AMSTERDAM  - Justitie heeft dinsdag vier jaar gevangenisstraf geëist tegen Clemens K., die boekhouder die het Amsterdamse kunstfonds BKVB bijna zestien miljoen euro afhandig maakte. Dat is de maximale straf die staat op 'verduistering in dienstbetrekking'.

De verdachte sluisde het geld in circa twee maanden weg naar diverse bestemmingen en vluchtte met zijn twee tienerzoons op de dag dat het aan het licht trad, 3 maart 2009, vermoedelijk via Frankrijk naar Thailand. Daar heeft hij zich waarschijnlijk verenigd met twee Thaise vriendinnen - met een van hen heeft hij een zoontje van drie - die kort tevoren met have en goed uit Nederland waren vertrokken. K. heeft nooit meer iets van zich laten horen en ontbrak uiteraard bij de rechtszaak. Pogingen om hem in Thailand te achterhalen, kregen geen medewerking van de Thaise autoriteiten; met het land bestaat geen rechtshulpverdrag.

Officier van Justitie mr. M.A. Bonheur noemde de fraude een 'bijna perfecte' verduistering. K., die geen strafblad heeft, is op de vlucht geslagen naar een 'al dan niet tropisch oord', aldus de officier, en heeft geen blijk gegeven van berouw. Ze verwierp eventuele verzachtende omstandigheden, zoals de mogelijkheid dat K. slachtoffer is geworden van afpersers, omdat er volgens haar sprake is geweest van een 'geraffineerde voorbereiding gedurende lange tijd'.

Dat de controle op K. bij de stichting zeer te wensen overliet, wenste ze evenmin in beschouwing te nemen, aangezien het hem, in haar woorden, niet ontsloeg van een eigen verantwoordelijkheid. K., die bekend stond als chaotisch, had in de bijna negen jaar dat hij hoofd financiële zaken was bij het fonds BKVB ruim vertrouwen opgebouwd.

Uit de dossiers blijkt dat hij bij enkele grote overboekingen, tien miljoen naar een Oostenrijkse bank (hier werd alarm geslagen) en twee miljoen naar een juridisch kantoor in Kerkrade, heeft samengewerkt met enkele personen en dat nog meer mensen betrokken zijn geweest bij pogingen het geld te innen. Diverse mensen hebben hiervoor enige tijd vastgezeten en zijn als verdachte gehoord. Over hun eventuele vervolging beslist justitie nog dit jaar, maar er lijkt een groot gebrek aan bewijsmateriaal te zijn. Van de zestien miljoen euro is nog altijd een kleine vier miljoen zoek.

K. heeft al eerder geld van een opdrachtgever verduisterd: hij verzorgde een deel van de boekhouding van de Stichting Kunst en Openbare Ruimte en heeft daar in de periode eind 2007, begin 2008 onopgemerkt ongeveer 430.000 euro overgeboekt naar zijn beide Thaise vriendinnen. Stichting Skor, waar men pas gealarmeerd raakte toen K. bij het kunstfonds door de mand viel, legde gisteren bij de rechtbank een vordering neer van een kleine zes ton, zijnde het verdwenen bedrag vermeerderd met 'onderzoekskosten'. Accountants van Price Waterhouse Coopers factureerden 74.000 euro voor een boekencontrole, de rekening van de advocaten bedroeg 54.000 euro. Nadat eerder de rechter al had geïnformeerd naar de uurtarieven van deze adviseurs, verlaagde de officier beide bedragen naar 30.000; het te woord staan van de pers en het achterhalen van oorzaken kan niet op K. verhaald worden, zo meende ze. Dit is overigens vooral een formele kwestie, de benadeelde partijen maken zich weinig tot geen illusies.

Pikante bijkomstigheid in de Skor-zaak is dat ten tijde van de verduistering Clemens' broer Gerard daar op de salarisadministratie werkzaam was. Gerard, die volgens justitie van niets wist en vrijuit gaat, volgde de zitting tegen zijn broer vanaf de publieke tribune. Na afloop verklaarde hij, zichtbaar aangedaan, dat de zaak een grote emotionele belasting vormt voor hem en zijn ouders. ''We hebben totaal geen contact meer met Clemens en we willen dolgraag antwoorden. Ik hoop dat hij een keer berouw toont, dat is wel de manier waarop wij zijn opgevoed.'' Hij is uiterst kritisch over het gebrek aan interne controle bij beide stichtingen. ''Daar heb ik me enorm kwaad over gemaakt, daarom ben ik ook bij Skor weggegaan.'' De familie heeft slechte ervaringen opgedaan met de verhorende rechercheurs. ''Mijn moeder is terminaal en soms kwamen ze zomaar binnen en werd ze anderhalf uur verhoord.'' (ALBERT DE LANGE)

De rechtbank doet op 17 november uitspraak.