PlusInterview

Frenkie de Jong: ‘Het is vooral prettig om belangrijk te zijn’

Na een paar roerige maanden staat Frenkie de Jong op de drempel van zijn eerste WK. Op onderkoelde manier vertelt hij vrijuit over Oranje, Louis van Gaal en zijn gewonnen strijd met de clubleiding van FC Barcelona. ‘Natuurlijk neem ik het die mensen wel kwalijk.’

Sjoerd Mossou
Frenkie de Jong: 'Allemaal hebben we dezelfde gedachte, hetzelfde doel.' Beeld Rico Brouwer/Getty Images
Frenkie de Jong: 'Allemaal hebben we dezelfde gedachte, hetzelfde doel.'Beeld Rico Brouwer/Getty Images

Het gesprek onder de kroonluchters van het St. Regis Hotel in Doha is halverwege als Frenkie de Jong vertelt over zijn absurde zomer bij FC Barcelona. Een verhaal waar maandenlang oneindig veel over is geschreven en gezegd, maar niet per se door de voetballer zelf.

Het spel rondom de middenvelder werd smerig gespeeld. Zo werd zijn volledige contract naar de Catalaanse pers gelekt in een verwoede poging de Nederlander naar de uitgang te duwen. “Ja, toen dacht ik wel even: dat is toch niet nodig?,” zegt De Jong erover, droogjes.

Het is typische Frenkie de Jongtaal, uitgesproken op een typische Frenkie de Jongtoon. De voetballer die zo vaak wordt overladen met superlatieven, praat zelf vrijwel nooit in de overtreffende trap, eerder juist in kalme understatements.

“Druk voelde ik niet zo, qua ik moet per se dit of ik moet per se dat,” zegt hij dan.

Of: “Ja, als je dan na een tijdje weer alles speelt, dan voelt dat wel best lekker.”

Evenwicht in extreme wereld

Het zou een manier kunnen zijn om wat evenwicht te brengen in de extreme wereld waarin hij leeft. Zijn zaakwaarnemer en vriend Ali Dursun, een tamelijk emotioneel type, vertelde in het verleden geregeld over De Jongs stoïcisme. “Die jongen is niet uit balans te krijgen,” verzekerde Dursun dan.

“Nee, ik heb nooit echt gevreesd, ook niet met het oog op het WK,” zegt De Jong. “Ik was vooral heel vastberaden over wat ik zelf wilde. Daarbij dacht ik steeds: als het straks bij de club weer wat rustiger wordt en ik ben gewoon fit en in vorm, dan ga ik vanzelf weer starten in de belangrijke wedstrijden. Dat vertrouwen heb ik eigenlijk altijd gehad.”

Sereen en onverstoorbaar blijven, nam De Jong zichzelf steeds voor. “En dat lukte eigenlijk heel goed. In de periode bij Ajax bijvoorbeeld, toen ik moest kiezen uit een aantal aanbiedingen van clubs, was ik best wel onrustig in mijn hoofd. Nu wist ik precies wat ik wilde en welke gevolgen dat zou hebben. De situatie nam ik voor lief. Ik wist zelf hoe het echt zat.”

Dat wil niet zeggen dat alles hem koud liet. Het lekken van zijn vorig jaar verlengde contract was niets minder dan een regelrechte aanval, over de rug van de voetballer. Dat zag De Jong zelf ook zo. “Op zo’n moment weet je natuurlijk wel: ik heb het zelf niet gelekt. Dan is er maar één andere partij die het contract ook heeft, dus dat moet dan de club wel zijn.”

Irritant

“Er waren ook nog wat dingetjes daarna, toen ze ons een brief stuurden dat mijn contract misschien ongeldig was, omdat Josep Bartomeu (de inmiddels vertrokken president) geen contracten meer had mogen verlengen. Dat soort dingen: dat is gewoon niet nodig. Op zo’n moment vind je het irritant dat de club dat doet, maar ook toen bleef ik rustig. Omdat je er verder toch geen invloed op hebt.”

Tegenstrijdig genoeg veranderde het weinig aan zijn gevoel voor FC Barcelona, de club waar hij als jongetje al van droomde, en waar hij het liefst tot het einde van zijn carrière blijft spelen. “Het liefst zo lang mogelijk, ja,” zegt De Jong. “Misschien is dat tien jaar, misschien acht, dat is lastig te zeggen natuurlijk.”

Neemt hij het zijn werkgever dan niet kwalijk dat hij zo respectloos is behandeld? Dan, wat feller: “Natuurlijk neem ik het die mensen wel kwalijk, ik neem het ze hartstikke kwalijk. Maar ik heb in principe niks met ze te maken. Ze maken geen deel uit van mijn dag. Ik zie ze nooit. Op de club ben ik met teamgenoten, met de trainers, met de staf.”

Was het binnen het team dan geen onderwerp van gesprek?

“Soms, binnen het team waren er meer jongens die in een vergelijkbare situatie zaten. Dus je hebt het er ook wel over in de kleedkamer. Er werden ook grapjes over gemaakt. Maar binnen het team is het verder nooit echt een issue geweest. Voor mij hoefden de jongens zich ook niet per se naar buiten toe uit te spreken.”

Heb je in die periode genoeg steun gevoeld van je trainer Xavi?

De Jong denkt even na. “Ehm... Nou, ik heb niet het gevoel gehad dat hij tegen me was. Naar buiten zei hij altijd: ‘Voetballend hoop ik dat hij blijft, maar we hebben ook met de economische kant te maken.’ Ik denk dat het moeilijk voor hem was om zich er echt over uit te spreken. De club had financiële problemen, ik denk ook niet dat hij uiteindelijk de eindbeslissing had. Ja, hij hield het wel open. Hij zei niet: ‘Frenkie blijft hoe dan ook.’ Maar dat neem ik hem ook niet kwalijk. Ik weet wel een beetje hoe de situatie bij de club was.’’

Voelde het dan als een dubbele triomf als je, bijvoorbeeld in de wedstrijd tegen Villarreal, een staande ovatie van het publiek krijgt?

“Door de hele situatie was ik wel extra gemotiveerd. Het heeft de boel ook een beetje opgeschud bij me misschien. Dat hoeft niet verkeerd te zijn. Bij de eerste wedstrijden in Camp Nou, begin dit seizoen, was ik toch wel benieuwd. Op de momenten dat je invalt, wil je je toch bewijzen. Als het dan lekker gaat en het publiek reageert daarop, de mensen waarderen je, dan is dat toch wel heel fijn ja.”

Hij staat aan de vooravond van zijn eerste WK. Toen De Jong vorige week zondag op het punt stond te vertrekken naar Qatar, werd hij verrast door een groep familieleden en vrienden. Ze wachtten hem op in een bovenzaaltje in Amsterdam, voor een bescheiden afscheidsfeest. Op posters prijkte een vrolijke jeugdfoto van De Jong, gehuld in een oranje shirt en met geschminkte wangen. ‘Frenkie in Oranje – dromen komen uit’, stond erop. “Mijn vriendin Micky had dat georganiseerd, als verrassing,” vertelt De Jong stralend. “Hartstikke mooi natuurlijk.”

Als kind volgde hij de laatste drie WK’s van Oranje op de voet. Het toernooi van 2010 in Zuid-Afrika, toen hij dertien was, beleefde de voetballer uit Arkel het meest intens. “Je zit vol in spanning de hele dag, hebt het er met iedereen over. Ik keek heel erg op tegen het Nederlands elftal, Oranje leek nog heel ver weg. Het leek iets heel erg onbereikbaars.”

Dat hij nu zelf op de drempel staat van het grootste voetbaltoernooi ter wereld, realiseert hij zich nog niet helemaal. “Dat komt vanzelf rond de eerste wedstrijd. We hebben nog geen stadion van binnen gezien,” aldus De Jong. “Maar dat echte WK-gevoel komt vanzelf.”

Bondscoach Louis van Gaal tracht het Nederlands elftal voortdurend te inspireren, op weg naar een mogelijke wereldtitel. Zoals het Oranje van 2010 een heilig geloof uitspraak in een wereldkampioenschap, zo doet Van Gaal dat nu ook. “Ik denk wel dat het helpt. Het gaat toch, misschien ook onbewust, op de een of andere manier in het hoofd zitten bij iedereen. Allemaal hebben we dezelfde gedachte, hetzelfde doel.”

Wat maakt het speciaal om juist met Van Gaal te werken?

“Hij is zo direct, zo duidelijk. Tegen mij ook, bijvoorbeeld over spelsituaties waarin hij vindt dat ik achter de bal moet blijven. Bij Barcelona hoor je het ook als je iets niet goed doet, maar Van Gaal benoemt het altijd. Kritisch of positief, dat maakt hem in voetbalsituaties niet uit. Tegen een speler zegt hij dan bijvoorbeeld: ‘Hier ben jij niet zo goed in, want jij kunt niet zo goed opbouwen. Maar ballen afpakken, daar ben jij wel de beste in!’

Is dat anders dan je bij Barcelona gewend bent?

“Xavi is ook duidelijk, maar Van Gaal gaat een stap verder in directheid, in duidelijkheid. Als hij beelden laat zien, zegt hij heel direct: dit is niet goed, dit moet je beter doen. Hij ziet dat nooit als iets persoonlijks. Als hij iets vindt, zegt hij het. Die ander is nu beter, dus die speelt. Ik denk niet dat er iemand op de bank zit die kan zeggen: ik weet niet waar ik aan toe ben. Iedereen kent zijn rol.”

De rol van De Jong is wel helder: de middenvelder geldt als een van de absolute sleutelspelers van dit Nederlands elftal. Een van de weinige internationals die, ook volgens Van Gaal, vrijwel onvervangbaar is in de manier waarop Oranje wil spelen.

“Het is vooral prettig om belangrijk te zijn, dat ook spelers en de trainer dat op die manier aangeven. Ik voel daar nu niet meer druk bij dan normaal, misschien ook omdat we de eerste WK-wedstrijd nog moeten spelen. Als ik het vergelijk met toen we tegen Noorwegen speelden in de WK-kwalificatie: die wedstrijd was denk ik de spannendste die ik gespeeld heb in mijn carrière tot nu toe. Je had alleen maar iets te verliezen, zo voelde dat. We móesten winnen.”

Zelfs de voetballer die zo onbezorgd kan ogen, voelde op die winterdag in november druk en zenuwen. “Ja, ik heb dat ook weleens hoor. Tijdens wedstrijden valt het op een gegeven moment van je af, dan zit je in de adrenaline. Maar vooraf zit er op dat soort dagen echt wel spanning op.”

Wat maakt de teamgeest van dit Oranje, zoals Van Gaal die zo vaak benoemt, zo bijzonder?

“Dit is vanaf het begin een heel hechte groep. Belangrijk is daarin dat de grotere, meer ervaren jongens heel open zijn. Dat juist zij goed met iedereen omgaan, gewoon netjes zijn naar anderen, professioneel ook. Dan heb je als nieuwelingen ook geen reden dat niet te doen. Iedereen gedraagt zich dan ook zo. Je ziet dat iedereen normaal doet. Er wordt hard gewerkt, rotte appels hebben we niet. Braaf? We hebben echt wel jongens met een eigen mening, maar geen jongens die snel conflicten veroorzaken, nee. In dat opzicht zie ik braaf niet als iets negatiefs.”

Geloof je inmiddels al net zo in de wereldtitel als de bondscoach?

“Er zijn misschien wel selecties die nog beter zijn, maar we hebben een heel goed team en een goede trainer. Dan heb je kans en daar moet je vol voor gaan. Dan zou bijvoorbeeld de kwartfinale teleurstellend zijn. Nee, ik sluit me niet helemaal af van de buitenwereld nu. Ik volg gewoon het voetbalnieuws, ik wil weten wat er allemaal speelt, dat vind ik leuk. Dit is een WK hè. Dat hoort er juist allemaal bij.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden