Kunst & Media Bewaar

Drie leden Raad van Toezicht Stedelijk Museum stappen op

.
. © ANP

Madeleine de Cock Buning, waarnemend voorzitter, Jos van Rooijen en Rita Kersting treden af als lid van de Raad van Toezicht van het Stedelijk Museum.

Dat laten De Cock Buning en Van Rooijen dinsdagavond weten. 'Het is in het belang van het museum om nu de voorbije tumultueuze periode te kunnen afsluiten en een nieuwe start te kunnen maken.'

Beiden blijven voorlopig beschikbaar om te helpen bij een zorgvuldige overdracht. Kersting zou volgens hen per direct vertrekken.

De beslissing is genomen na kennisneming van het gemeenterapport waaruit eerder dinsdag al bleek dat ex-directeur Beatrix Ruf ten onrechte is beschuldigd van belangenverstrengeling. Het Parool meldde al dat de drie leden nadachten over opstappen

Ruf vertrok in oktober vorig jaar na de verhalen over belangenverstrengeling als directeur van het Stedelijk Museum. 

'Wij onderschrijven in hoofdlijnen de conclusies en omarmen alle aanbevelingen uit het rapport,' laten de vertrekkende leden weten. 'De onderzoekers constateren ook dat het toezicht op een aantal punten ontoereikend is geweest. Wij erkennen dat, nemen daar verantwoordelijkheid voor en willen daarvan leren.'

Onderzoeksrapport
Het onderzoek zou eigenlijk op 26 juni worden gepresenteerd maar delen ervan lekten uit. Dinsdag liet het college van burgemeester en wethouders, bij het openbaar maken van het rapport, weten de aanbevelingen van een onafhankelijke commissie, om het Stedelijk Museum beter en transparanter te laten opereren, te omarmen.

Er zou niet ter kwader trouw zijn gehandeld, maar er waren wel allerlei tekortkomingen in de gang van zaken. Die was niet transparant, het schortte aan toezicht en Ruf zelf heeft zich verkeken door alleen mondelinge mededelingen over bepaalde inkomsten te doen.

Betere regels
Dat moet allemaal niet meer kunnen gebeuren en daarom worden er betere regels voor de Raad van Toezicht voorgesteld, voor de samenstelling en het functioneren van de directie, bij schenkingen en bruiklenen en voor vroegtijdige signalering van dreigende belangenverstrengeling.

'Hoe eerder het Museum het negatieve imago, dat het niet op gepaste wijze met belangenverstrengeling weet om te gaan, van zich af weet te schudden hoe beter het is,' staat in het rapport.