null Beeld Sjoukje Bierma
Beeld Sjoukje Bierma

Winter in Amsterdam

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Het wordt kouder. Later in de week buien, ‘mogelijk een keer met een winters karakter’, lees ik in de krant.

Winters karakter, mooie term.

Het is een vooraankondiging. Een blijmakertje.

Er is een moment in het jaar dat je zin krijgt in de winter. Dat het echt koud mag worden, en dat je ’s ochtends, als je naar buiten kijkt, verrast wordt door het witte kleed dat in de nacht over de stad is gelegd.

Al is het nog lang geen winter.

Want nog lang niet alle bomen zijn leeggewaaid.

En een paar dagen geleden fietste ik nog met de jas open naar de supermarkt.

Maar die woorden ‘winters karakter’.

En ik ben er klaar voor. Laat maar komen die winter.

Dat komt ook door dat fotoboek dat hier op tafel ligt.

Winter in Amsterdam.

Met foto’s van Marie-Jeanne van Hövell tot Westerflier. En een inleidend essay van Oek de Jong.

Prachtige foto’s van een verstilde stad, geïnspireerd op de foto’s die George Hendrik Breitner (1857-1923) maakte. Bijna tijdloze foto’s van het Vondelpark, de Raadhuisstraat en de Dam.

Iedereen kent de sensatie ’s avonds alleen over sneeuw te lopen en dat je door het gedempte geluid, en alleen begeleid door je eigen geknerp, denkt dat je de enige mens in die lege en stille wereld bent.

Die leegte en stilte zie je ook terug op de foto’s in Winter in Amsterdam.

Daardoor is het in zekere zin ook een angstaanjagend boek.

Als je het met de ogen van deze tijd bekijkt. De komende tijd, moet ik zeggen.

Met wellicht weer een lockdown op komst.

‘Toen ik de winterse stadsbeelden van Van Hövell voor het eerst zag, verbaasde het me dat ze deze foto’s van de stad had kunnen nemen met zo weinig van het alledaagse stadsleven en zo weinig hedendaagsheid in het beeld,’ schrijft De Jong in zijn essay.

‘Waar zijn de auto’s en de vrachtwagens, de vele fietsers en scooters, de nog talrijker voetgangers, de zo vertrouwde trossen fietsen aan de brugleuningen, de reclames en uithangborden?’

Alsof iets dat alles heeft weggevaagd.

Toch is het niet zo dat er helemaal geen leven is te zien op de foto’s. We zien mensen, vooral als er ijs op de grachten ligt.

En dat is dan weer bemoedigend.

Eerder dit jaar lag er ijs hier op de Oosterringvaart.

Op een zaterdag, de lockdown was net verlengd, had een grote groep jongeren zich de ijsvloer toegeëigend met flessen bier en wijn. Met hun eigen interpretatie van de anderhalvemeterregel (0 tot 10 centimeter).

Luide muziek. Armen om elkaars schouders. Lachen, dollen, schreeuwen, elkaar het hof maken. Uitzinnig gedrag zonder agressie of kwade zin. Levensvreugde, pure levensvreugde. Tot ver na het donker werd er gefeest.

Een foto van dat tafereel had niet misstaan in Winter in Amsterdam. Om de moed erin te houden.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden