‘Willen we nog wel terug?’ klinkt het steeds vaker in huize Sauer

PlusDerk Sauer

“Mis jij Moskou ook zo?” vroeg ik Jan-Willem terwijl we op een stralende dag uitkeken over de Noordzee. “Ja man, het begint vreselijk te kriebelen. Hoe mooi het hier ook is, we moeten terug.”

We kennen Jan-Willen en zijn vrouw Mirjam al sinds de jaren negentig, toen ze op de bonnefooi van Eindhoven verkasten naar Rusland, het land met – toen nog – ongekende mogelijkheden. Hun twee dochters groeiden samen met onze zonen op en door alle crises heen deelden we lief en leed.

Jan-Willem zat eerst in het transport. Hij bouwde de Russische vestiging van het Amsterdamse Koopmans International op en runt nu zijn eigen selfstoragebedrijf in Moskou: een gat in de markt omdat vrijwel iedereen in Rusland in een benauwde flat woont.

In april waren Mirjam en Jan-Willem op bezoek bij hun inmiddels afgestudeerde dochters toen plotsklaps de grens met Rusland dichtging. Ons verging het niet veel anders. Mijn vrouw Ellen vloog met de laatste lijnvlucht van Moskou naar Amsterdam om haar moeder uit het verzorgingstehuis te halen, waar het coronavirus net was uitgebroken. Ik volgde ik mei na een zware lockdown van drie maanden in onze datsja.

Sindsdien volgen we de gebeurtenissen in Rusland op afstand. Nederland bleek een oase van georganiseerdheid in vergelijking met de chaos en vooral onzekerheid in Rusland. Geen statistiek viel te vertrouwen, zo bleek uit de vele reportages in The Moscow Times, die zoon Pjotr de wereld instuurde.

En wat genoten we van de alledaagse dingen in Nederland. Een wandeling naar de Albert Heijn met vakken vol biologische producten. Elke ochtend vroeg een duik in de Noordzee.

In Rusland ging het van kwaad tot erger: Navalny vergiftigd, Poetin die schaamteloos ‘de laatste dictator van Europa’ in het zadel houdt en faciliteert dat in Belarus mensen worden gearresteerd en gemarteld. Teleurstelling ook over de stilte die daarop volgde. Geen demonstraties om Navalny te steunen, nauwelijks vooraanstaande Russen die het opnemen voor Belarus.

“Willen we nog wel terug?” klinkt het steeds vaker in huize Sauer. Bij onze vrienden Jan-Willen en Mirjam – die hun hele hebben en houden in Rusland hebben geïnvesteerd – is het niet anders. En toch begint het steeds meer te knagen.

We missen de buzz van Moskou. De betovering van het Rode Plein. De wandeling langs de Moskva. De geur van de naaldbomen bij ons huis. De markten waar je honing uit Siberië en tomaten uit Azerbeidzjan koopt. De etentjes met uitgebreide toasts bij onze vrienden. En natuurlijk onze zonen en bovenal, onze zeven maanden oude kleindochter Charlotte, die in Moskou wonen.

Nu Covid-19 overal weer oplaait, mag God weten wanneer de grenzen met Rusland weer opengaan.

“Weet je wat,” zei Jan-Willem, “visum of niet, we pakken de auto en rijden naar Rusland. Neem foto’s van je kleindochter mee, roep dat je een dedoesjka bent. Dan lullen we ons vast naar binnen.”

Derk Sauer is uitgever van The Moscow Times en columnist bij Het Parool. Hij is ook ­oprichter van de Russische krant Vedomosti en oud-uitgever van RBK Gazeta.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden