Ingezonden brieven

‘Zorg vroeg voor een gedegen diagnose om adhd’er te helpen’

David Con hield dinsdag in Het Parool een in essentie terecht – en vaker gehoord – betoog dat we niet te snel moeten zijn met het medicaliseren van het gedrag van kinderen. Dat laat onverlet dat er wel degelijk aandoeningen zijn die liefst zo vroeg mogelijk moeten worden gediagnosticeerd.

null Beeld ANP
Beeld ANP

Vorig jaar kreeg ik, 60 jaar oud, de diagnose adhd. Ineens viel alles op zijn plaats: de opmerkingen in mijn jonge jaren (‘Zit toch eens stil!’, ‘Laat andere mensen ook eens praten!’), de moordende verveling in de klas, de zucht naar opwinding, de zelfmedicatie, mijn nogal kleurrijke en voortijdig beëindigde opleiding, mijn interessante maar weinig consistente cv. Het leek allemaal te komen uit het handboek Hoe stel ik vast of iemand adhd heeft, tot in de kleinste details, zoals voortdurend alles kwijtraken, wat voorheen mijn ouders en nu mijn eega tot wanhoop drijft.

Bij mij was geen sprake van het opplakken van etiketten, want in de eerste decennia van mijn leven bestond de diagnose adhd helemaal niet. Men zag wel dat er iets niet in orde was, maar daar werden nietszeggende etiketten opgeplakt als minimal brain damage. En het zou allemaal wel goed komen als ik wat ouder werd. Alleen kwam het niet vanzelf goed, want adhd is een hersenafwijking die zich niet door tijd laat wegpoetsen.

Nadat adhd eenmaal was uitgevonden leek het om een aandoening van kinderen en jongvolwassenen te gaan – en dook opnieuw de gedachte op dat die op den duur wel zou slijten. Dat iemand van zestig adhd zou kunnen hebben, is een besef dat pas onlangs is doorgedrongen. Rijkelijk laat, maar het is niet anders en we kunnen nu tenminste ons leven zo aanpassen, met medicatie, dat het allemaal wat makkelijker wordt.

Het zou onterecht zijn om mijn ouders iets te verwijten, of de huisarts van destijds. Zij wisten niet beter. Nu is dat anders. Laten we daarom het adhd-kind niet met badwater weggooien, en daarmee veel toekomstig leed besparen. Zorg al vroeg voor een gedegen diagnose, zodat niet iedereen die wel eens druk doet het label krijgt opgeplakt, en help de adhd’er waar we maar kunnen.
Enno de Witt, Deventer

Afkomen van labels

Psychiater David Con stelt dat het etiketteren van kinderen vergaande gevolgen kan hebben (HHW van dinsdag).

Wegens leerproblemen heeft mijn zoon (12) sinds anderhalf jaar een plekje in het speciaal basisonderwijs kunnen krijgen, ondanks het feit dat hij moeilijk was te classificeren, want een ‘herkenbaar’ label (autistische stoornis, adhd) ontbrak. Dit was het resultaat van mijn terughoudendheid om hem uitgebreid te laten testen, omdat naar mijn idee elk kind de tijd en de ruimte zou moeten hebben om zich te kunnen ontplooien zonder bij voorbaat in een diagnostisch hokje te worden gestopt. Onze op efficiëntie en productiviteit gerichte samenleving biedt deze ruimte echter nauwelijks.

Mijn zoon heeft het geluk te zijn opgebloeid in een omgeving met kleine klassen en veel aandacht voor zijn ­sociaal-emotionele ontwikkeling. En dit zonder zich te hoeven identificeren met een ‘stoornis’, wat inderdaad ingrijpende consequenties heeft voor een jong individu. Want zie daar maar eens vanaf te komen.
Desi Frey, Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden