Karin SpainkBeeld Artur Krynicki

Zo scheppen pensioenfondsen woningnood

PlusKarin Spaink

De VPRO zond vorige week Push uit, een knap gemaakte documentaire over stijgende woningprijzen en de nieuwe woningnood. Da’s gentrificatie, denken we vaak. ‘Wás dat het maar,’ verzucht hoogleraar Saskia Sassen. ‘De huizenmarkt gaat tegenwoordig vooral over beleggen. Panden zijn activa geworden.’ Bewoners doen er niet meer toe. In Toronto zijn de woningprijzen de afgelopen dertig jaar met 425 procent gestegen, terwijl het gemiddelde gezinsinkomen in die periode maar met 133 procent groeide.

VN-rapporteur woningrecht Leilani Farha gidst ons door een aantal grote steden: Toronto, Valparaíso, Londen, Barcelona, Uppsala, New York, Milaan, en ziet steeds hetzelfde verhaal: panden en flats worden opgekocht en gerenoveerd, vervolgens kunnen de buurtbewoners de huur niet meer opbrengen en moeten ze de stad verlaten, want ook andere wijken zijn te duur geworden. Mensen met lage inkomens zitten volledig klem, maar ook de middenklasse kan een huis in de stad nog amper betalen. Voor wie is de stad dan nog? Waar moeten al die mensen wonen die een stad overeind houden – leraren, verplegers, winkelpersoneel, politiemensen, bediening, chauffeurs, bouwers, schoonmakers en ambtenaren?

Er wordt zelfs gekocht voor de verkoop: dure appartementen zijn bedoeld om erin te beleggen, en gaan van hand tot hand. (Het Parool meldt hoe de penthouses van de Pont­steiger telkens verkocht worden, en maar duurder blijven worden.) Veel panden worden opgekocht door buitenlandse investeerders; in Londen staat circa 80 procent van hun vastgoed leeg. Handig, want dan kun je sneller op de markt reageren. Sassen: ‘Die lege flats zijn hard aan het werk. Ze staan geld te verdienen.’

Grootinvesteerders kopen pand na pand op, renoveren, en verhogen de prijs met 50 procent. Blackstone, een van de grootste investeerders, kwam in 2014 op de Zweedse markt en is nu de grootste particuliere eigenaar van woningen die eerder een lage huur hadden. De oorspronkelijke bewoners kunnen er niet meer terecht. Blackstone zelf is inmiddels de grootste vastgoedfirma ter wereld. Maar in de woningen zelf zijn ze niet geïnteresseerd, laat staan in de bewoners ervan.

De waarde van al dat vastgoed bedroeg, toen Push werd gemaakt, 217 biljoen dollar: aanzienlijk meer dan het bnp van alle landen ter wereld samen. Als VN-rapporteur Farha zich in Blackstone verdiept, ontdekt ze dat het zich specialiseert in het beleggen van andermans’ vermogen, met name dat van pen­sioenfondsen. De pensioenfondsen willen hun kapitaal laten groeien, om ook in de toekomst pensioenen uit te kunnen keren.

En zo wordt je huis opgekocht door een investeringsbedrijf dat de huur verhoogt of je je huis uit pest om er luxeappartementen van te maken, die je niet kunt betalen. Zo scheppen pensioenfondsen woningnood en pest je eigen oudedagsverzekeraar je via zijn vermogensbeheerders je eigen huis uit.

Reageren? k.spaink@parool.nl.

 
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden