve manier om jezelf van loser tot dictator te communiceren.”

Wat heeft u in alle documenten die u heeft ingezien het meest verrast?

“De intieme brieven, zoals een brief waarin zijn minnares Margherita eraan refereert hoe hij heeft gehuild na een van hun ruzies. Maar wat me vooral opviel, is hoe blind de meeste van mijn personages waren voor wat zich aan het voltrekken was. Dat raakt me, want wij zijn nu even blind in onze eigen levens.”

Tot slot de titel van uw boek: M. Van Mussolini, natuurlijk. Maar na lezing besef je dat die M evengoed zijn tegenstrever Matteotti zou kunnen zijn.

“Antifascist en slachtoffer Matteotti, ja zeker. In elk van de vier boeken zal ook een slachtoffer een belangrijke rol spelen. Matteotti was een van Mussolini’s felste opponenten, op klaarlichte dag in Rome ontvoerd en op gruwelijke wijze afgemaakt.” Dan, lachend: “Maar volgens mijn vrienden staat de M voor mattone: baksteen. Ze vonden het nogal een kluif.”

Eerste vertaling

Antonio Scurati (Napels, 1969) is schrijver, hoogleraar literatuur en columnist. Zijn eerdere werken werden veelvuldig vertaald en bekroond. M. De zoon van de eeuw is het eerste deel van een tetralogie en werd in 2019 bekroond met de Premio Strega. In Italië zijn al meer dan 250.000 exemplaren verkocht. Nederland heeft de primeur van de eerste vertaling.

Beeld Fabrizio Villa/Getty Images
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden