Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Zoals altijd nam Tim Krabbé mijn twijfels weg

PlusMaarten Moll

Daar stond ik weer, een beetje opgewonden, voor het schap met tijdschriften.

Een jaarlijkse, ingesleten gewoonte, ingegeven door het verheugen.

Ik keek naar de wielerbladen die me moesten ver­leiden ze mee naar huis te nemen.

Morgen begint de Tour de France.

De CoronaTour. In alles een afwijkende rondrit door Frankrijk. Niet in juni en juli, zonder Froome, Thomas en Kruijswijk, zonder dichtbevolkte cols. Zou het wel een echte Tour worden dit jaar? Moest ik wel kijken?

Ik had me ook totaal niet voorbereid en wist niets van het parcours.

Maar ik stond toch maar voor dat schap me te ver­gapen. Verheugde ik me eigenlijk wel, of was dit meer de macht der gewoonte?

Zoals altijd nam Tim Krabbé mijn twijfels weg.

Uit mijn beduimelde, stukgelezen Ooievaarspocketje van zijn meesterwerk De renner kan ik de openings­passage dromen (ooit droeg ik dit boekje dag en nacht op zak, toen Rilkes De aantekeningen van Malte Laurids Brigge en daarna hield ik op met die flauwekul).

‘Meyrueis, Lozére, 26 juni 1977. Warm, bewolkt weer. Ik pak mijn spullen uit mijn auto en zet mijn fiets in elkaar. Vanaf terrasjes kijken toeristen en inwoners toe. Niet-wielrenners. De leegheid van die levens schokt me.’

“De leegheid van die levens schokt me,” zei ik zacht. Een verkoopster die net het vakje Vogue vulde, keek me vreemd aan.

“Natuurlijk ga ik kijken,” zei ik, iets harder. De verkoopster liet een Vogue vallen.

Ik kon uit zo’n zes bladen kiezen. Er volgde een heerlijk kwartiertje bladeren.

Vervolgens het dubben, wikken en wegen, nog eens goed nadenken en weer heroverwegen (ik kon maar één keer die tien cent uitgeven in de snoepwinkel). Ik kocht De officiële Tour de France Gids 2020, een uitgave van Procycling. Omdat daar ook een grote poster in zat met het parcours. (Tot vorig jaar scheurde ik de pagina met het parcours en staatjes van de bergetappes uit de krant en plakte die op de woonkamerdeur. Ook schreef ik er de etappewinnaars bij. Ik bewaar die pagina’s. Zoals ik wel meer bewaar, maar dat is voor een andere keer.)

Snel fietste ik naar huis. Om me vervolgens helemaal in het wielermagazine te verliezen.

Donderdag 3 september. Etappe 6. Le Teil-Mont Aigoual.

Mont Aigoual! In De renner doet Tim Krabbé mee aan de Ronde van de Mont Aigoual. De beklimming in deze Tour is vanuit Le Vigan, waar ik de eerste zomervakantie met alleen de meiden doorbracht (maar dat is ook een ander verhaal).

Ik verheug me erg op de Tour.

En voor eenieder die het nog niet deed – de leegheid van die levens schokt me: léés De renner!

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Reageren? m.moll@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden