Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

‘Hoe moet ik dan afscheid van je nemen?’ Ze kon haar computer domweg niet aanraken

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

Ze staarde naar haar computer die ze nog niet had aangezet.

“Waarom op mijn verjaardag…. nou ja, daar kan jij ook niets aan doen,” dacht ze.

Net op het moment dat ze de livestream wilde bekijken, ging haar telefoon. Ze moest wel opnemen.

“Hartelijk gefeliciteerd, oma.”

“Dank je, lieverd.”

Daarna kwam haar zoon aan de telefoon.

“Je klinkt gehaast,” zei hij.

“Ik moet naar de w.c.”

“Oké, nou, plezierige dag nog. Wij komen je vanavond halen.”

Ze hing op. Hoe lang waren ze nou bezig? Zeven minuten. Ze merkte dat ze niet durfde te kijken.

“Hoe moet ik dan afscheid van je nemen?”

Ze kon haar computer domweg niet aanraken.

Bloemen, bekenden, een kist… dan maar geen afscheid.

Ze zag in de tuin Rover sluipen. Die had waarschijnlijk weer een merel op het oog. Ze tikte tegen het raam. Rover luisterde niet. Ze lachte om zijn eigenwijsheid en voelde zich direct daarna schuldig dat ze zich een moment niet droevig had gevoeld.

“Laat ik maar gaan kijken.”

Maar ze deed het niet.

Liesbeth belde.

“Nou,” zei die, “gefeliciteerd en hoe is het nou?”

“Goed hoor. Vanavond komen de kinderen.”

“Niet droevig?”

“Ach… Ja… Maar, zo gaan die dingen.”

Liesbeth wilde tranen horen, maar die kreeg ze niet.

“Zal ik taart komen eten? Dan neem ik taart mee.”

“Ja, leuk,” zei ze en dacht: “blijf weg”. Maar daarvoor was het te laat.

Ze babbelden nog wat. Bij de taart zou ze vanmiddag wel meer gepijnigd worden door het moralisme van Liesbeth, maar het was ook een goede vriendin.

Toen ze ophingen, was er al een half uur voorbij.

“De hoop is dood, de illusie is dood, de mogelijkheid dat het ooit wat zou worden al was het onmogelijk.”

Ze dacht aan zijn vrouw, maar wilde daar niet aan denken.

“Rover! Kom binnen!” Ze rammelde met de kattenbrokjes. Maar de merel vloog niet weg en Rover verroerde zich niet.

Ze besloot definitief niet naar de livestream te kijken. Ze liep naar haar slaapkamer, pakte het gouden hangertje, deed het om en verborg het onder haar truitje. Verborgen rouw.

Ze herinnerde zich nog hoe haar moeder 70 werd. Een huis vol mensen en vrolijkheid. Haar stiefvader die bij het eten een rede hield over liefde. Haar broer die heel vals een liedje zong.

“Iedereen is alleen even weg,” dacht ze.

Het troostte niet.

“Het is ook verdomme niet waar!”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden