Kunst & Media Bewaar

Gouden Palm voor Japans familiedrama Shoplifters

Regisseur Hirokazu Kore-Eda met de Gouden Palm
Regisseur Hirokazu Kore-Eda met de Gouden Palm © AFP

Verslaggevers Jan Pieter Ekker en Joost Broeren-Huitenga schrijven dagelijks over de gebeurtenissen op de 71e editie van het Cannes Film Festival aan de Côte d'Azur.

Gouden Palm voor Japans familiedrama

Shoplifters van de Japanse regisseur Hirokazu Kore-Eda is op het prijzengala van de sterke 71ste editie van het filmfestival van Cannes bekroond met de Gouden Palm, de prijs voor de beste film. Het was een terechte onderscheiding voor een fijnzinnig meesterwerk over een gezin van winkeldieven die een dakloos meisje in huis nemen, ook al hebben ze amper genoeg om zelf alle monden te voeden.

De 55-jarige Kore-Eda regisseerde in 1995 met Maboroshi no Hikari zijn eerste, direct bekroonde speelfilm. Sindsdien maakte hij het ene na het andere bedachtzame kleinood, vaak over bloedbanden, families en gecompliceerde relaties.

Voor Nobody Knows kreeg hoofdrolspeler Yûya Yagira in 2004 in Cannes de prijs voor de beste acteur; Like Father, Like Son leverde Kore-Eda in 2013 de Juryprijs op, ofwel de 'bronzen medaille'.

Shoplifters beleeft zijn Nederlandse première dit najaar op het Parool Film Festival; 21 juni verschijnt eerst Kore-Eda's The Third Murder in de Nederlandse bioscopen, die vorig najaar in wereldpremière ging op het festival van Venetië.

Vraagtekens
Vooraf waren er vraagtekens over de selectie, waarin festivaldirecteur Thierry Frémaux veel plaats had ingeruimd voor nieuwe namen. Maar het niveau was zo hoog dat de jury onder leiding van de Australische actrice Cate Blanchett het nodig achtte om een gedeelde prijs en een extra prijs uit te reiken.

En dan nog viel de door de pers het best gewaardeerde film buiten de boot; Burning van de Zuid-Koreaanse regisseur Lee Chang-Dong, gebaseerd op het korte verhaal Barn Burning van de Japanse schrijver Haruki Murakami, voerde de journalistenpoll in het vakblad Screen International aan met het Noord-Koreaanse gemiddelde van 3,8 op een schaal van 0 tot 4 - nóg hoger dan Maren Ade's Tony Erdmann in 2016 (3,7).

Afijn. De 87-jarige Frans-Zwitserse nouvelle vague-veteraan Jean-Luc Godard kreeg een speciale Palm voor zijn documentaire-essay Le Livre d'Image, omdat hij er voortdurend definieert en herdefinieert wat cinema vermag.

De prijs voor het beste scenario werd ex aequo uitgereikt aan Alba Rohrwacher (voor het magisch-realistische Lazzaro Felice) en de Iraanse regisseur Jafar Panahi (voor de schrandere, minimalistische roadmovie Three Faces). De Grand Prix, de tweede prijs, ging naar BlackKklansman van de Amerikaan Spike Lee, over de onvoorstelbare doch waargebeurde infiltratie van een zwarte politieagent in de Ku Klux Klan anno 1979.

Juryprijs
De Juryprijs was voor Capharnaüm van de Frans-Libanese Nadine Labaki, een van de drie vrouwelijke regisseurs in de 21 titels tellende Palmcompetitie. De Pool Pawel Pawlikowski werd terecht bekroond als beste regisseur, voor zijn in zwart-wit gefilmde, uiterst efficiënt vertelde liefdesdrama Cold War.

Beste acteur werd de Italiaan Marcello Fonte, voor zijn rol als schlemielige hondenwasserette-eigenaar annex cokedealer in Matteo Garrone's misdaaddrama Dogman; de beste actrice was de Kazachstaanse Samal Yeslyamova, die in Sergej Dvortsevoys Ayka met haar net geboren kindje een helletocht maakt door een besneeuwd en bars Moskou.

Girl
De grootste ontdekking én de grootste gouddelver van de 71e editie was de jonge Vlaming Lukas Dhont: met Girl (gecoproduceerd door het Amsterdamse productiehuis Topkapi Films) won hij niet alleen de Camera d'Or, de prijs voor de beste debuutfilm in álle deelcompetities (Girl was opgenomen in de tweede competitie Un Certain Regard), maar ook de Queer Palm voor de beste LGBT-film en een van de prijzen van de internationale filmkritiek.

De debuterende Victor Polster kreeg daarenboven de prijs voor de beste acteerprestatie. Speciaal voor Girl, over de 15-jarige Lara, die is geboren in het lichaam van een jongen en ervan droomt om ballerina te worden, gaf de jury maar één prijs voor beste acteerprestatie in plaats van prijzen voor beste acteur en actrice.

Het meest opvallende moment van het prijzengala was de toespraak van de Italiaanse actrice Asia Argento. Zij herinnerde het publiek er nogmaals aan dat ze in 1997, als 21-jarige actrice, tijdens het festival was verkracht door filmproducent Harvey Weinstein. "Cannes was zijn geliefkoosde jachtterrein. Maar ik wil één ding voorspellen: Harvey Weinstein zal hier nooit meer welkom zijn. Hij zal worden gemeden door een filmgemeenschap die hem ooit omhelsde en dekte voor zijn misdaden."

Met zichtbare woede vervolgde Argento: "Zelfs vanavond zitten er schuldigen onder u, die voor hun gedrag tegen vrouwen verantwoordelijk moeten worden gehouden. U weet wie u bent, maar het allerbelangrijkste is dat wij weten wie u bent. En we zullen u niet langer toestaan dat u ermee wegkomt."

Girl krijgt ook prijs beste debuut Cannes

De Belgische film Girl is zaterdagavond ook bekroond met de Caméra d'Or, de prijs voor de beste debuutfilm van het jaar op het festival van Cannes. De Caméra d'Or geldt naast de Palme d'Or, de prijs voor de beste competitiefilm, als een van de belangrijkste prijzen op het festival.

Het was niet de eerste prijs die Girl in de wacht sleepte. Eerder won het drama over een jonge transgender die ballerina wil worden, al de Queer Palm, de award voor de best LHBT-film op het festival, en de prijs van de internationale filmcritici. Daarnaast bekroonde de jury van het programma Un Certain Regard de 16-jarige hoofdrolspeler Victor Polster.

Distributeur Cinemien brengt Girl eind 2018 uit in de Nederlandse bioscopen.

Vlaams-Nederlandse Girl wint prijzen Cannes

De Belgische film Girl heeft zaterdag drie belangrijke prijzen gewonnen op het filmfestival van Cannes. Het drama over een jonge transgender die ballerina wil worden, won de Queer Palm, de award voor de best LHBT-film op het festival, en de prijs van de internationale filmcritici. Daarnaast bekroonde de jury van het programma Un Certain Regard de 16-jarige hoofdrolspeler Victor Polster.

Het wonderschone Girl ontpopte zich eerder deze week tot een van de grote ontdekkingen van het festival. Na de eerste vertoning was er een staande ovatie van meer dan tien minuten. Girl is gecoproduceerd door het Nederlandse bedrijf Topkapi Films. Het camerawerk is ook van een Nederlander, Frank van den Eeden. Het sound design en de mixage zijn gedaan bij het gerenommeerde Nederlandse bedrijf WarnierPosta Amsterdam.

De regisseur is de 26-jarige Lukas Dhont, die met Girl zijn debuut maakt. Veel critici op het festival vroegen zich zaterdag hardop af waarom zijn debuut niet in de Palm-selectie is opgenomen. Dhont schreef zijn scenario nadat hij in een krant een artikel las over een 15-jarige transgender die een balletopleiding wilde doen. "Dat verhaal greep me zo aan", vertelde de Belgische regisseur in een interview. "Dat die tiener niet alleen de moed heeft te zeggen: ik ben in het verkeerde lijf geboren. Maar dat zij er ook voor koos om een ballerina te worden, het toonbeeld van vrouwelijkheid. Ik vond haar direct een heldin en besloot: als ik ooit de kans krijg een speelfilm te maken, gaat deze over dit onderwerp." [ANP]

Dag 9 door Jan Pieter Ekker
Vanavond worden in Cannes de Gouden Palm en een karrenvracht aan andere prijzen uitgereikt door de Australische juryvoorzitter Cate Blanchett cum suis.

Voor aanvang van het festival, dus zonder iets gezien of gelezen te hebben, dus louter op basis van reputatie en de samenstelling van de jury, zette ik mijn geld als volgt in: Cold War beste film; Nadine Labaki beste regie, de hoofdrolspeelster uit Lazzaro felice beste actrice, en de hoofdrolspeler uit The Wild Pear Tree beste acteur.

(Voor deze pool hoefde je alleen maar de filmtitel of -regisseur te noemen, geen namen van de acteurs; bij het zien van Lazzaro felice ontdekte ik dat er eigenlijk geen sprake is van een vrouwelijke hoofdrol).

Nu zou ik toch ook wel wat geld zetten op de Zuid-Koreaanse regisseur Lee Chang-dong. Zijn Burning, gebaseerd op het korte verhaal Barn Burning van de Japanse schrijver Haruki Murakami, voert de journalistenpoll in het vakblad Screen International aan met het Noord-Koreaanse gemiddelde van 3,8 op een schaal van 0 tot 4. Dat is het hoogste gemiddelde in de geschiedenis van die poll.

Het zegt overigens niet veel; de vorige lijstaanvoerder, Tony Erdmann van Maren Ade (3,7) ging twee jaar geleden zonder prijzen naar huis. De geschiedenis wijst uit dat jury's in Cannes doorgaans een andere smaak hebben dan journalisten.

Verder vind ik nog steeds dat Cold War een grote prijs moet krijgen. Three Faces van de Iraanse regisseur Jafa Panahi verdient de prijs voor het beste scenario. En Shoplifters van de Japanse regisseur Hirokazu Kore-eda moet in ieder geval de prijs van de Oecumenische jury krijgen. Les filles du soleil van Eva Husson vond ik de ergste film die ik heb gezien.

Met de prijzen van de parallelfestivals en de tweede competitie Un Certain Regard kan ik goed leven: de Ronaldo-pastiche Diamantino van Gabriel Abrantes en Daniel Schmidt werd onderscheiden als beste film van de Semaine de la Critique; Climax van Gaspar Noé is volgens weer een andere jury de beste film van de Quinzaine des Réalisateurs. En Ali Abbasi's Gräns is een gewaagde winnaar van Un Certain Regard.

In die competitie waren er ieniemini-troostprijsjes voor de films die met een beetje Nederlands geld tot stand zijn gekomen: Sergei Loznitsa (Dunbass) werd bekroond als beste regisseur; acteur Victor Polster kreeg de prijs voor de beste performance voor zijn adembenemende hoofdrol in Girl van de jonge Belg Lukas Dhont (die ook al de Queer Palm won en van mij ook de Camera d'Or mag krijgen, de prijs voor het beste debuut).

Voor de Gouden Palm heb ik mijn hoop vooral gevestigd op jurylid Andrei Zvyagintsev. En een beetje op Cate Blanchett, Kristen Stewart en Lea Seydoux, die vast en zeker willen laten zien dat ze niet van de straat zijn.

Zaterdagavond weten we of mijn wensen uitkomen of dat de jury, die voor het grootste deel uit vrouwen bestaat, een verrassing in petto heeft en de Gouden Palm voor de derde keer in de geschiedenis van het festival aan een vrouw geeft, zoals veel koffiedikkijkers denken...

PS: mijn vaste alleswetende tipgever zegt dat de prijzen vanavond worden verdeeld tussen Pawel Pawlikowski's Cold War, Shoplifters van Hirokazu Kore-eda, Dogman van Matteo Garrone, BlacKkKlansman van Spike Lee, Ayka van Sergei Dvortsevoy, Capernaum van Nadine Labaki en Lazzara felice van Alice Rohrwacher.

Dat is spijtig voor Lee Chang-dong en Nuri Bilge Ceylan (en de filmkunst), maar mits de juiste prijs bij de juiste film terechtkomt kan het een mooi lijstje winnaars opleveren.

Met de prijzen van de parallelfestivals kan ik goed leven: de Ronaldo-pastiche Diamantino van Gabriel Abrantes en Daniel Schmidt werd onderscheiden als beste film van de Semaine de la Critique; Climax van Gaspar Noé is volgens weer een andere jury de beste film van de Quinzaine des Réalisateurs. Voor de Gouden Palm heb ik mijn hoop vooral gevestigd op de juryleden Andrei Zvyagintsev. En een beetje op Cate Blanchett, Kristen Stewart en Lea Seydoux, die vast en zeker willen laten zien dat ze niet van de straat zijn. Zaterdagavond weten we het...

Joost Broeren-Huitenga over Solo
Het was een wat vervreemdend ­gezicht. Bij de Europese première van Solo: A Star Wars Story in Cannes werden regisseur Ron Howard en hoofdrolspelers Alden Ehrenreich, Donald Glover en Emilia Clarke geflankeerd door een bataljon Stormtroopers. ­

Gebroederlijk stonden de in witte pakken gehulde voetsoldaten uit de sciencefictionreeks naast de toch al talrijke reguliere beveiligers.

Solo is, na Rogue One, de tweede opzichzelfstaande film in het uitdijende Star Warsuniversum en draait om de jonge jaren van Han Solo. 

Schrijver Lawrence Kasdan vertelde woensdag, daags na de première, dat hij wilde kijken in hoeverre hij van de bekende Star Warselementen kon afwijken: "Geen lightsabers, geen force, niet het Empire als slechterik."

De première in Cannes was de apotheose van een moeizame productie. In eerste instantie werden regisseurs Christopher Lord en Chris Miller (The Lego Movie) ingehuurd, met het oog op een komischer inslag.

Maar enkele weken voor de voltooiing van de opnamen werden de twee ontslagen en vervangen door Ron Howard.

Ik hou me totaal niet bezig met de canon, of dingen kloppen of niet

Schrijver Lawrence Kasdan

Kasdan was in de jaren tachtig ook al scenarist van de tweede en derde Star Warsfilms, The Empire Strikes Back en Return of the Jedi, en recentelijk schreef hij mee aan The Force Awakens, het startschot voor een nieuwe trilogie.

Toch wil hij zichzelf zeker geen expert in het Star Warsuniversum noemen. "De middelste trilogie die George Lucas twintig jaar geleden maakte, is volledig langs me heen gegaan." 

Lachend: "Gelukkig kan mijn zoon Jonathan me precies vertellen wat daarin gebeurde. Ik hou me totaal niet bezig met de canon, of dingen kloppen of niet. Hij is daar wel heel respectvol in."

Kasdans jongste zoon Jonathan schreef met zijn vader het scenario voor Solo. Daarmee wordt ook achter de schermen het stokje overgedragen aan een nieuwe generatie, een ambitie van Disney sinds dat bedrijf de franchise overnam.

Jonathan Kasdan: "Toen ik opgroeide, waren de originele films al deel veel de popcultuur, dus ik sta er heel anders tegenover dan mijn vader. Pas bij het schrijven van Solo besefte ik bijvoorbeeld voor het eerst dat het personage Lando Calrissian door mijn vader is bedacht. Voor mij bestond Lando gewoon."

Solo: A Star Wars Story gaat op 23 mei wereldwijd in première.

Dag 9 door Jan Pieter Ekker (16 mei)
Tijdens deze editie van Cannes wordt de editie van mei 1968 herdacht, toen Jean-Luc Godard samen met François Truffaut en Jean-Pierre Léaud uit solidariteit met protesterende Parijse studenten en stakende arbeiders een revolutie ontketende in Cannes en ervoor zorgde dat het festival voortijdig, zonder prijsuitreiking, werd stopgezet.

Ook mijn festival is tot een voortijdig einde gekomen. Niet vanwege een revolutie, maar omdat mijn dochter eindexamen doet. Dat is een vreemde gewaarwording, een festival half verslaan.

Ik heb tot mijn grote spijt Spike Lee gemist, en ik was ook heel benieuwd naar de nieuwe film van Yann Gonzalez. Maar ik zat via goede contacten al bij de allereerste vertoning van Lars von Triers The House Theat Jack Built, ik kon de nieuwe van Nuri Bilge Ceylan al zien voor ik vertrok, en Burning van Lee Chang Dong ga ik vrijdag in Amsterdam bekijken.

Goede contacten zijn onontbeerlijk. Ik kreeg een mail van Herve Seeuws van het communicatieadviesbureau Moniseur PR, die in Het Parool had gezien dat ik in Cannes was. Hij werkt ook voor Chopard.

Het Zwitserse juwelenhuis ontwerpt niet alleen uitzonderlijke juwelen die door bekende actrices op de rode loper worden gedragen, maar maakt ook de Gouden Palm. En die was op afspraak te zien in het superdeluxe Hotel Martinez - of ik het leuk vond om even te gaan kijken. Dat vond ik zeker.

Dus na mijn laatste films, het wonderschone Shoplifters van Hirokazu Kore-eda en Lazzaro Felice van Alice Rohrwacher, spoedde ik me naar Hotel Martinez, waar ik werd doorverwezen naar het dakterras op de 7e verdieping, met onbeperkt uitzicht op de Middellandse Zee.

Daar nipten de rich and famous aan het champagne en cocktails, omringd door een enorm aantal lakeien en bodyguards met oortjes in.

Na een paar minuten kwam er zo'n kleerkast met witte handschoentjes aanlopen met een mooi kistje in zijn handen.

Ik moest denken aan de Cannes-editie van 2013, toen er op de avond voor de wereldpremière van Sofia Coppola's The Bling Ring Chopard-juwelen uit een kluis in Hotel Martinez waren gestolen. Iedereen dacht aan promotiestunt, maar dat was het niet.

Afijn, in het mooie doosjes zat de Gouden Palm: 120 gram 18 karaats 'fair-mined' goud, met een waarde van 40.000 euro. Ik mocht hem niet vasthouden of aanraken, maar er wel mee op de foto.

Met dat gele bandje dat ik bij de entree om mijn pols geschoven had gekregen, mocht ik vervolgens bestellen wat ik wilde. Maar ik moest mijn vliegtuig halen...

Dag 8 door Joost Broeren-Huitenga (15 mei)
Na een wat tamme eerste week kwam het filmfestival van Cannes de afgelopen dagen met ouderwets spektakel, dankzij twee regisseurs die doelbewust provoceren.

De Amerikaanse regisseur Spike Lee deed dat in de persconferentie voor zijn nieuwste film BlacKkKlansman, opgenomen in de Gouden Palm­competitie.

De opruiende klucht vertelt het dik aangezette, maar waar­gebeurde verhaal van een zwarte en een Joodse politieagent die in 1979 samen in de Ku Klux Klan infiltreren.

Gaandeweg maakt Lee duidelijk hoe dat veertig jaar oude verhaal verbonden is met het heden. Bijvoorbeeld door structureel politiegeweld tegen zwarte Amerikanen te benadrukken en door in de dialogen te knipogen naar 'America First' en hoe het land zijn greatness kan terugvinden.

Die lijn maakt hij nog explicieter in het coda van de film, met beelden van de rellen in Charlottesville vorig jaar - de film wordt in Amerika uitgebracht op de eerste herdenkingsdag van dat evenement.

Tijdens de persconferentie benadrukte Lee het belang van Charlottesville: "Trump had de kans om te zeggen dat Amerika draait om liefde, niet om haat. Maar die motherfucker deed niets om de Klan, alt-right en al die nazi-motherfuckers af te wijzen."

Geen persconferentie was er voor Lars Von Trier. De Deense filmmaker en provocateur was voor het eerst sinds 2011 terug in Cannes. In dat jaar gaf hij een persconferentie waarin hij zichzelf een nazi noemde en sprak over begrip voor Hitler.

Nuanceringen en verontschuldigingen over de 'slechte grap' mochten niet baten: Von Trier werd door de festivalleiding tot persona non grata verklaard.

Deze editie werd Von Trier weer in genade aangenomen - al draait zijn nieuwe film The House That Jack Built niet in competitie en geeft de regisseur voor de zekerheid ook geen persconferentie.

De film beheerste desondanks de gesprekken sinds de wereldpremière. Daarbij liepen tientallen mensen vroegtijdig weg, uit protest of walging - niet veel op een zaal met ruim 2300 stoelen, maar toch beduidend meer dan bij de andere vertoonde films.

The House That Jack Built duikt in het hoofd van de seriemoordenaar Jack, gespeeld door Matt Dillon, die aan ene Verge, oftewel Virgilius, vertelt over vijf willekeurig gekozen 'incidenten' uit zijn rijke oeuvre van moorden.

Jacks gewelddadige handelingen worden door Von Trier uiterst grafisch in beeld gebracht. En in een wervelende montage halverwege de film komt hij impliciet nog even terug op zijn eigen incident van zeven jaar geleden, door de nazi-architectuur van Albert Speer te verdedigen.

Dag 7 (14 mei)
Tweemaal gaf het publiek een staande ovatie ten overstaan van een lege stoel.

De Russische regisseur Kirill Serebrennikov zit vast in Moskou, de Iraanse regisseur Jafar Panahi mag ook niet reizen. Eigenlijk mag hij zelfs helemaal geen films maken van de Iraanse autoriteiten.

Bij de bekendmaking van de selectie van de Gouden Palmcompetitie zei directeur Thierry Frémaux dat het festival ervoor wilde zorgen dat alle regisseurs aanwezig konden zijn bij hun rodeloperpremières.

Daarvoor was de hulp ingeroepen van de Franse autoriteiten, aldus Frémaux; niet om druk uit te oefenen, maar om te kijken wat er mogelijk was. "We willen dat al onze vrienden erbij zijn, maar het ligt gevoelig."

De 48-jarige Serebrennikov, die in 2016 met The Student in Cannes was en ook actief is als theaterregisseur, wordt ervan beschuldigd 133 miljoen roebel (bijna 900.000 euro) te hebben verduisterd. Dat bedrag had hij in de periode 2011-2014 van de overheid ontvangen voor een theaterproject. Serebrennikov kan tot tien jaar gevangenisstraf worden veroordeeld; tijdens het onderzoek heeft hij huisarrest in Moskou.

Toen dat werd opgelegd waren de opnamen voor Leto - een lyrische film over de muziekscene in Sint-Petersburg in de jaren tachtig - bijna achter de rug; de montage heeft hij vervolgens thuis afgerond.

Voorafgaand aan de Leto-persconferentie, waar Serebrennikovs stoel net als bij de première symbolisch was leeggelaten, las een festivalofficial een brief voor van Poetin.

De Russische president liet weten dat hij het festival graag ter wille was geweest, maar dat Serebrennikov nu eenmaal is veroordeeld en dat de rechtspraak in Rusland onafhankelijk is. Zijn film wordt overigens niet gecensureerd; Leto draait vanaf 7 juni in meer dan 500 zalen in Rusland.

De beperkingen die Jafar Panahi door de Iraanse autoriteiten zijn opgelegd, zijn nog groter; eigenlijk mag hij helemaal geen films maken, sinds hij in 2010 werd gearresteerd wegens 'propaganda tegen het regime'.

Hij ging zeer creatief om met zijn berufsverbot. In 2011 maakte hij This Is Not a Film met zijn iPhone, in 2015 draaide hij Taxi in zijn geheel in een taxi.

Ook het charmante, spitsvondige Three Faces is voor een groot deel in en rond een auto opgenomen. Nadat de beroemde tv-actrice Behnaz Jafari (die zichzelf speelt) een videoboodschap heeft ontvangen van een wanhopig jong meisje dat van haar familie niet mag acteren, stapt ze bij Jafar Panahi in de auto en beginnen de twee aan een zoektocht in het Iraanse achterland.

Het is soms net een arthouseversie van De Gevaarlijkste Wegen van de Wereld. Onderweg ontmoeten ze dwarse mannen en een actrice die sinds de revolutie niet meer mag acteren. Verder reflecteert Panahi op het kunstenaarschap en zijn eigen positie.

Dag 6 (13 mei)
Ik was in het Nederlandse paviljoen, voor een lunch ter ere van de vertoning van George Sluizers gerestaureerde João en het mes uit, toen het heel hard begon te regenen. Dat was aangekondigd, maar ik was er niet op voorbereid.

Toen ik even later bij het festivalpaleis op enorme rijen voor alle detectiepoortjes stuitte, zag ik dat in Debussy, de bioscoop naast het paleis, net een inloop was begonnen. Daar stonden ook enorme rijen mensen in de regen, maar in het midden, waar mensen met een pas met stip naar binnen kunnen, was het rustig. Dus ging ik daar maar naar binnen.

Omdat ik er toch was, ben ik maar even gaan kijken; het was Muere, Monstruo, Muere, het debuut van de Argentijnse regisseur Alejandro Fadel, een in het Andesgebergte gesitueerde, fascinerende, vrij smerige horror-monsterfilm, die me bij tijd en wijle deed denken aan Amat Escalante's La Región Salvaje. 's Middags wilde ik naar Climax van Gaspar Noé, die Cannes ooit op zijn kop zette met Irréversible.

Climax was opgenomen in de Quinzaine des Réalisateurs, een festival naast het festival, opgericht na de turbulente editie van 1968. Daar gelden andere wetten. Iedereen is er min of meer gelijk; er is geen aparte ingang voor journalisten met een pas met stip.

Min of meer toevallig liep ik ruim een uur van tevoren al langs Théâtre Croisette, waar al een enorme rij stond. Het was gelukkig gestopt met regenen, dus ik voegde me halverwege in de rij bij NRC-collega Coen van Zwol.

Na een tijdje besloten we om toch maar wat verder vooraan te gaan staan, we vonden dat dat moest kunnen met onze passen met stip. Dat was geen slechte beslissing, want er bleek toch een soort van hiërarchie te bestaan: mensen met een kaartje mochten eerst naar binnen. En dat waren er heel erg veel, het was namelijk de officiële première, in aanwezigheid van cast en crew.

Pas vlak voor aanvang mochten er ook plukjes uit de andere rij naar binnen; we redden het net. Ik belandde op het balkon, geheel tegen mijn principes in, ergens middenin een rij.

Climax begint fantastisch: in een minutenlange scène, op een soort schoolfeest in een aftands zaaltje, laten een stuk of 20 paradijsvogels de meest waanzinnige dansmoves zien op stampende house-muziek. De spectaculaire choreografie is waanzinnig gefilmd door de Belgische camera-tovenaar Benoît Debie. De complete zaal zat hele stukken mee te klappen.

(Tekst gaat door onder de video)

Maar na die dans gaan de jongelui aan de Sangria, en die is aangelengd met LSD. En gaat het snel bergaf met ze. En ook met de film. Ik wilde wel weg maar ik kon niet, want ik zat in het midden van de rij. Mijn zuchten en steunen werd overstemd door Patrick Hernandez en Aphex Twin. Na afloop namen de dansers uit de film, die met zijn allen op de eerste rij zaten, stormenderwijs het podium en ging het feestje gewoon door.

Op de terugweg naar het paleis vond ik een flyertje waarin journalisten worden opgeroepen in opstand te komen tegen het door Cannes gehanteerde 'kastensysteem' en 'de segregatie op basis van kleur' (de kleur van je pas). Ze hebben een punt, maar ik geloof dat ik toch maar niet meedoe aan deze revolutie.

Dag 5 (12 mei)
Cannes is kiezen. Zo ongeveer op elk moment van de dag. Anders dan ik gisteren schreef, ging de eerste keuze niet tussen Girl en Diamantino, maar tussen Diamantino en uitslapen. Het werd Diamantino. En het was eigenlijk geen keuze, want hoewel ik nog geen nacht voor twaalven ben gaan slapen, word je door alle adrenaline iedere dag vanzelf om een uur of half 7 weer wakker.

Diamantino was de moeite waard. Het is een groteske, bij vlagen hilarische, dan weer zeer flauwe film over een Portugese stervoetballer met een goddelijk lijf, die in de laatste minuut van de finale van het WK in Rusland, bij een 1-0 voorsprong voor Zweden, een penalty veroorzaakt en zelf achter de bal gaat staan. En mist. En daarmee het land en zichzelf in een crisis stort.

Hij woont in een paars kasteel, samen met zijn geadopteerde zoon, en hij draagt onderbroeken met zijn eigen naam erop. (Vooraf werd gemeld dat iedere overeenkomst met bestaande personen toeval is.) Zijn krengen van tweelingzussen, die zijn oude vader de dood in hebben gejaagd, laten Diamantino, zonder dat hij er erg in heeft, meedoen aan een wetenschappelijk experiment, met als doel hem te klonen en zo een onoverwinnelijk elftal te maken.

De tweede keuze ging tussen Girl en de persconferentie van Jean-Luc Godard. Dat was eigenlijk ook geen keuze, want Godard zou er niet zijn. Dus ging ik naar Girl, het speelfilmdebuut van de pas 26-jarige Belg Lukas Dhont, over de 15-jarige Lara die is geboren in het lichaam van een jongen en ervan droomt om ballerina te worden.

Het is een prachtige, zeer beheerste, indringende film, waarin Dhont de hoop, wanhoop, pijn, twijfel en eenzaamheid van het meisje invoelbaar maakt. "Je bent een voorbeeld voor velen" zegt haar lieve vader op een gegeven moment tegen Lara. "Ik wil geen voorbeeld zijn," riposteert zij. "Ik wil een meisje zijn." Mijn vaderhart bloedde.

Staande ovatie

Na afloop was er volkomen terecht een minutenlange staande ovatie; de Un certain regard-jury (waaronder Kantemir Balagov, die ik vorig jaar in Cannes sprak over zijn geweldige debuut Tesnota, en die het afgelopen IFFR te gast was op het Critic's Choice-programma dat Dana Linssen en ik samen organiseren op het IFFR, en Benicio Del Toro) klapte van begin tot het einde mee. "Cest un grand moment pour nous", zei Dhont zichtbaar geëmotioneerd.

Aansluitend was er een mini-persconferentie, speciaal voor de Belgische afvaardiging (maar ik ben toch maar even meegesneakt), waar ook de minister van cultuur Sven Gatz nog even binnen kwam waaien.Tijdens mijn lunch ontdekte ik dat Godard toch aanwezig was geweest op de Le livre d'image-persconferentie. Althans, hij was er via Skype, op de iPhone van zijn cameraman Fabrice Aragno beantwoordde hij de ene na de andere vraag. "Het lijkt een beetje op machinegeweervuur," grapte Godard. Ik was er graag bij geweest, maar ik had Girl ook niet willen missen; de geboorte van een filmauteur.

Veel gedoe
Daarna had ik best naar de door Christopher Nolan gepresenteerde 70mm-vertoning van Stanley Kubricks 50 jaar oude 2001: A Space Odyssey gewild, maar ik had interviews met de hoofdrolspelers van Pawel Pawlikowski's prachtige Cold War. Dat zat zo: voor aanvang van het festival had ik ingetekend op Pawlikowsi, die ik al volg sinds hij in 2001 met Last Resort op het IFFR meedong naar de Tiger Awards. Maar ik mocht niet, er was te veel belangstelling, en het was te duur.

Na veel gedoe mocht ik de hoofdrolspelers Joanna Kuug en Tomasz Kot spreken. Daar voelde ik aanvankelijk weinig voor - twee onbekende Polen -, maar na het zien van de film én de persconferentie heb ik toch maar toegehapt. Vanochtend hoorde ik van collega's dat Pawlikowsi al zijn interviews had afgezegd. Hij had voor het festival zijn voet gebroken en door het vele lopen - de rode loper is inderdaad érg lang - was die voet opgezwollen, waardoor hij niet in staat is om interviews te doen. Dus was ik opeens de enige Nederlander met Cold War-interviews.

Dag 4 (11 mei)

Hoera, vanochtend eindelijk een film gezien die van het eerste tot het allerlaatste beeld zindert: Cold War van de Brits-Poolse regisseur Pawel Pawlikowski, die in 2015 de Oscar voor beste niet-Engelstalige film won met Ida. Over de onmogelijke liefde tussen de dirigent Wiktor en de blonde danseres/zangeres Zula, tegen de achtergrond van de koude oorlog.

Daarna even naar het Carlton gelopen voor de presentatie van de Saudi Film Council. De oliesjeiks uit Saudi-Arabië hebben na voetbal een nieuwe hobby; er zijn kolossale bedragen beschikbaar in 'the kingdom of opportunities'.

Meteen door naar de persconferentie van Pawel Pawlikowski en de hoofdrolspelers Joanna Kuug en Tomasz Kot; ook geregeld dat ik interviews kan doen.

Uitdijende rijen
Daarna alvast het grootste deel getikt van mijn stuk voor de zaterdagkrant en heel erg op tijd in de rij gaan staan voor Le livre d'image van Jean-Luc Godard, nog altijd een van mijn helden. Bij de steeds verder uitdijende rijen meldden zich weer tal van jongens en meisjes en dames en heren die informeerden of iemand toevallig een kaartje over had.

Ondertussen werden we in een slakkentempo van het ene naar het andere detectiepoortje gedirigeerd, waar je telkens opnieuw je badge moest laten zien en je tas halfbakken werd bekeken. Ik heb me keurig aan het protocol gehouden en geen foto's of selfies gemaakt, maar zag, toen ik eenmaal zat en de inloop op het grote scherm bekeek, dat lang niet iedereen dat doet. Maar er worden geen telefoons afgepakt of boetes uitgedeeld.

Acte de présence
Godard was niet bij de wereldpremière van zijn eigen film. Tegen beter weten in (en het festival beantwoordde mijn mails om bevestiging niet) hoopte ik dat hij deze keer wél acte de présence zou geven. Zaterdag komt ie ook niet naar de ingeroosterde persconferentie. Jammer. Maar het biedt ook weer mogelijkheden.

Wat zal ik kiezen: Girl, het speelfilmdebuut van de jonge Vlaamse regisseur Lukas Dhont over een in een verkeerd lichaam geboren ballerina, of Diamantino, over een metroseksuele Portugese voetbalster genaamd Diamantino Matamouros, gemodelleerd naar de Christiano Ronaldo?

Dag 3 (10 mei)

Directeur Thierry Frémaux meldde het nieuws twee keer; voor aanvang van de wereldpremière van Sergei Loznita's Donbass en nogmaals bij de vertoning van Mark Cousins documentaire The Eyes of Orson Welles: het festival is door de rechter in het gelijk gesteld in de zaak die de Portugese producent Paolo Branco was begonnen om te voorkomen dat The Man Who Killed Don Quixote volgende week zaterdag wordt vertoond als slotfilm.

Frémaux was zichtbaar opgelucht, en Gilliam, die in 2000 al een eerste poging deed Cervantes' klassieker te verfilmen, moet dat ook zijn geweest. Eerder deze week was hij met een beroerte in het ziekenhuis opgenomen, nu twitterde hij "After days of rest and prayers to the gods I am restored and well again. So is The Man Who Killed Don Quixote! We are legally victorious! We will go to the ball!"

Dit soort reuring heeft het festival hard nodig; de eerste dagen zijn tam, op de meeste films valt wel het een en ander aan te merken. Het meest geslaagd tot nu toe: Plaire, aimer et courir vite van Christophe Honoré (dat voor een klein deel aan de Amsterdamse grachten werd opgenomen), Wildlife, het regiedebuut van Paul Dano, Leto van Kirill Serebrenikov (een soort Russische 24 Hour Party People) en Sergei Loznitsa's naar propaganda neigende klucht/aanklacht Donbass.

Paul Verhoeven
Aan het eind van de middag nog even een Gin Tonic gedronken met Mita de Groot, de PA van Paul Verhoeven, die zelf ook nog even aanschoof. Ze brachten een bliksembezoek aan Cannes, om samen met producent Saïd Ben Saïd en Judith C. Brown, de auteur van het boek Immodest Acts: The Life of a Lesbian Nun in Renaissance Italy, de laatste puntjes op de i te zetten voordat half juli de opnamen van Benedetta - zoals Sainte Vierge inmiddels is herdoopt - van start gaan in Italië.

Als het geen The Man Who Killed Don Quixote-achtig project wordt, is Benedetta klaar voor de volgende editie van Cannes - ik kijk er nu al naar uit, reuring verzekerd!

Nog meer goed nieuws: ik hoorde later op de borrel van Eye in het Nederlandse paviljoen dat Verhoeven eerder deze week ook geld van het Filmfonds ontvangen, voor een kleine Nederlandse film naar een scenario van Robert Alberdingk Thijm.

Dag 2 (9 mei)

Ik kreeg op de openingsdag een enquête gemaild van de Fipresci, de club van internationale filmcritici, die een soort zwartboek willen aanleggen vanwege het nieuwe persbeleid. 'Were you able to make the interviews needed?', luidt een van de vragen.

Nee, dat gaat me vast niet lukken. Deels vanwege het feit dat er maar 24 uur in een dag zit, deels omdat er voor sommige interviews nu eenmaal enorme bedragen moeten worden neergeteld door distributeurs om journalisten uit hun territorium te laten aanschuiven.

Afijn, niks nieuws wat dat betreft.

Veiligheidsmaatregelen
Heb ook gewoon weer een pas met stip, wat betekent dat ik overal vrij makkelijk binnenkom. En een eigen postvakje. Daar lag bij aanvang een A5'je in met alle veiligheidsmaatregelen.

Scherpe voorwerpen zoals messen en scharen mogen niet naar binnen in het Palais de Festivals, flessen groter dan een halve liter evenmin. Grote koffers? Ook verboden, met het oog op terrorisme.

Grote koffers? Ook verboden, met het oog op terrorisme.

Er lag ook een flyertje met voorbeelden van goed en slecht gedrag: Ne gâchons pas la fête, stop harcèlement! Le harcèlement est puni part la loi.  Ofwel: Laat het feest niet bederven, stop intimidatie! Intimidatie is bij wet verboden.

Seksuele intimidatie
Op de flyer staat het nummer dat gebeld kan worden als je desondanks het slachtoffer wordt of getuige bent van seksuele intimidatie: 0492998009. Ik ben heel nieuwsgierig naar de persoon aan de andere kant van de lijn, maar ik durf niet te bellen.

Verder zijn de postvakjes opvallend leeg. Vroeger - ja, ik word oud - pakten sales agents en producenten uit met de fraaiste persmappen, tegenwoordig staan ze in digitale vorm op de site van het festival.

'Super yacht'
De meeste uitnodigingen komen ook met de mail: ik kan onder meer naar de beach party voor de Star Wars-spin off Solo, naar een 'Muay Thai boxing'-demonstratie door twee vrouwelijke wereldkampioenen ('No RSVP needed. Wine and Thai snacks served'), en een 'five star event on a private super yacht in the old port of Cannes' - geen idee waarvoor precies.

Ik ontving ook een uitnodiging voor de officiële welkomstborrel van het festival, in aanwezigheid van Thierry Frémaux (cum suis). Daar ben ik woensdagavond, tussen twee films door, wel even wezen kijken.

Eye
De dag begon met Dead Souls van de Chinese regisseur Wang Bing, over de campagne van de Communistische Partij tegen vermeende rechtse elementen, die in 1957 werden ondergebracht in heropvoedingskampen, waar een groot aantal verhongerde. De film duurt acht uur en 16 minuten ("Na 3 uur is er een korte plaspauze", zei Thierry Fremaux voor aanvang). Zoveel tijd had ik niet, na 2 uur moest ik ervandoor.

Frémaux had een voorbeeld moeten nemen aan Eye, waar hij eind februari even was voor de vertoning van zijn documentaire over de filmpioniers Lumière. Op de Eye Art & Film-tentoonstelling worden Wang Bings films t/m 27 mei nog vertoond op meerdere schermen naast elkaar; waardoor zijn 14 (!) uur durende meesterwerk Crude Oil in 3,5 uur kan worden geconsumeerd...

Op zoek naar films die alles hebben in Cannes

"Een film die álles heeft." Het antwoord van juryvoorzitter Cate Blanchett op de vraag wat voor film er voor haar in aanmerking komt voor de Gouden Palm, was even duidelijk als vaag, op dag 1 van het filmfestival van Cannes. 

's Avonds kreeg de jury de eerste film voorgeschoteld: Todos Lo Saben, de eerste Spaanse film van de Iraanse grootgrutter in prijzen Ashgar Farhadi. Zeker geen film die álles heeft, vindt verslaggever Jan Pieter Ekker: 

Lees verder: Op zoek naar films die alles hebben in Cannes

Dag 1 (8 mei)

Er is al veel gezegd en geschreven over de persvoorstellingen in Cannes. Die zijn deze editie niet vóór de officiële vertoningen, maar gelijktijdig, of erger nog, de dag erna - ondanks protesten van de Fipresci (de club van internationale filmcritici) en het verbond van Franse critici. 

De reden, zo stond in een drie A4'tjes tellend epistel dat de persafdeling daags voor het festival aan alle geaccrediteerde journalisten uit deed gaan: de galapremière moest weer een opwindend evenement worden waar reikhalzend naar wordt uitgekeken. 

En dat is lastig als 4000 critici de film een dag eerder al hebben afgebrand

Er werd steeds harder gezucht en gesteund.

Dat gebeurt niet vaak, maar het gebeurt. Het overkwam het erbarmelijke Les Côtelettes bijvoorbeeld (terecht), en Vincent Gallo's The Brown Bunny (onterecht, maar ik had destijds niet de indruk dat hij er erg onder leed).

Twee jaar geleden gebeurde het ook met Sean Penns The Last Face. Binnen no-time verschenen de eerste recensies online.

The Hollywood Reporter repte van 'insulting refugee porn', ofwel vluchtelingenporno, een term die ik zelf ook in mijn schriftje had genoteerd tijdens de persvoorstelling.

De slachtpartij moet diepe indruk hebben gemaakt op festivaldirecteur Thierry Fremaux. "Tough morning," schrijft hij in Sélection Officielle: Journal, zijn vorig jaar verschenen boek over de editie van 2016. "La catastrophe s'est produite. En ik ken de wetten van Cannes. Sean zal worden behandeld als een totale nul."

Dat nooit meer, moet Frémaux hebben gedacht. Cannes nieuwe stijl dus.

Maandagmiddag, toen ik op Schiphol zat te wachten op mijn vlucht naar Nice, kreeg ik een mail van de persafdeling van het festival: 2,5 uur later zat Frémaux klaar om alle vragen van de pers te beantwoorden.

Dat was niet de bekende Franse slag, maar perfecte Franse timing; het zal er niet druk geweest zijn.

Journalisten die dinsdagavond de openingsfilm Todos lo Saben wilden zien (ik), moesten anderhalf uur van tevoren plaatsnemen in Salle Debussy, waar eerst de rode loper (geen selfies!) en het complete zaalprogramma uit het vijftig meter verderop gelegen Grand Theâtre Lumière (ellenlange, slecht gescripte, niet ondertitelde toespraken, liedjes) op het witte doek te zien waren.

Er werd steeds harder gezucht en gesteund. De persvoorstelling begon vervolgens net iets later dan de galapremière - voor alle zekerheid.

Dag 1: Cannes maakt zich op voor de opening

De vertoning van het drama Everybody Knows van de Iraanse regisseur Asghar Farhadi vormt dinsdagavond de aftrap van twaalf dagen vol films, premières en feestjes aan de Franse Côte d'Azur.

De film van de met twee Oscars bekroonde Iraniër vertelt over een Spaanse vrouw die een leven heeft opgebouwd in Argentinië. Tijdens een bezoek aan Madrid verdwijnt haar dochter. Zij zoekt hulp bij haar Spaanse ex-vriend. De hoofdrollen worden vertolkt door Hollywood-koppel Javier Bardem en Penelope Cruz.

Everybody Knows is een van de 21 titels die dit jaar kans maakt op de prestigieuze Gouden Palm. De jury staat onder leiding van actrice Cate Blanchett.

Er draaien dit jaar geen Nederlandse films in de competitie of in een van de drie andere programma's. 

Er gelden dit jaar een aantal nieuwe regels: zo mogen journalisten films niet meer zien voordat de première is geweest, om te voorkomen dat zij te vroeg negatieve recensies plaatsen. En ook selfies op de rode loper zijn voortaan verboden. Het is onduidelijk wat er gebeurt als grote sterren dit wel doen.

Het festival duurt tot en met 19 mei.

'Lars von Trier is lang genoeg gestraft'

Lars von Trier is dit jaar weer welkom in Cannes. De Deense regisseur werd in 2011 verbannen na een persconferentie waar hij zich als nazisympathisant presenteerde, met een verwijzing naar de herkomst en de Duitse achtergrond van zijn familie.

"Lars werd tot persona non grata verklaard omdat hij grappen maakte over zaken waarover je geen grappen maakt," riep festivalleider Thierry Frémaux in herinnering, een dag voor de start van het festival. "Hij is geen antisemiet, heeft niets tegen Joden en is geen nazi". Het bestuur heeft nu besloten dat "hij lang genoeg gestraft is".

Von Trier is uitgenodigd aanwezig te zijn bij de vertoning van zijn film The House That Jack Built over een seriemoordenaar. De film doet buiten mededinging mee.

Voorbeschouwing

Opmerkelijk veel nieuwe namen dingen mee naar de Gouden Palm. En géén Netflix-producties. Ook opmerkelijk: op de rode loper in Cannes zijn selfies verboden - dat houdt de boel op en is niet elegant.

Cannes is het mekka van de kunstzinnige film. Een blik op de palmares maakt duidelijk waarom 's werelds grootste filmauteurs - van Luis Buñuel en Federico Fellini, Orson Welles en Michelangelo Antonioni, Francis Ford Coppola en Martin Scorsese tot Lars von Trier en Michael Haneke - allemaal al eens met de hoofdprijs naar huis gingen. Lees verderDit is wel/niet te zien op het filmfestival van Cannes