Plus Ten slotte

André Previn (1929-2019): filmmuziek, jazz, dirigeren, hij kon alles

André Previn mocht op zijn zesde al naar het conservatorium. Zijn absoluut gehoor maakte hem een multitalent.

André Previn in 1968. Beeld getty

Hij won vier Oscars voor zijn film­muziek (en werd dertien keer genomineerd), mocht tien keer een Grammy in ontvangst nemen, schreef arrangementen voor Frank Sinatra, was een voortreffelijke jazzpianist, chef-dirigent van zes orkesten, waaronder de London Symphony Orchestra, maakte vele honderden platen, kreeg een knighthood van de Britse koningin, componeerde met A streetcar named Desire een van de succesvolste opera's van de twintigste eeuw en was vijf keer getrouwd en vijf keer gescheiden, onder anderen van actrice Mia Farrow en stervioliste Anne-Sophie Mutter, voor wie hij een prachtig vioolconcert componeerde.

Donderdag is hij in New York overleden, op 89-jarige leeftijd: André Previn, multitalent.

Absoluut gehoor
Hij werd als Andreas Ludwig Priwin geboren in Berlijn als zoon van een in aanzien staande advocaat die in zijn vrije uren graag piano speelde. Maar zijn talent verbleekte bij dat van zijn zoon, die over een absoluut gehoor bleek te beschikken en al op zijn zesde naar het conservatorium mocht. In 1938 besloot het Joodse gezin Priwin Berlijn te ontvluchten. In Parijs ging Andreas in de leer bij Marcel Dupré en na de overtocht via New York naar Los Angeles bij Mario Castelnuovo-Tedesco en Ernst Toch. In 1943 kreeg hij de Amerikaanse nationaliteit. Vanaf dat moment heette hij André Previn.

Een oom die bij de Universal Studios werkte, introduceerde hem in de wereld van de filmmuziek. Al op zijn negentiende schreef hij de muziek voor de Lassiefilm The Sun Comes Up, waar hij veel later met afgrijzen op terug­keek. Tevredener was hij over Gigi (1958), Porgy and Bess (1959), ­Irma la Douce (1963) en My Fair Lady (1964), waarvoor hij de orkestrale arrangementen schreef die hem Academy Awards zouden opleveren.

Klassieke muziek
Na tien jaar had hij Hollywood wel gezien en wendde hij de steven naar de klassieke muziek. In 1967 werd hij benoemd als chef van het Houston Symphony Orchestra als opvolger van de toen zeer beroemde John Barbirolli. Aanstellingen bij andere orkesten volgden. Na Houston kreeg hij posten bij de London Symphony, de Royal Philharmonic, Pittsburgh Symphony en de Los Angeles Philharmonic, waar hij in 1990 het veld moest ruimen omdat de zeer bazige orkestdirecteur Ernest Fleischmann meer zag in het jonge Finse supertalent Esa-Pekka Salonen.

Zijn mooiste jaren als dirigent lagen in Londen. In Engeland genoot hij bovendien nationale bekendheid, na televisieoptredens met het komische duo Morecambe and Wise, die hem steevast Mr. Preview noemden. Vele jaren later, toen hij allang weer in Amerika woonde, werd hij als hij weer eens terugkeerde naar Londen door taxichauffeurs nog steeds ­herkend en met Mr. Preview aan­gesproken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden