James Worthy Beeld Agata Nowicka

Ze zegt dat ze niet met vreemden mag praten

Plus James Worthy

En klein meisje loopt op me af en vraagt of ik een Viking ben. In haar ene hand heeft ze een teddybeer en in haar andere een halve rijstwafel. Het is een schattig meisje. Ik zou haar wel willen opeten.

In een bestekbak zit bovenin vaak een ruimte voor vorkjes en lepels die te klein zijn om desserts mee te eten. Heel weinig mensen weten waar die dingen voor zijn, maar met die vorkjes en lepeltjes kun je dus kleine meisjes opeten.

Ze gaat op haar tenen staan en probeert aan mijn baard te trekken. Ik ga door mijn knieën en voel hoe haar vingertoppen over mijn onderkaak wandelen.

“Ja, ik ben een Viking.”

“Waar is je boot dan?”

“Die ligt hier om de hoek in een gracht.”

“En waar is je helm, die met die twee hoorns?”

“Die ben ik op de boot vergeten.”

“Krijg je dan geen straf?”

“Ongetwijfeld, onze leider is een strenge man. De laatste keer dat ik vergat mijn helm op te doen, moest ik alle vogelpoep van ons zeil schrobben.”

“Dat is goor. Hoe heet je?”

“Ragnar de rommelige.”

“Is je kamer altijd een bende?”

“Hoe weet je dat? Ben je stiekem op onze boot geweest? Dan moet ik je arresteren.”

“Nee, het was niet stiekem. Ik was uitgenodigd door iemand.”

“Door wie?”

“Door Hans!”

“Ik wist het. Hans de hartelijke! Daar moet ie echt eens mee ophouden. Het is een Vikingschip geen kinderboerderij.”

Er komt een vrouw achter mijn jonge gesprekspartner staan. Ze trekt het meisje hard naar achteren en zegt dat ze niet met vreemden mag praten.

“Mag ik wel met mijn vingers door de baarden van vreemden gaan?”

“Nee, dat mag ook niet.”

“Mama, ik vroeg alleen maar aan hem of hij een ­Viking is.”

“Hij? Een Viking? Haha! Hij is veel te klein om een Viking te zijn.”

Ik moet denken aan een vriendin van vroeger. Het was haar droom om stewardess te worden, maar ze was te klein. Zelfs als ze op haar tenen stond kon ze niet bij de bovenste la in het vliegtuigkeukentje. Ze mocht geen stewardess worden, dus toen kocht ze maar een lange blauwe jas. De jas is net niet KLM-blauw, maar niemand die het ziet. En zo loopt ze elke week een paar uur door de gebouwen van Schiphol.

“Ben je echt te klein om een Viking te zijn?” vraagt het meisje. De moeder kijkt met onvriendschappelijk ogen naar me. Ze eist de waarheid, maar gisteren zei iemand tegen me dat verhalen belangrijker zijn dan de waarheid. Ik was het met hem eens. En dat ben ik nog steeds. Als ik nu zeg dat ik geen Viking ben, beroof ik dat lieve meisje van haar dagdroom.

We worden geboren, we verliezen onze fantasie en we gaan dood. Maar niet vandaag. Niet vandaag.

“Nee, niemand is te klein om een Viking te zijn.”

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? james@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden