PlusReportage

Allen zo gek als een deur, van keepen

Regisseur Johan Kramer maakte de teledoc Keeper. Een queeste naar wat doelmannen, van jong tot oud, beweegt om onder de lat te staan. ‘Wat sta ik hier eigenlijk te doen?’

Als je die redding maakt richting de kruising en je hebt hem. Daar hebben ze het dan nog uren over.

Toen de Engelse voetbaldoelman Gordon Banks vorig jaar overleed, werd in alle necrologieën aan dat ene moment gerefereerd: zijn magistrale redding op de kopbal van de Braziliaanse aanvaller Pelé op het WK van 1970. Kijk naar de beelden van de onnavolgbare redding. Pelé telde ’m al. Hoe deed Banks dat? Gordon Banks gaat de geschiedenis in als de man die de mooiste redding ooit verrichtte.

Blunders

Zo willen alle doelmannen van de wereld herinnerd worden. Om die ene, ultieme redding. Of om een eindeloze reeks wedstrijden waarin de ‘nul’ wordt gehouden. Om het stoppen van een strafschop in de laatste minuut. Om het meegaan naar voren om in blessuretijd de winnende te maken.

Niet om iets anders. Om een blunder bijvoorbeeld. Het internet staat vol met filmpjes, toptiennen en commentaren op blunderende doelmannen. Over de bal trappen, de bal in eigen doel werken, ballen tegen tegenstanders gooien waarna de bal in het doel verdwijnt. De bal tussen de benen door laten gaan (de oerblunder). Zielig, maar toch ook hilarisch.

Uit respect voor de doelman halen we hier geen memorabele blunders aan.

Een zonderling

Waarom is het toch zo leuk om naar blunderende doelmannen te kijken? Omdat de identificatie met de doelman er bij velen niet is. Verreweg de meeste voetballers hebben nooit op doel gestaan. De meeste kijkers hebben een spits als held. De meeste dromen over voetbal gaan over de beste voetballer zijn, niet de beste doelman. ‘Ik ben Messi,’ is een van de meest gehoorde kreten als ergens een partijtje wordt gespeeld. De doelman is een zonderling, hij hoort er niet echt bij.

‘Wie wil er op doel,’ is een gehate vraag. Iedereen met het hoofd omlaag om de trainer maar niet in de ogen te kijken, want dan ben je het haasje. Maar er moet iemand op doel. De doelman is bijna een noodzakelijk kwaad. En als je faalt… Als ‘gewone’ speler kun je je fouten permitteren en die fouten leiden meestal niet tot een doelpunt. Bij een doelman is een fout al snel fataal.

‘Nul’

Maar de doelman is natuurlijk meer dan een poppetje dat onder de lat wordt gezet. Dat zien we in de mooie, meer dan boeiende televisiedocumentaire Keeper van Johan Kramer. Een film die tot de ziel van de doelman probeert door te dringen. Die de keeper verklaart.

Voor de televisiedocu probeerde Johan Kamer door te dringen tot de ziel van de keeper. En dat is hem gelukt.

We zien doelmannen (m/v) in alle soorten en maten. De oude Jan Dooijewaard, de jonge Lenny Bemboom, de van tv bekende voetbaljournalist Sjoerd Mossou, de in Roemenië als prof spelende Selena Babb, de Syrische vluchteling, en ex-international Tarek Kharboutly.

Allemaal zo gek als een deur. Van keepen. 6-1 gewonnen, en dan het hele weekend balen van dat ene tegendoelpunt. In jezelf praten, huilen, tegen de paal schoppen. Na een redding: ‘Daar kan je dan wel bij!’

Die ‘nul’, die heilig is. Liever met 1-0 winnen, dan, na een spectaculaire wedstrijd, met 4-3. ‘Die nul is het ultieme gevoel van betrouwbaarheid en onpasseerbaarheid.’

Eenzaamheid

Schitterende beelden van de amateurvelden. Vaak isoleert de camera de doelman, als een roofdier dat een prooi van de kudde heeft gescheiden. Dan zien we ook eenzaamheid, want dat wordt ook benadrukt. Al houden de doelmannen dat ook in stand, want het veld over rennen om dan om de nek van een doelpuntenmaker te hangen? ‘Ziet er niet uit.’

Doelmannen die vlak voor de aftrap de lat aanraken. Die in hun handschoenen spugen. Ballen uit de sloot halen (het corvee van de doelman), strafschoppen stoppen.

Fraai commentaar ook.

‘Wat sta ik hier eigenlijk te doen?’

‘Pleurisbende. Domme dozen. Ze kon zo als Moses door de Rode Zee doorlopen!’

‘Als je de bal uit het net moet halen, dat is eigenlijk het ergst.’

Dwaasheid

Maar allemaal benadrukken ze hoe belangrijk ze voor het elftal kunnen zijn. Dat zij het zijn die een wedstrijd kunnen maken. En dat je iets van dwaasheid in je moet hebben om in het doel te gaan staan.

‘Je moet nergens bang voor zijn. Het is wel gebeurd dat ik in een ziekenwagen wakker werd.’

‘Als je gaat wachten op het ongeluk kun je nooit een betrouwbare keeper zijn.’

En allemaal streven ze naar hun Gordon Banks­moment.

‘Als je die redding maakt richting de kruising en je hebt hem. Daar hebben ze het dan nog uren over.’

Johan Kramer is tot de ziel van de doelman doorgedrongen.

Keeper. Maandag 15 juni om 20.00 uur op NPO2. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden