Artikel Wit Beeld Agata Nowicka

Ze wilde het toch liever in haar eentje doen

Plus James Worthy

Hij wacht op haar in het portiekje naast de abortus­kliniek. Vanochtend zei ze tegen hem dat ze het toch liever in haar eentje wilde doen. Hij knikte en daarna drukte hij een halve sinaasappel tegen het draaiende gedeelte van de citruspers aan.

“Dan wacht ik buiten op je,” zei hij toen hij genoeg sap voor twee glazen had.

“Dat mag. In die buurt heb je veel leuke koffietentjes. Ze hebben er vast ook croissants. Ik weet hoe dol je op die combinatie bent.”

“Om eerlijk te zijn heb ik geen honger.”

“Echt niet? Ik wel hoor, maar ik moet nuchter zijn, dus dat tweede glas sinaasappelsap is ook voor jou.”

“Nee, dat glas is voor jou. Ik zet het wel in de koelkast voor later.”

Vanuit het portiekje heeft hij zicht op het Oosterpark. 

Een manke man in een pyjamabroek met Schotse ruit laat een hond uit. 

Een vrouw jogt door het park. 

Dit is al de vierde keer dat ze voorbijkomt. Of ze is voor een ­marathon aan het trainen, of ze houdt van bomen, of ze wil gewoon nog niet naar huis. Haar koptelefoon is felroze. Ze loopt langs het dronkenlappenbankje. 

De twee mannen zijn bezig een muur van lege halveliterblikken te maken. Zoetjesaan bouwen ze een nieuw thuis van huismerkbier. 

Vanachter het muurtje kijken ze naar het achterwerk van de vrouw die steeds harder gaat lopen. Hoe mannen naar vrouwen kunnen kijken, hij schrikt er elke keer weer van. Van die gore gulzigheid. 

En het gekrijs van die uitgehongerde balzakken. Goddank heeft de hardloopster een koptelefoon op.

Hij loopt het dichtstbijzijnde koffietentje binnen en gaat zitten aan een tafel bij het raam. Naast de suikerpot ligt een tijdschrift. Op de voorkant staat in koeienletters dat spullen niet gelukkig maken. Spullen die zeggen dat spullen niet gelukkig maken, hij vindt het prachtig. Gelukkiger kun je hem niet maken.

Dan denkt de jongen terug aan de ochtend waarop hij hoorde dat ze zwanger was. Hij zat in de collegezaal en leerde iets over de philosophy of the humanities toen hij op zijn telefoon keek en zag dat ze iets aan het typen was.

Een kwartier later vertelde ze het aan hem op de ­damesafdeling van de Bijenkorf. Hij wist niet wat hij moest zeggen, dus toen kocht hij maar een zomerjas voor haar. Op het moment dat hij afrekende, wist hij wat hij moest zeggen. Helemaal niets. Hij moest ­gewoon zijn bek houden en luisteren.

“Ik wil dit echt niet. Ik wil eerst een vrouw worden en dan pas moeder, begrijp je? Dat is de juiste volgorde, toch? Dit voelt echt gek. Ik ben er niet klaar voor. Het is net alsof ik een rijbewijs heb gevonden. En nu kan ik wel gaan doen alsof ik echt kan rijden, maar dat wil ik niet. Kinderwagens hebben geen airbags.”

Hij zit weer in het portiekje naast de abortuskliniek. De deur gaat open. Daar staat ze. Hij kan zien dat ze heeft gehuild.

“Sorry, ik had geen zin om me om te kleden,” zegt ze. Ze draagt een oud T-shirt van hem. Het komt tot haar knieën. En ze draagt de zomerjas. Haar andere kleren heeft ze in een plastic tas van Bakker Bart gepropt.

“Je ziet er prachtig uit, schat.”

Hij veegt een traan van haar wang.

En zij veegt de croissantkruimels van zijn trui.

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? james@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden