Recensie

7,5 uur opera met Pierre Audi: intens, levendig en vlijmscherp (****)

Twee avonden, twee opera's in hetzelfde decor, door dezelfde muzikanten en zangers over liefde, verraad en dood onder leiding van regisseur Pierre Audi.

Erik Voermans
null Beeld De Munt/La Monnaie
Beeld De Munt/La Monnaie

In de zomer van 2000 en 2003 maakte Pierre Audi voor het intieme baroktheater in het Zweedse Drottningholm ensceneringen van Tamerlano en Alcina. Het was de eerste keer dat hij zich boog over opera's van Händel, wat geen ongecompliceerde aangelegenheid was, aangezien hij vooraf vaststelde dat hij niet zo goed raad wist met de da capo-aria's die het levensbloed vormen van de zangkunst in de barok. Wordt bij aria's de handeling tijdelijk stilgezet voor een moment van contemplatie of beheer van de emotioneel-psychologische huishouding, bij een da capo-aria wordt de handeling nog veel langer stilgezet, omdat een substantieel deel van die aria in zijn geheel wordt herhaald, (zij het in enigszins gevarieerde vorm).

Laaiend enthousiast
Audi vond de oplossing in poëtische concentratie, al kan niemand eromheen dat met name de eerste akte van Tamerlano een hele zit is, waarin je verlangt naar een apparaat met een fast forward-knopje.
Tamerlano en Alcina zijn nu, net als tien jaar geleden, bij De Nationale Opera te zien in de Stadsschouwburg als langgerekte, over twee avonden verdeelde double-bill, in co-productie met de Brusselse Munt. In Brussel was het publiek na afloop laaiend enthousiast en hier was het op beide avonden al niet anders.

Audi maakt van beide opera's één grote da capo-aria, samen zeveneneen half uur durend, waardoor een grandioos Droste-effect optreedt. Het toneelbeeld wordt op beide avonden gedomineerd door een rij panelen aan de zijkant, die in Tamerlano een zuilengallerij voorstellen en in Alcina een bos. In beide opera's daalt in de tweede akte een blauw wolkendek uit de hemel neer en opent zich aan het slot de achterwand, waardoor het prachtig ruimtelijke achtertoneel van de schouwburg zichtbaar wordt. De opheffing van de claustrofobische sfeer die in de eerste twee aktes van beide opera's is opgebouwd, werkt steeds als een verlossing, al is die van tijdelijke aard, omdat zowel in Tamerlano als Alcina de hoofdpersonages kiezen voor de dood.

Intens
Het is een zeer intense ervaring beide opera's op twee achtereenvolgende avonden te zien en te horen, want er wordt noch door de componist, noch door de regisseur klein bier geschonken. Beide stukken gaan over liefde, verraad en dood, en de muziek die Händel erbij bedacht, snijdt op de beste momenten door de ziel. Het mes is vlijmscherp, maar er zitten karteltjes aan, dus pijnloos is het allemaal geenszins. Razendknap is hoe Audi met een personenregie op de vierkante millimeter, waarin elke blik of elk gebaar telt, de verhalen tot leven wekt.

Een enorme steun daarbij is het barokorkest Les Talens Lyriques, dat onder leiding van Christophe Rousset werkelijk allerprachtigst speelt, met een rijke, warme, maar totaal onsentimentele klank.

De cast van Alcina wint het van de cast van Tamerlano. Tenor Christophe Dumeaux maakt veel indruk in de grandiose slotscène van Tamerlano, maar het is toch Sandrine Piau die in de tweede akte van Alcina, in die hartverscheurende, minstens twintig minuten durende aria over liefdesleed voor het allerdiepste genot zorgt. Haar omkijken, na de zeer mooi door Maite Beaumont als haar bedrieger Ruggiero gezongen versmadingsaria Verdi ­prati, is onvergetelijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden