PlusRecensie

Amateurdirigent Tijl Beckand verdient lof voor ‘zijn’ Negende

null Beeld William Rutten
Beeld William Rutten

KLASSIEK

BEETHOVENS SYMFONIE NR. 9

Door Residentie Orkest en Toonkunstkoor Amsterdam, o.l.v. Tijl Beckand

Gehoord 8/10, Amare, Den Haag

Amare is het gloednieuwe multifunctionele cultuurgebouw op het Spuiplein in Den Haag. Kosten: ruim 220 miljoen. Voor dat bedrag heeft de Hofstad ‘een indrukwekkend cultuurhuis gekregen dat zich kan meten met de mooiste dans- en concertzalen van de wereld’, schrijft algemeen directeur Jan Zoet in de seizoensbrochure. Enthousiasme is altijd goed. In ieder geval is Amare het enige cultuurgebouw in Nederland met roltrappen. Van buiten oogt het als een moderne kathedraal. De vier verdiepingen bieden ruimte aan het Residentie Orkest, het Nederlands Dans Theater en het Koninklijk Conservatorium, waardoor de stad de grote culturele instellingen in de armen heeft gesloten. De vier zalen in het 125 meter lange en 38 meter hoge gebouw bieden samen plaats aan 6600 bezoekers.

Krankzinnige ambitie

De officiële opening is pas in november, met het driedaagse festival Open Amare, maar er gebeurt inmiddels al van alles, met als hoogtepunt twee uitvoeringen van Beethovens Negende symfonie door het Residentie Orkest, het Toonkunstkoor Amsterdam en vier vocale solisten, onder leiding van de meest amateuristische dirigent van Nederland: Tijl Beckand. We moeten dat woord amateur letterlijk opvatten. Beckand, vooral bekend als lid van de platte grollenmakers De Lama’s, toont zich in het tv-programma De Tiende van Tijl een enorm liefhebber van klassieke muziek, waarvoor hij met schier evangelische ijver een groter publiek probeert aan te boren.

Langs die weg groeide een even krankzinnige als bewonderenswaardige ambitie. Beckand wilde de Negende symfonie van Beethoven dirigeren, met een echt orkest en een echt koor en echte solisten. Het Residentie Orkest, niet bevreesd voor een stunt, willigde dat verlangen in. Er waren wel twee kleine probleempjes: een eekhoorn kan nog beter noten lezen dan Beckand en dirigeren had hij ook nog nooit gedaan.

Hij bereidde zich voor door eindeloos vaak naar die Negende te luisteren (naar schatting 1500 keer in de afgelopen drie jaar; gemiddeld twee keer per dag) en door de hulp in te roepen van Jules van Hessen, een echte dirigent, die hem met engelengeduld bij de arm nam.

Missionariswerk

Noten lezen kan hij nog steeds niet, zei Beckand in een innemende toespraak, voordat hij gewapend met een baton het rostrum betrad, maar puur door liefde voor de muziek uit te stralen, kwam hij vrijdag een heel eind, waarbij moet worden aangetekend dat de musici die Negende zonder dirigent ook heel prima zonder kleerscheuren zouden zijn doorgekomen. Maar toch, heel af en toe, op zijn meest geïnspireerde momenten, brachten de doorgaans gezagloze gebaren van Beckand zowaar iets teweeg, een verandering in intensiteit en kleur, waardoor hij zich heel even echt een dirigent mocht wanen.

Evident was dat het aloude orkestadagium ‘hij heeft de muziek prachtig uit ons hoofd gedirigeerd’ hier onverkort van toepassing was. Desondanks verdient Beckand een waarachtig compliment. Niet alleen omdat hij dit project aandurfde, maar vooral omdat hij erin slaagde over te brengen waar het hem om was begonnen: zoveel mogelijk mensen ervan overtuigen dat Beethoven je kan betoveren. Voor dit drempelloze missionariswerk verdient Beckand de hoogste lof.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden