Kunst & Media Bewaar

Beatrix Ruf: 'Over mijn terugkeer bij het Stedelijk valt te praten'

Beatrix Ruf: 'Het Stedelijk heeft echt een enorme potentie'
Beatrix Ruf: 'Het Stedelijk heeft echt een enorme potentie' © Linda Stulic

Beatrix Ruf, voormalig directeur van het Stedelijk Museum, zegt na het onderzoeksrapport dat haar vrijpleit van belangenverstrengeling dat ze haar werk wil afmaken. 'Ik ben nooit gestopt met dromen van het museum.'

'Ik ben ontzettend gelukkig. En ontroerd; ik ben écht ontroerd door alle reacties die ik heb ontvangen nadat het rapport is uitgekomen."

Beatrix Ruf zegt het met een blije lach op haar gezicht. Ze zit aan tafel in haar woning in Amsterdam-Zuid, weer net zo ontspannen als tijdens haar presentatie in het Stedelijk Museum, waar ze in november 2014 met veel tamtam was binnengehaald als opvolger van de Amerikaanse Ann Goldstein.

De Zwitserse Ruf (58) heeft ook reden om opgelucht te zijn. Eerder deze week kwamen oud-advocaat Sjoerd Eisma en oud-rechter Jan Peeters met het rapport Governance en de Wet normering topinkomens bij het Stedelijk Museum Amsterdam, uitgevoerd in opdracht van de gemeente, nadat in oktober 2017 in NRC Handelsblad berichten waren verschenen over belangenverstrengeling en zelfverrijking. Amsterdam is met bijna 19 miljoen euro per jaar de belangrijkste subsidieverstrekker van het museum en eigenaar van de kapitale collectie.

Het vuistdikke rapport - 127 pagina's plus 76 pagina's bijlagen - pleit Ruf volledig vrij; volgens de onderzoekers heeft Ruf al tijdens de sollicitatieprocedure nauwkeurig inzicht gegeven in de functies die zij toen naast haar directoraat van de Kunsthalle Zürich vervulde.

Na haar aanstelling heeft ze de toenmalige voorzitter van de raad van toezicht Alexander Ribbink vaak mondeling op de hoogte gebracht van haar bijverdiensten. Haar vertrek wordt een 'vermijdbaar noodlottig ongeval met ernstige gevolgen voor het museum' genoemd.

Wanneer wist u dat u zou worden gerehabiliteerd?
"Ik ben door de onderzoekers natuurlijk vaak geraadpleegd voor het rapport, maar de conclusies kende ik ook pas vlak voordat het rapport afgelopen week naar de gemeente ging. En ik wist natuurlijk ook niet hoe het zou worden ontvangen. Ik ben echt heel gelukkig. Ik wist natuurlijk dat ik niets verkeerd had gedaan; er zijn altijd dingen die beter hadden gekund, maar ik wist dat de beschuldigingen vals waren. Gelukkig wordt dat nu onderschreven door de onafhankelijke onderzoekers. Ze zijn secuur te werk gegaan en hebben de feiten laten spreken. Ik hoop en ik verwacht dat de feiten nu ook tot het publiek doordringen."

U hebt sinds de start van het onderzoek niet gereageerd in de media; was dat moeilijk?
"Vrij snel nadat ik ontslag had genomen, werd door de gemeente een onafhankelijk onderzoek gelast. En dat vond ik juist; het moest duidelijk worden waar de bedragen vandaan kwamen, anders zou het schadelijk zijn - voor mij én voor het Stedelijk. Het onderzoek duurde lang, omdat het zo precies was. Voor mij was het bijna een dagtaak; ik werd voortdurend opgetrommeld om ten kantore op hun computers nieuwe stukken te lezen, en daar moest ik vervolgens dan weer op reageren. Daarvoor moest ik vaak op zoek naar stukken waarvan ik nooit had gedacht dat ze belangrijk zouden kunnen zijn. Het was intens. Het was een zware, emotionele periode, maar ik heb me altijd gesteund gevoeld door een kring van intimi. Dat heeft me enorm geholpen."

Hebt u alles gelezen wat er de afgelopen acht maanden over u in de media is verschenen?
"Alles. Elke ochtend en elke avond. Ik moest toch weten wat er speelde? Sociale media heb ik meestentijds genegeerd, maar verder heb ik alles gelezen."

Dat ik een leugenaar werd genoemd deed me het meest pijn. Want ik ben heel slecht in liegen

Wat heeft u het meeste pijn gedaan?
"Dat ik een leugenaar werd genoemd. Want ik ben heel slecht in liegen. Daarom ben ik ook zo blij dat in het rapport staat dat ik altijd integer heb gehandeld."

Hoe kijkt u nu terug op die zaterdag in oktober, toen u had afgesproken met Ferdinand Grapperhaus en Madeleine de Cock Buning van de raad van toezicht, naar u dacht om alle problemen uit de wereld te helpen?
"Ik dacht dat het opgelost zou worden. Maar er was geen tijd voor. Er werd mij verteld dat de subsidie van de gemeente in gevaar zou komen. En dat de RvT niet meer achter me zou staan. Ik zag geen andere mogelijkheid dan op te stappen. In het belang van het Stedelijk; ik heb het belang van het museum altijd laten prevaleren boven mijn eigen belang. Achteraf vraag ik me af of het de juiste beslissing was, voor mijzelf en voor het Stedelijk. Ik denk het niet, maar zo is het nu eenmaal gegaan. Ik voelde een enorme druk. Er was geen andere uitweg."

Zijn er zaken waarvan u achteraf vindt dat u ze anders had moeten doen? Hebt u ergens spijt van?
"Spijt is het woord niet, maar ik heb de consequenties van mijn ontslag niet goed ingeschat. Maar op dat moment leek het me het beste voor het Stedelijk."

En van zaken die vóór uw ontslag speelden, en die in de kunstwereld vragen opriepen, zoals de bruikleen van een valse Mondriaan?
"Dat staat ook duidelijk in het rapport: dat is gebeurd zoals het in alle musea gebeurt. Ik zou bijna zeggen: business as usual."

De schenking door kunstverzamelaar Thomas Borgmann, waar naar later bleek 1,5 miljoen voor was betaald, hoe kijkt u daar op terug?
"Dat hadden we anders moeten communiceren. Maar ook daar was geen sprake van kwade trouw of moedwil. Het is een normale gang van zaken. We hebben het slecht gecommuniceerd, misschien wel uit overmoed, omdat we het nóg groter wilden maken. Terwijl het al zo'n geweldige schenking is. We hebben de stukken verworven onder gunstige voorwaarden: we mogen ermee doen wat we willen; er is geen verplichting om ze te tonen en we mogen ze ook in langdurige bruikleen geven aan een ander museum, zoals elk ander stuk in de collectie. Al met al is het iets om trots op te zijn."

Hoe hebt u de opening van de nieuwe collectieopstelling beleefd? Het was uw geesteskind, maar u kon er niet bij zijn.
"Dat was een treurig moment. Het was een langdurig, complex proces waaraan ik met veel plezier heb samengewerkt met het hele team, het hoofd collectie Bart Rutten en architect Rem Koolhaas. Na de opening heeft Rem me meegesleurd naar het museum; ik had alleen maar computersimulaties en schaalmodellen gezien en ik was positief verrast hoe het in het echt functioneerde. Ook bijzonder: de suppoosten begroetten me enthousiast en waren heel blij me te zien."

Laat ik duidelijk zijn: het voelt alsof ik ben overreden door een bus

Er moeten ook medewerkers zijn die het niet erg vonden dat u vertrok.
"Zonder wrijving geen glans. Ik ga de discussie niet uit de weg, ik ben niet bang voor controverse. De nieuwe collectiepresentatie is allesbehalve doorsnee, maar we hebben daar met alle conservatoren en curatoren aan gewerkt. Het was controversieel, en toch was het vooral teamwork."

U praat nog altijd met warmte over het Stedelijk, bent u het museum blijven bezoeken?
"Dat heeft wel wat tijd gekost. De pas geopende Günther Förgtentoonstelling heb ik nog niet gezien, maar sinds Rem me heeft meegenomen ben ik diverse keren terug geweest. Ik ben trots op alles wat er al is gerealiseerd. Stedelijk Base is open, er is veel ruimte gereserveerd voor de geweldige collectie, er is een nieuw entree­gebied..."

Hebt u nog contact met uw oud-collega's?
"Ik was net op Art Basel en daar heb ik een aantal medewerkers van het Stedelijk gesproken. Voor hen is het ook zwaar dat het museum zo onder vuur ligt. Het is extra zuur omdat ik in de periode voordat ik ontslag nam, juist was begonnen met het structureren en optimaliseren van de organisatie. Dat kostte tijd na de heropening. Het Stedelijk is enorm gegroeid, dan moet je eerst kijken hoe bepaalde zaken in de praktijk uitpakken voor je ze kunt verbeteren."

Ik ben ervan overtuigd dat er veel kansen liggen voor het Stedelijk

Het klinkt alsof u nooit bent gestopt met nadenken over het Stedelijk. Hebt u nagedacht over een terugkeer?
"Over alles waar het museum mee gediend is, valt te praten. Maar het rapport is nog vers, het heeft nog wat tijd nodig om alles op een rijtje te krijgen. En het is nu vooral aan anderen om daar iets over te zeggen. Maar het klopt: ik ben nooit gestopt met nadenken over en dromen van het Stedelijk. Het museum heeft zo ontzettend veel potentie. En ik wilde zo graag verder aan de slag met die prachtige collectie. Er waren vergevorderde plannen voor een opvolger voor Bureau Amsterdam, om jongere en diversere kunst te tonen. Er zijn veel zaken in gang gezet. En ik hoop dat daar een gevolg aan wordt gegeven. "

Als u zou worden teruggevraagd, ziet u dan geen belemmeringen? Het is toch een beetje als een relatie waaraan bruut een einde is gemaakt?
"Laat ik duidelijk zijn: het voelt alsof ik ben overreden door een bus. Maar als mensen denken dat het goed is voor het museum, ja, dan valt erover te praten."

Ze lacht opnieuw. "Zoals ik al zei: ik ben nooit gestopt met dromen. Mijn leven speelt zich hier af. Ik heb een prachtig huis op loopafstand van het museum. Ik houd van de stad en ik heb hier vrienden gemaakt. Het Stedelijk heeft echt een enorme potentie, het is groot genoeg maar niet te groot om nog flexibel te kunnen opereren. Veel collega-directeuren zijn daar jaloers op: dat je in het Stedelijk nog dingen kunt proberen en ontdekken. Echt, de Tates, MoMA's en Guggenheims zouden graag wat meer op het Stedelijk willen lijken."

U hebt Nederland en de Nederlanders wel leren kennen, de afgelopen maanden.
Ze buldert. "Dat had ik misschien eerder moeten doen. Maar serieus: ik heb een hoop geleerd. En alle problemen rond privaat en publiek geld waar we mee moesten dealen, spelen overal. Ik ben ervan overtuigd dat er veel kansen liggen voor het Stedelijk. Dit museum is gesticht door private verzamelaars en er zijn vandaag de dag opnieuw veel verzamelaars die graag iets willen doen voor het museum. Niet omdat ze het museum willen overnemen of denken dat hun eigen kunst daardoor waardevoller wordt, maar omdat ze een grote verantwoordelijkheid voelen iets voor de gemeenschap te doen."

Mocht u terugkeren, zijn er dan dingen die u anders gaat doen?
"Ik ben blij dat de onderzoekers opmerken dat ik heb gedaan wat ik moest doen. En dat is ook waarom ik hier in 2014 ben benoemd."

Twee rapporten

Het was een tumultueuze week voor het Stedelijk Museum. Maandag verscheen een rapport van de Amsterdamse Kunstraad (belangrijkste advies: koester de collectie en ga op zoek naar onbekend talent). Twee dagen later volgde het langverwachte onderzoeksrapport dat op instigatie van de gemeente is gemaakt naar aanleiding van het vertrek van Beatrix Ruf. Daarin wordt nadrukkelijk gesteld dat Ruf ten onrechte is beschuldigd van belangenverstrengeling.

Na het verschijnen van het onderzoek stapten drie leden van de RvT op, onder wie waarnemend voorzitter Madeleine de Cock Buning. Zij had de taken overgenomen van Ferdinand Grapperhaus, die kort nadat hij Alexander Ribbink was opgevolgd als voorzitter van de RvT minister van Justitie werd.