Plus

Al Pacino: 'Acteur zijn is soms heel complex'

Na tientallen rollen op tv, het witte doek en het podium boeit het acteerproces Al Pacino nog altijd mateloos. 'Het blijft elke keer een ontdekkingsreis.'

Kathy Baker en Al Pacino als Sue en footballcoach Joe Paterno in de HBO-film Paterno Beeld .

Op het immense cv van Al Pacino prijken meerdere projecten waarin hij een bestaand persoon speelt. De acteur is in de huid gekropen van ­onder meer euthanasievoorvechter Jack Kevorkian, Republikeinse advocaat Roy Cohn en muzikant Phil Spector, en weet inmiddels dat het voordelen heeft een echt mens te portretteren.

"Dat soort klussen zijn aantrekkelijk voor een acteur, omdat de mensen die je speelt een opstapje zijn naar je personage," zegt Pacino in een persgesprek via Skype. "Zij zijn degenen die je in je rol kunnen brengen. Daarnaast voel je je in zo'n hoedanigheid geloofwaardiger in wat je doet, want het is nu eenmaal echt gebeurd."

Protesterende fans
Ook in HBO-film Paterno speelt de 77-jarige acteur zo'n echt persoon: footballcoach Joe 'JoePa' Paterno. In de VS is het verhaal van de succesvolste trainer uit het universiteitsfootball welbekend.

Paterno was ruim zestig jaar coach van universiteit Penn State, tot daar in 2011 een misbruikschandaal aan het licht kwam. Assistent Jerry Sandusky bleek tientallen jongens te hebben misbruikt, en Paterno was in elk geval één keer ingelicht dat er iets niet in de haak was met zijn secondant.

Alhoewel hij dat incident meldde, had hij volgens de universiteit niet genoeg gedaan om in te grijpen. JoePa werd tot woede van duizenden protesterende fans ontslagen en overleed nog geen drie maanden later.

Ook Pacino was bekend met de zaak, maar de acteur probeerde zijn ideeën over de kwestie los te laten voor hij begon aan Paterno. "Bijna iedereen in de VS weet grofweg wat er speelde in deze affaire, ik ook. Maar ik richt me altijd op het script. Dat is mijn anker als acteur. Ik neem het script in me op en geef dan pas invulling aan een personage."

Joe's kloosterjaren
Toch was het deze keer juist iets dat hij hoorde van regisseur Barry Levinson (Rain Man, Bugsy), informatie die niet in het script voorkwam, dat hem richting gaf. Levinson vertelde dat Paterno in zijn beginjaren bij Penn State bij een echtpaar inwoonde, en tien jaar lang op zijn kamertje zat óf aan het werk was op het sportveld.

"Dat is mij bijgebleven," zegt Pacino. "Iedere acteur functioneert anders, maar voor mij gaat het om een bepaalde stimulans vinden. Dat werkt net zoals in het echte leven: als je iemand ontmoet, neem je diegene in je op. Het interessante is te kijken wat daarvan blijft hangen. Er is altijd iets dat je triggert. Ik herinner me dat Barry me vertelde van die kloosterjaren van Joe, en dat bleef maar rondzingen in mijn hoofd."

Die gedachte was voor de acteur een startpunt om 'het personage op te bouwen', zoals hij dat noemt. De grote vraag in het debat rond Paterno is altijd geweest hoeveel de coach wist van de praktijken van zijn assistent.

Pacino wilde zijn persoonlijke ideeën over de zaak dan wel buiten de deur houden, voor de rol moest hij zich toch een beeld vormen van wat er in het hoofd van de coach omging. "Ik moest beslissen wat hij had gezien, wat hij wist. Ook al voelt het niet alsof ik daar een bewuste keuze in heb gemaakt. Hoe meer je opgaat in een rol, hoe meer je personage zich prijsgeeft." De acteur moet even lachen om zijn eigen uitleg. "Nou ja, dat zijn natuurlijk dingen die je dan eigenlijk aan jezelf vertelt. Acteur zijn is soms heel complex."

Berouw, woede, depressie
Terugkomend op zijn werkwijze: "Hoe lang ik dit nu al doe, het blijft elke keer een ontdekkingsreis. Als ik eenmaal in een rol duik, begrijp ik steeds beter wat er gebeurt met degene die ik speel. Nu kwam ik steeds terug bij die focus die Joe al toonde in zijn jonge jaren op dat kamertje. Daar komen oogkleppen bij kijken. En toen hij gedwongen werd die af te zetten, was hij de controle kwijt. Ineens liepen berouw, woede, depressie, bezorgdheid en de behoefte om het goed te praten door elkaar heen."

Zijn identificatie met zijn rollen ten spijt, daar liepen de belangen van Pacino en zijn personage flink uit elkaar. "Voor hem was dat een vreselijke fase. Maar voor mij als acteur is het natuurlijk héérlijk om dat allemaal in één scène voorbij te laten komen."

Paterno is vanaf maandag te zien via Ziggo.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden