Kunst & Media Bewaar

Pim Fortuyn Prijs gaat naar Theodor Holman

Theodor Holman
Theodor Holman © Marc Driessen

Zes dagen per week staat zijn tekst in Het Parool, zo'n 390 woorden, op pagina 2. Verkondigt hij altijd een populaire boodschap? Nee. Maar: "Het vrije woord is het belangrijkst wat er is." Het leverde Theodor Holman dinsdag de Pim Fortuyn Prijs op.

De jury roemt Holmans columns, met name om zinnen uit een column van januari vorig jaar:

"Vrijheid is niet populair. Er zijn er namelijk die Vrijheid bedreigend vinden. Dat is voorspelbaar. Vrijheid gelooft niet in God of Allah. Vrijheid heeft weinig op met systemen als Marxisme en Liberalisme. Men doet maar - het zal Vrijheid worst wezen." Holman schreef ze nadat in Israël iemand met een truck op mensen was ingereden.

"Hij schrijft niet om te sarren, maar omdat het gezegd moet worden," stelde Simon Fortuyn, een broer van Pim, die samen met Joost Eerdmans, Rita Verdonk en Leonard Ornstein in de jury zit.

Een Amsterdammer
Even daarvoor had Fortuyn in het Haagse perscentrum Nieuwspoort al gegrapt dat de prijs 'dit jaar naar een Amsterdammer gaat'. Voor de Pim Fortuyn Prijs waren dit jaar drie Amsterdammers genomineerd. Naast Holman waren dat Esther Voet, hoofdredacteur van het Nieuw Israëlietisch Weekblad, en Yoeri Albrecht die als directeur van De Balie andersdenkenden van elkaars standpunten probeert te laten leren.

Alle drie kenden ze Fortuyn. "Dat geeft een extra dimensie," stelde Simon Fortuyn. De vierde genomineerde, Özkan Akyol - ook een columnist, bij het AD - trok zich na kritiek uit extreemrechtse en -linkse hoek terug. Zowel jury als genomineerden noemden dat erg jammer.

"Ik ben uiteraard ongelooflijk trots," zei Holman toen hij de wisseltrofee, een miniatuurbuste van Fortuyn op een zwarte sokkel, in ontvangst nam. Om daarna te constateren dat zijn naam achterop 'er nog zeker tien keer bij' kon. "Maar ik ga niet voor mezelf klappen, we leven gelukkig niet in Noord-Korea. Ik ben blij dat we nog in een vrij land leven. Hoe lang nog? Vrijheid is zo breekbaar, zo kostbaar. Het woord is misschien wel het allerbelangrijkste wat er is." 

Holman sloot zijn dankwoord af met de woorden van Fortuyn zelf: "Laten we zeggen wat we denken en doen wat we zeggen."

Divers
Holman is na Afshin Ellian, Leon de Winter en Ebru Umar de vierde die de prijs ontvangt. "Heel mooi. Ik ken ze allemaal en bewonder ze ook. Afshin komt uit Perzië, Ebru heeft Turkse wortels en Leon en ik zijn ook niet helemaal 'raszuiver' zeg maar. Diverser kan niet." 

Holman voelt zich verwant met het gedachtegoed van Fortuyn. "Ik was het met hem eens en had zeker op hem gestemd. Maar vraag me niet of ik een Fortuynist ben, want ik weet niet wat dat is."

Zes dagen een column schrijven is 'soms moeilijk, soms minder moeilijk'. Dat hij ook vaak nare reacties krijgt, 'doet met mij minder dan met mijn familie'. "Ik praat liever niet over, maar ooit werd ik beveiligd en dat was voor mijn familie én de hond het ergste. Die kon niet zomaar worden uitgelaten."

Alle columns van Theodor Holman vind je hier