Roos Schlikker Beeld Lin Woldendorp
Roos SchlikkerBeeld Lin Woldendorp

Ze stopte met drinken en begon met maken: ‘Iets van haar leven. Iets van haar liefde’

PlusRoos Schlikker

Roos Schlikker

“Soms zie ik een hele dag look-a-likes van overleden mensen die ik ken. Soms zie ik look-a-likes van levenden. Soms zie ik alleen de echte wereld: saai.”

Ze is ermee begonnen nadat haar ge­liefde stierf, enkele jaren geleden. Mijn overbuurvrouw Marianne gooit sindsdien regelmatig briefjes door mijn bus.

“Als ik kook, vind ik dat ook het laatste erwtje in de pan moet. Alleen is eenzaam. Dan maar samen het water in. Ik ben nu al zover dat ik afscheid neem van het alleene plakje kaas op brood en ik zeg sorry tegen het verlepte eten dat ik weggooi.”

Een periode schrijft ze sombertjes, maar na verloop van tijd verandert haar toon. Ze is gestopt met drinken terwijl ze ooit niet alleen met haar vrouw, maar ook met de fles getrouwd was. Tot de dood u scheidt, ze wil het niet nog eens meemaken. Die dood keek ze al te vaak in de ogen. Ambulancebroeders kenden haar adres. Aan een ernstige trapval hield ze afasie over, waardoor woorden soms in mootjes gehakt haar mond uit kukelen.

Maar ze praat. En schrijft. Er kruipt een vrolijke scheppingsdrift in haar. Ze gaat weer schilderen en op een dag ligt opeens haar vrouw in de etalage van haar galerie. Jeanette heel levend, en Jeanette ontzettend dood. Marianne stopte met drinken en begon met maken. Iets van haar leven. Iets van haar liefde. Die me toegrijnst vanaf talloze doeken.

Ze nodigt ons uit te komen eten. Eenmaal in haar keuken bekent ze: “Ik heb nog nooit boerenkool gemaakt.” Mijn man gaat in de weer met pannetjes. En ik kijk om mij en haar heen. Haar huis is een ­kermisattractie. Aan een kroonluchter bungelen een thee-ei, een kerstbal in de vorm van een vis, een barbiepopje. “Heb je die lamp zelf gemaakt?” vraagt mijn zoontje bewonderend. “Nee hoor, al die dingen bestonden al. Ze lagen alleen nog apart van elkaar.”

Marianne tuigt haar wereld op. Zij voegt alles samen, ook in haar eigen hakkelhoofd waar levenden en doden in omhelzing met elkaar dansen.

Ik prik in mijn rookworst. Zij reddert met borden. “Vind je dit servies mooi? Ja? Wil je het hebben?”

Ooit krabbelde ze me: “Ik moet iets bekennen. Hoe leuk ik het ook vind dat iemand mijn schrijfsels leest, toch besef ik dat ik het alleen voor mezelf doe. Rouw gaat niet alleen over je overleden geliefde. Rouw gaat over alles wat je stom of fout gedaan hebt. Mijn enige therapie is al die dingen de revue laten passeren terwijl ik naar iets moois of liefs kijk.”

Vandaag schrijft ze: “Is kunst een manier om te overleven? De luxe is dat je in een parallelle wereld kunt zijn. Met fictie. En dromen. Zo komen leven en dood bij elkaar.”

Terwijl ik lees, zie ik haar aan de ­overkant tikkend onder een lampje. En ik weet: haar excuses waren onterecht. Want Marianne schrijft niet alleen voor zichzelf. Ze bouwt een wereld. Voor haar. Voor mij. En voor iedereen die eenzame erwtjes in de pan gooit.

Roos Schlikker (1975) is journalist en schrijfster van boeken en toneelstukken. Elke zaterdag schrijft ze een column voor Het Parool.

Reageren? r.schlikker@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden