PlusAchtergrond

Allart van Everdingen haalde Noorse landschappen naar Nederland

In zijn 400ste geboortejaar presenteert Stedelijk Museum Alkmaar de eerste overzichtstentoonstelling van Allart van Everdingen. Hij bracht het ruige landschap naar de Hollandse polder.

Kees Keijer
Allart van Everdingen (1621-1675), Zweeds berglandschap (1647). Beeld
Allart van Everdingen (1621-1675), Zweeds berglandschap (1647).

Was het een gevaarlijke storm? Een schipbreuk? Al in het begin van de achttiende eeuw deden de wildste verhalen de ronde over hoe een jonge Alkmaarse schilder terecht had kunnen komen in Noorwegen. Hij zou in 1644 op een schip hebben gezeten naar een andere bestemming, naar de Oostzee. Maar onderweg zou het lot hem naar de zuidkust van Noorwegen hebben gebracht.

Hoe dan ook moet het een indrukwekkende ervaring zijn geweest. Allart van Everdingen (1621-1675) keek zijn ogen uit in het vreemde land, dat destijds een provincie van Denemarken was. Om het nog ingewikkelder te maken is een groot deel van de regio die hij doorkruiste nu Zweeds.

Van Everdingen bleef enkele maanden in het gebied, reisde rond en maakte schetsen van de ruige natuur die hij tegenkwam. Terug in Nederland verwerkte hij zijn indrukken nog decennialang in schilderijen, tekeningen en prenten.

Van Everdingen was de jongere broer van de iets beroemdere schilder Caesar van Everdingen (1616/17-1678), die zich toelegde op historiestukken en portretten. Allart zocht zijn specialisme in het landschap en dan vooral in de onherbergzame natuur die hij in Noorwegen had gezien.

Gouden greep

Het hoe en waarom van zijn reis is dus niet bekend, maar heel bijzonder was het overigens niet om vanuit het zeventiende-eeuwse Holland naar Noorwegen te reizen. Het was destijds een komen en gaan van schepen vanuit West-Europa naar het Baltische gebied, vooral om er graan en hout in te slaan. De Noorse kust was daarbij een handige tussenstop om drinkwater en voedselvoorraden op peil te brengen. Bovendien werd er tussen de Nederlanden en Noorwegen flink handel gedreven. Het belangrijkste importproduct was hout. ‘Amsterdam staat op Noorwegen,’ werd wel gezegd. Aan de grachten werden imposante patriciërshuizen gebouwd op houten palen uit Noorwegen.

Sommige schetsen die Van Everdingen onderweg maakte zijn bewaard gebleven, zoals een gezicht op Rosør en een waterval bij Trollhättan. Die plekken zijn nu nog steeds herkenbaar. Sneeuw komt op zijn schetsen niet voor, hij was er waarschijnlijk tijdens de zomermaanden.

Na zijn reis trouwde Van Everdingen in Haarlem, waar hij zich ook vestigde. Er was destijds een rijk kunstklimaat, met schilders als Frans Hals, Pieter Saenredam en Salomon de Bray. Hier maakte Allart van Everdingen zijn eerste Scandinavische landschappen, waarmee hij iets nieuws introduceerde. Ondanks de eeuwenlange handelscontacten had niemand bedacht om Noorse landschappen te gaan maken, met rotsen, watervallen, blokhutten en indrukwekkende naaldbomen. Blijkbaar was dit een gouden greep, want Van Everdingen maakte jarenlang voornamelijk dit soort schilderijen.

Watervallen

In 1652 verhuisde Van Everdingen naar Amsterdam, waar hij tot zijn dood zou blijven wonen. In Amsterdam was de afzetmarkt nog groter dan in Haarlem en Van Everdingen hoopte ook hier op welwillende kopers voor zijn specialisme. Midden jaren vijftig bezocht hij de Ardennen, ook behoorlijk ongerept voor Hollandse begrippen. Hij maakte er onder andere een mooi schilderij van het indrukwekkende kasteel van Montjardin, van onderaf gezien.

Enkele jaren na Van Everdingen verhuisde ook Jacob van Ruisdael vanuit Haarlem naar Amsterdam. Van Ruisdael gaat dan ook Noorse watervallen, rotspartijen en watervallen schilderen en Van Everdingen nam omgekeerd weer andere dingen van Van Ruisdael over. Zoals een kasteel op een hoge rots of berg. Ziet er altijd indrukwekkend uit, maar is eerder Duits dan Noors.

Het was zelden Van Everdingens bedoeling om topografisch correcte schilderijen te maken. Soms gebruikte hij weliswaar ter plekke gemaakte schetsen, maar paste hij elementen aan om een spannende compositie te verkrijgen. Mooi detail is dat hij voorstellingen met watervallen schilderde in een staand formaat, wat voor landschappen tamelijk ongebruikelijk was. Het vallen van het water werd op deze manier geaccentueerd.

Trippenhuis

Van Everdingen verkocht zijn werk voornamelijk op de vrije markt, maar soms kreeg hij een opdracht. Omstreeks 1662 kreeg hij van de broers Louys en Hendrick Trip de opdracht om hun splinternieuwe, kapitale pand aan de Kloveniersburgwal te voorzien van schilderijen. De familie Trip had een fortuin gemaakt met fabrieken en mijnen in Zweden, waardoor Van Everdingen de perfecte kandidaat voor die opdracht was. Op een ander schilderij verschijnt het Trippenhuis doodleuk voor de skyline van Dordrecht, met Scandinavische sparren. Van Everdingen combineerde zo drie locaties die belangrijk waren voor de familie Trip.

Maar Van Everdingen maakte meer dan landschappen. Een speciale zaal is gewijd aan zijn illustraties van het verhaal van Reinaert de vos. Daarin blijkt hij ook een bedreven verhalenverteller. In Alkmaar zijn ook zeegezichten en Nederlandse rivier- en dorpsgezichten te zien. Het gaat vaak om onheilspellende voorstellingen van kleine schepen die tijdens stormachtig weer overgeleverd zijn aan vervaarlijke golven met enorme schuimkoppen. Die worden weer afgewisseld met kalme havens waarin, net als in zijn Noorse landschappen, elementen uit verschillende bronnen naar believen zijn samengebracht.

Allart van Everdingen, meester van het ruige landschap is tot en met 16 januari te zien in Stedelijk Museum Alkmaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden